Of het moet de Chinese partijtop geweest zijn, die toen al wist dat er in de provincie Wuhan een nieuw besmettelijk virus was opgedoken, maar verzuimde om die informatie met de eigen bevolking en de rest van de wereld te delen. Het gaf het coronavirus (Covid-19) de kans om zich in deze sterk verbonden wereld snel te verspreiden. Naast de menselijke ellende, dreigt ook de economische schade hoog op te lopen. Nu het virus onder meer in Iran, Zuid-Korea en Italië opduikt, rijst de vraag welke regio's en steden straks aan de beurt zijn, en hoe groot het economische besmettingsgevaar is. En hoe schadelijk de misschien overdreven maar wel begrijpelijke reacties van de overheden en de bevolking worden. Zoveel vragen en onzekerheden werden maandag ook de beurzen te veel. Beleggers maakten prompt een einde aan de staat van ontkenning, of de hoop dat het allemaal wel zou meevallen. De crash van de grondstoffenprijzen, de hausse van het goud en de verdere daling van de rentevoeten vertelden al langer het andere, minder rooskleurig verhaal dat er geen economisch vaccin is als het coronavirus de hele wereldeconomie besmet.

Het is te vroeg voor coronapaniek.

Beleggers maakten lang een vergelijking met de uitbraak van het SARS-virus in 2002. Dat was dodelijker dan het coronavirus, maar minder besmettelijk en dus gemakkelijker in te dijken. Ook de economische impact bleef beperkt omdat China nog als een peuter huppelde in de wereldeconomie. Het belang van de Chinese economie in het mondiale bbp is intussen vervijfvoudigd, en China is zowel een van de grootste afnemers als een van de grootste toeleveraars in heel wat sectoren. Een kettingreactie van productieproblemen is onvermijdelijk als grote delen van de Chinese economie stilgelegd worden. Tijdelijk is dat geen ramp. Productiestops kunnen worden ingehaald, bestedingen kunnen worden goedgemaakt. Maar houdt de malaise langer aan, ook buiten China, dan dreigen heel wat zwakkere bedrijven, degene met een hoge schuldenlast en zwakkere rendabiliteit, het coronavirus niet te overleven. Vergeet niet dat heel wat bedrijven uit de groeilanden veel schulden in Amerikaanse dollar torsen, terwijl die munt als veilige haven stevig in waarde is gestegen. Bij een langdurige pandemie kunnen de centrale banken en overheden vol aan de bak om de impact te beperken. Op nog langere termijn dreigt permanente schade als multinationals als reactie op een verhoogd risico van chronische handelsoorlogen en herhaalde virusuitbraken hun mondiale productiekettingen afbouwen. De factuur van zelfs een milde deglobalisering kan hoog oplopen.

Tina haalt het wellicht van Corona.

Zover zijn we gelukkig nog niet. De wereldeconomie was zelfs bezig om zich langzaam te herstellen van de appelflauwte van vorig jaar. Het staakt-het-vuren in de Amerikaans-Chinese handelsoorlog zorgde voor genoeg groene scheuten om een nieuwe lente aan te kondigen. De optimisten verwachten zelfs dat de economie een extra zweepslag zal krijgen van een wereldwijd nog expansiever monetair en fiscaal beleid als reactie op de coronaschok. China bijvoorbeeld maakte de voorbije jaren werk van een afbouw van de schuldverslaving, maar nu zijn er andere prioriteiten. De economie moet snel herstellen, zeker nu het gezag en aanzien van het regime beschadigd is, en dus gaat de kredietkraan open. China wil eerst genezen, en pas daarna de financiën beheren.

Als het coronavirus de wereldeconomie belaagt zoals het een relatief gezonde mens teistert - tijdelijk en vervelend, maar niets blijvend en schadelijk - dan mag de schrikreactie op de beurzen als een gezonde daling gezien worden. De beurskoersen hebben de voorbije maanden een vrij grote voorsprong genomen op de bedrijfswinsten, wat de beurzen kwetsbaar maakte voor een correctie. De fundamenten onder de beurshausse van de voorbije jaren staan echter nog altijd overeind. De bedrijfswinsten houden minstens stand en de rente blijft onveranderd zeer laag. Beleggers op zoek naar een scheutje rendement komen vroeg of laat opnieuw uit bij aandelen. Tina haalt het wellicht van Corona.

