1. De andere twee dieselversies van de Defender, de D200 en de D300, hebben 200 en 300 paarden onder de motorkap en kosten 53.600 en 64.200 euro. Daarmee is de D200 de goedkoopste versie van de korte Defender. Voor benzine is het kiezen uit de P300 en de P400, met 300 e...

1. De andere twee dieselversies van de Defender, de D200 en de D300, hebben 200 en 300 paarden onder de motorkap en kosten 53.600 en 64.200 euro. Daarmee is de D200 de goedkoopste versie van de korte Defender. Voor benzine is het kiezen uit de P300 en de P400, met 300 en 400 paarden en een instapprijs van 57.900 en 67.200 euro. 2. Alleen benzine- en dieselmotoren: het past niet in het toekomstige Europese autolandschap. Europa besliste dat vanaf 2035 alleen auto's met een nuluitstoot mogen worden verkocht. In de praktijk voldoen alleen volledig elektrische auto's aan die voorwaarde. Bij Land Rover zijn ze het er al over eens dat een klassieke elektrische Defender met een batterij onhaalbaar is, omdat de auto op zich al behoorlijk zwaar is en de autonomie vooral in de winter ontoereikend zou zijn voor het zware terreinwerk - een elektrische auto levert bangelijk veel rijbereik in bij vriestemperaturen. 3. De ingenieurs van Land Rover zijn druk bezig met het prototype van de door waterstof aangedreven Defender: die motor is ook elektrisch, maar de stroom wordt niet geleverd door een batterij. Een brandstofcel zet waterstof om in elektriciteit en waterdamp, zodat vervuilende emissie. Als er voldoende stations komen, biedt waterstof ook het voordeel dat een tankbeurt amper langer duurt dan wat we met benzine of diesel gewoon zijn.