In het economendom is het bruto binnenlands product (bbp) de graadmeter bij uitstek om de staat van een economie op te meten. Ten onrechte, stelt Piya Sachdeva, econome bij de vermogensbeheerder Schroders. Zij kwam tot die vaststelling toen ze voor zichzelf naging wat haar geholpen heeft om in de afgelopen covid-periode de moed erin te houden en haar geluksgevoel op te krikken. "Allemaal zaken die je niet met geld kunt kopen", was haar conclusie.
...

In het economendom is het bruto binnenlands product (bbp) de graadmeter bij uitstek om de staat van een economie op te meten. Ten onrechte, stelt Piya Sachdeva, econome bij de vermogensbeheerder Schroders. Zij kwam tot die vaststelling toen ze voor zichzelf naging wat haar geholpen heeft om in de afgelopen covid-periode de moed erin te houden en haar geluksgevoel op te krikken. "Allemaal zaken die je niet met geld kunt kopen", was haar conclusie.Er zijn veel stromingen in de economie die de zaligmakendheid van het bbp in vraag stellen. Zo is er de zogenaamde Beyond GDP-beweging die zoekt naar andere graadmeters waarmee het welzijn en geluk van mensen te peilen. De Belgische Oxford-econoom Jan-Emmanuel De Neve is daar met zijn jaarlijkse World Hapiness report een voortrekker in.Sachdeva van Schroders dook ook in de data om zicht te krijgen op het verband tussen geld of inkomen, en geluk. En dat verband is er zeker volgens de cijfers. Er is een duidelijke link tussen het bbp per hoofd van de bevolking en hoe gelukkig die bevolking zich voelt. Een hoger inkomen zorgt voor een hogere score op de geluksindex.Die link is wel beperkt. Er zit een limiet op hoeveel inkomen bijdraagt aan geluk. Vanaf een jaarinkomen van 70.000 dollar plafonneert het geluksgevoel van mensen, en daalt het zelfs een beetje, volgens Sachdeva's berekeningen.Omdat geld maar tot op een bepaald niveau je geluksgevoel voedt, is ze op zoek gegaan naar andere factoren die een invloed hebben op ons welgevoelen. Zij kwam uit bij gezondheid en corruptie, of beter gezegd bij de perceptie van mensen rond die twee zaken.Hoe meer vertrouwen mensen hebben in de openbare instellingen en de bedrijven van het land waar ze wonen, hoe gelukkiger ze zich voelen. Andersom, hoe groter hun perceptie van corruptie, hoe lager het geluksgevoel. De cijfers die Sachdeva daarover terugvond, zijn enigszins ontluisterend. Het land met het hoogste corruptiegevoel is Roemenië, gevolgd door Portugal en Hongarije. Italië en Griekenland scoren ook heel slecht. De Scandinavische landen zijn dan weer vertrouwenskampioenen, wat deels verklaart waarom ze zo hoog scoren in allerlei geluksenquêtes.Hetzelfde geldt voor gezondheid, hoe hoger de perceptie van mensen over hun gezondheid, hoe gelukkiger. Anomalieën daar zijn Canada, Nieuw-Zeeland en de VS waar mensen zich veel gezonder voelen dan de cijfers over de levensverwachting zouden doen vermoeden. Het omgekeerde geldt voor Japan waar de levensverwachting heel hoog is maar de mensen zich algemeen heel slecht voelen, op het miserabele af, zo blijkt uit de cijfers.Verder stelt de Schroders-econome zich de vraag of er ook verband is tussen de prestaties van financiële markten en hun gelukscores. Daar zag ze geen directe link. Gelukkigere landen blinken niet uit in beursprestaties. Verwacht dus geen hapiness-ETF's.Die geluksbril kan beleggers wel helpen om de risico's van zogenaamde meer ongelukkige markten te vermijden. Corruptie heeft vaak te maken met gebrekkig bestuur, het zogenaamde governance, oftewel de G in ESG (environmental, social and governance). Landen die hoog scoren op die G omwille van goede bestuursregels voor de economie en het bedrijfsleven zijn minder riskant voor beleggers. In dat opzicht heeft geluk wel zijn impact op markten en beleggers, concludeert de econome.