Er zijn maar weinig merken die zo globaal zijn als James Bond. Zowat de helft van de wereldbevolking zou ooit al een James Bondfilm hebben gezien. 2008 wordt trouwens een gedenkwaardig Bondjaar, want het is precies honderd jaar geleden dat Ian Fleming, de bedenker van Bond, geboren werd.
...

Er zijn maar weinig merken die zo globaal zijn als James Bond. Zowat de helft van de wereldbevolking zou ooit al een James Bondfilm hebben gezien. 2008 wordt trouwens een gedenkwaardig Bondjaar, want het is precies honderd jaar geleden dat Ian Fleming, de bedenker van Bond, geboren werd. Twee evenementen zullen die verjaardag omringen. In de eerste plaats is er de start van een tien maanden durende tentoonstelling in het Imperial War Museum in Londen. Je zult er onder meer geannoteerde manuscripten, waaronder dat van Flemings kinderboek Chitty Chitty Bang Bang, kunnen bewonderen, maar ook een Colt Python .357 Magnumrevolver die hij in 1964 als geschenk kreeg, een prototype van de stiletto van Rosa Klebb en de bikini die Halle Berry droeg in de film Die Another Day. Het tweede evenement zal de publicatie zijn van een nieuwe Bondroman, Devil May Care op 28 mei. Mocht hij terugkeren naar de aarde, dan zou Fleming misschien verwonderd zijn te vernemen dat er zo lang na zijn dood in 1964 nog altijd Bondboeken verschijnen. Het eerste Colonel Sun werd in 1968 geschreven door Kingsley Amis (onder het pseudoniem Robert Markham) en sindsdien kwamen er nog twintig van de persen. De nieuwste, geschreven door Sebastian Faulks, de auteur van Birdsong, CharlotteGray en de recentste, Engleby, is gesitueerd in 1967 en bevat zowat alle ingrediënten van de originele Bondwerken: bekoorlijke meisjes en ongure booswichten die zich bezighouden met karakteristieke activiteiten op exotische plekken. Fleming zou misschien gevleid geweest zijn door de kracht van zijn literaire wederopstanding. Hij was zelf een verwoed verzamelaar. Hij kocht boeken (die zich nu in de University van Indiana in Bloomington bevinden) "die een mijlpaal vormen in de vooruitgang - boeken die iets op gang hebben gebracht". Hij dacht daarbij weliswaar aan ontdekkingen, uitvindingen en theorieën, maar hij zou toch ook tevreden geweest zijn dat zijn eigen boeken een wereldwijd fenomeen op gang hebben gebracht. Hoe groot zijn appeal bij buitenlanders ook is, het is nauwelijks verwonderlijk dat de Britten het voor Bond hebben. Hij is tegenspelers van allerlei slag te slim af en laat zelfs de Amerikanen wat als ploeteraars overkomen. De geheim agent wordt voorgesteld als de verpersoonlijking van de Britse stijl, verfijndheid en vernuftige superioriteit. In de jaren vijftig, waarin zeven van de oorspronkelijke veertien Bondboeken geschreven werden, was dat nu net wat de Britten niet waren. Groot-Brittannië kende toen tijden van saai conformisme, om niet te zeggen grimmigheid. Stijl, daadkracht en opwinding waren al net zo schaars als reizen naar exotische plaatsen, gadgets die ook werkten en om het even welk voedsel naast gekookte aardappelen en te lang gegaard vlees. De Britten waren door de oorlog in armoede gedompeld, trokken zich terug uit hun imperium, werden vernederd door voorvallen als de Suezcrisis en hadden moeite om hun economie aan de praat te krijgen. Bond bood een vluchtmogelijkheid uit de werkelijkheid. Het waren uiteraard de films die Bond zo bekend gemaakt hebben (de 22ste Bondfilm wordt verwacht in november 2008), maar het eeuwfeest zou ertoe kunnen bijdragen dat de boeken opnieuw onder de aandacht komen. Ze werden in de tijd belachelijk gemaakt door menig literatuurcriticus en hun reputatie is sindsdien maar langzaam verbeterd. Sommige Bondhaters wezen ze af omdat ze te veel seks, snobisme en geweld bevatten. Anderen noemden ze commercieel en beschimpten wat nu zou omschreven worden als productplacement, hoewel John Betjeman, een bijna-tijdgenoot van Fleming, in zijn gedichten uit diezelfde periode net met hetzelfde bezig was. Het verschil is dat Betjeman zaken als Hillman-sedans en Ovaltine vermelde, terwijl Fleming het had over opgefokte Bentleys en Bollinger- champagne. Fleming schreef geen grote literatuur. Dat was ook niet zijn bedoeling. Maar hij bezat wel de gaven van een goede journalist - hij begon zijn carrière bij Reuters. Hij schreef een spits, levendig en zo goed als clichéloos proza. Nog altijd kunnen velen niet aan de verleiding weerstaan om de pagina's om te slaan. DE AUTEUR IS EEN MEDEWERKER VAN THE ECONOMIST EN GETROUWD MET DE NICHT VAN IAN FLEMING.Door John Grimond