De bouwsector wordt weleens de motor van de economie genoemd. Als die vlot op gang komt na een crisis, is dat een hoopvol teken. De heropstart is volop bezig. "De eerste week van de coronacrisis waren we alleen bezig met de veiligheidsmaatregelen voor onze medewerkers en hoe we de werven veilig konden beheren", zegt Peter Temmerman, CEO van Alheembouw, de Stadense aannemer die sterk gespecialiseerd is in industrie- en scholenbouw. "Vanaf week twee werkten we aan het heropstartscenario. Dat voeren we sinds vorige week uit. De mijlpaal was 20 april, de dag na de paasvakantie. Toen begonnen de meeste aannemers met de heropstart. Alle onze werven draaien ondertussen opnieuw."
...

De bouwsector wordt weleens de motor van de economie genoemd. Als die vlot op gang komt na een crisis, is dat een hoopvol teken. De heropstart is volop bezig. "De eerste week van de coronacrisis waren we alleen bezig met de veiligheidsmaatregelen voor onze medewerkers en hoe we de werven veilig konden beheren", zegt Peter Temmerman, CEO van Alheembouw, de Stadense aannemer die sterk gespecialiseerd is in industrie- en scholenbouw. "Vanaf week twee werkten we aan het heropstartscenario. Dat voeren we sinds vorige week uit. De mijlpaal was 20 april, de dag na de paasvakantie. Toen begonnen de meeste aannemers met de heropstart. Alle onze werven draaien ondertussen opnieuw."Industriebouw loopt vrij vlot, de scholenbouw is wat moeilijker omdat de werven kleiner zijn en anderhalve meter afstand dus moeilijker is. Temmerman: "Daarom gaven we voorrang aan de industriebouw, die soms voor zit op schema. Onze grote klanten willen dat het vooruit gaat. Onze tekenaars bleven de voorbije weken nijver doorwerken. De druk is hoog om aan de uitvoering te beginnen, want de rekeningen moeten betaald worden."De Mechelse bouwgroep Willemen was een van de eerste aannemers om de activiteit sterk af te bouwen toen de crisis uitbrak. "We zagen de verschrikkelijke beelden uit de Italiaanse ziekenhuizen. Er was paniek", zegt CEO Tom Willemen. "Dat wilden we onze mensen absoluut niet aandoen. Door hen onmiddellijk thuis te houden, kwam ons bedrijf tot rust. Het was reculer pour mieux sauter. De week na de sluiting waren onze werf- en projectleiders al bezig met de heropstart. Die is nu volop bezig."Manu Coppens, topman van de Antwerpse bouwbedrijven Van Laere en MBG (beide uit de groep Ackermans & van Haaren) vindt de verplichte anderhalve meter afstand het meest hinderlijk. "Na de eerste tekenen van de coronacrisis is de bouwwereld in een kramp geschoten", stelt hij. "Werven gingen snel dicht, misschien te snel. Stilaan leren we creatief om te gaan met de anderhalve meter afstand tussen de bouwvakkers. Maar het blijft moeilijk, want we moeten vermijden dat te veel werk blijft liggen en een werf blokkeert. Bij grond- en funderingswerken is die afstand gemakkelijker haalbaar. We hebben bijvoorbeeld van het sterk verminderde verkeer geprofiteerd om bij de werken aan de Oosterweelverbinding versneld aan te leggen. Dat was voor juli gepland.""Het is van uiterst groot belang dat de economie weer op gang komt", stelt Tom Willemen. "Maar een tweede lockdown kunnen we echt wel missen. Vandaar dat het zo belangrijk is dat de regels in deze overgangsperiode worden gerespecteerd. Maar voor 10 tot 15 procent van onze mensen is het onmogelijk om de anderhalve meter afstand te bewaren. Je kan geen tegel van 40 kilo alleen tillen, of gezamenlijk een plan bestuderen en toch de afstand bewaren. Dit werk maakt het verschil. Een café voor de helft openhouden, is erger dan het dichthouden. Als je door de veiligheidsmaatregelen maar deels kunt opstarten, mis je als bouwbedrijf net die marge die je draaiende houdt."Daarom hopen de meeste aannemers dat alle werken kunnen worden uitgevoerd op een veilige afstand, of onder een ander veiligheidsregime, zoals mondmaskers en regelmatige ontsmetting. Willemen: "Net als in Frankrijk, Nederland, Luxemburg en Duitsland."Marc Vorsselmans van de gelijknamige gevel- en ramenbouwer uit Wuustwezel maakt de vergelijking. "In Nederland kunnen we al onze werken uitvoeren", weet hij. "In België slechts een kwart. Heel wat aannemers hebben te