Of het moet de Chinese partijtop geweest zijn, die toen al wist dat er in de provincie Wuhan een nieuw besmettelijk virus was opgedoken, maar verzuimde om die informatie met de eigen bevolking en de rest van de wereld te delen. Het gaf het coronavirus (Covid-19) de kans om zich in deze sterk verbonden wereld snel te verspreiden. Naast de menselijke ellende, dreigt ook de economische schade hoog op te lopen. Nu het virus onder meer in Iran, Zuid-Korea en Italië opduikt, rijst de vraag welke regio's en steden straks aan de beurt zijn, en hoe groot het economische besmettingsgevaar is. En hoe schadelijk de misschien overdreven maar wel begrijpelijke reacties van de overheden en de bevolking worden. Zoveel vragen en onzekerheden werden maandag ook de beurzen te veel. Beleggers maakten prompt een einde aan de staat van ontkenning, of de hoop dat het allemaal wel zou meevallen. De crash van de grondstoffenprijzen, de hausse van het goud en de verdere daling van de rentevoeten vertelden al langer het andere, minder rooskleurig verhaal dat er geen economisch vaccin is als het coronavirus de hele wereldeconomie besmet.Beleggers maakten lang een vergelijking met de uitbraak van het SARS-virus in 2002. Dat was dodelijker dan het coronavirus, maar minder besmettelijk en dus gemakkelijker in te dijken. Ook de economische impact bleef beperkt omdat China nog als een peuter huppelde in de wereldeconomie. Het belang van de Chinese economie in het mondiale bbp is intussen vervijfvoudigd, en China is zowel een van de grootste afnemers als een van de grootste toeleveraars in heel wat sectoren. Een kettingreactie van productieproblemen is onvermijdelijk als grote delen van de Chinese economie stilgelegd worden. Tijdelijk is dat geen ramp. Productiestops kunnen worden ingehaald, bestedingen kunnen worden goedgemaakt. Maar houdt de malaise langer aan, ook buiten China, dan dreigen heel wat zwakkere bedrijven, degene met een hoge schuldenlast en zwakkere rendabiliteit, het coronavirus niet te overleven. Vergeet niet dat heel wat bedrijven uit de groeilanden veel schulden in Amerikaanse dollar torsen, terwijl die munt als veilige haven stevig in waarde is gestegen. Bij een langdurige pandemie kunnen de centrale banken en overheden vol aan de bak om de impact te beperken. Op nog langere termijn dreigt permanente schade als multinationals als reactie op een verhoogd risico van chronische handelsoorlogen en herhaalde virusuitbraken hun mondiale productiekettingen afbouwen. De factuur van zelfs een milde deglobalisering kan hoog oplopen.Zover zijn we gelukkig nog niet. De wereldeconomie was zelfs bezig om zich langzaam te herstellen van de appelflauwte van vorig jaar. Het staakt-het-vuren in de Amerikaans-Chinese handelsoorlog zorgde voor genoeg groene scheuten om een nieuwe lente aan te kondigen. De optimisten verwachten zelfs dat de economie een extra zweepslag zal krijgen van een wereldwijd nog expansiever monetair en fiscaal beleid als reactie op de coronaschok. China bijvoorbeeld maakte de voorbije jaren werk van een afbouw van de schuldverslaving, maar nu zijn er andere prioriteiten. De economie moet snel herstellen, zeker nu het gezag en aanzien van het regime beschadigd is, en dus gaat de kredietkraan open. China wil eerst genezen, en pas daarna de financiën beheren. Als het coronavirus de wereldeconomie belaagt zoals het een relatief gezonde mens teistert - tijdelijk en vervelend, maar niets blijvend en schadelijk - dan mag de schrikreactie op de beurzen als een gezonde daling gezien worden. De beurskoersen hebben de voorbije maanden een vrij grote voorsprong genomen op de bedrijfswinsten, wat de beurzen kwetsbaar maakte voor een correctie. De fundamenten onder de beurshausse van de voorbije jaren staan echter nog altijd overeind. De bedrijfswinsten houden minstens stand en de rente blijft onveranderd zeer laag. Beleggers op zoek naar een scheutje rendement komen vroeg of laat opnieuw uit bij aandelen. Tina haalt het wellicht van Corona.