emotioneel gereageerd en alle werven te snel dichtgegooid. Ik heb elke week met mijn medewerkers gepraat over de aanpak. We garanderen een veilige omgeving, maar vroegen ook fairplay van hun kant. We hebben ook nieuwe technieken ingevoerd. Een medewerker van ons kan nu met een speciale machine in zijn eentje vensters tot 200 kilo plaatsen. Deze crisis maakt ons creatief."De Confederatie Bouw, Bouwunie, de Beroepsvereniging van de bouwhandelaar en de socialistische vakbond ABVV hebben al een protocolakkoord afgesloten voor een veilige algemene heropstart van de bouwactiviteiten vanaf 4 mei. Ook de Vereniging der Belgische Aannemers gebruikt een risicoanalyse over de manier van werken in de coronacrisis. Coppens wil de aanpassing van de veiligheidsnormen grondig doornemen met de vakbonden en de overheid. "De bonden zijn erg constructief", signaleert hij. "We schatten samen open en transparant het bedrijfsrisico in. Vanaf dag één 100 procent foutloos werken zal echter onmogelijk zijn. De overheid mag dat ook niet eisen, en zal dat wellicht ook niet doen."Een tweede pijnpunt bij de heropstart is het tekort aan arbeiders. Peter Temmerman (Alheembouw): "Onze 240 buitenlandse arbeiders zijn snel vertrokken, omdat ze vreesden hier in quarantaine te worden gedwongen. Na vijf dagen waren ze allemaal weg. Ik vrees dat het lang duurt eer ze terugkomen. Het bewijst dat we die Polen en Portugezen echt wel nodig hebben om te overleven."Ook bij Willemen verloopt de terugkeer van de buitenlandse werknemers traag. "De Portugese overheid laat hun vertrek toe, maar ze botsen soms figuurlijk op grenzen", zegt Tom Willemen. "Er is vooral veel onzekerheid over de situatie in Duitsland, Frankrijk en Spanje. Een Europese aanpak is nodig." "Onze buitenlandse arbeiders zijn essentieel om normaal te kunnen werken", beaamt Manu Coppens. "Er zijn bedrijven die vliegtuigen charteren voor de overkomst."Eén en ander wijst erop dat werkloosheid in de bouwsector niet te vrezen is. "Zeker niet", zegt Temmerman. "Er is werk zat. We zouden gerust een tandje kunnen bijsteken. De overheid kan helpen door het tewerkstellingsbeleid te versoepelen en meer mensen aan het werk te helpen. Als de industrie een versnelling omhoog kan, is dit de beste manier om de economische gevolgen van de crisis te milderen. Voorts kan de overheid de bouwsector nog meer inschakelen door eindelijk werk te maken van grote infrastructuurwerken. Waarborgfondsen en andere ingrepen zijn niet meer dan pleisters op de wonde. Laat de ondernemers ondernemen en de motor zal opnieuw aanslaan."Vorsselmans: "Tot voor kort werkten we met 80 procent van onze mensen. Volgende week moet dat 100 procent zijn. Wij zullen onze activiteiten versnellen. Onze commerciële mensen bleven niet stilzitten. Er is veel onderhandeld over nieuwe contracten. Verleden week haalden we grote werken binnen voor Londen en Amsterdam. Een geluk bij een ongeluk is dat er geen grote schokken zijn in de aanlevering van materiaal uit het buitenland."Nogal wat aannemers vreesden nochtans dat materialentekort de heropstart zou vertragen. Kathleen Verhelst, gedelegeerd bestuurder van het Oudenburgse Verhelst Bouwmaterialen, met 115 miljoen euro een van de grootste materiaalleveranciers voor de bouwsector: "Daar was en is geen enkele reden voor. De productie van betonprefab in onze fabrieken blijft op volle toeren draaien. Ook de instroom van tegels en keramiek uit Noord-Italië verloopt gestaag. Misschien moeten keuzes wel worden aangepast in functie van de beschikbaarheid in de magazijnen. Wie vandaag iets courant kiest, krijgt sneller zijn bestelling. Wie iets speciaal wil, moet mogelijk even wachten."Niet het materiaal is het probleem, wel de geschikte arbeiders vinden. "Er is druk om de achterstand van de voorbije maanden in te halen", voorspelt Verhelst. " Hét grote probleem wordt mankracht, in de burelen, op de productievloer en op de werven. Fairplay en respect zijn nu gepast. De productieketen moet nog op gang komen. Dat is geen nieuw fenomeen. De weken voor bouwvakantie is er ook altijd een rush op bouwmaterialen. We werken dan in twee tot zelfs drie shifts per dag. Dat zal binnenkort ook het geval zijn."