In elk domein duikt om de zoveel tijd wel een contraire geest op die de zaken op zijn kop zet en de rest wil doen inzien dat ze het mis hebben. Onder economen neemt Warren Mosler al een kleine dertig jaar die rol op zich. Hij is een van de grondleggers van de moderne monetaire theorie (MMT). Die stroming, die lang als marginaal is beschouwd, wint de jongste jaren aanhang.
...

In elk domein duikt om de zoveel tijd wel een contraire geest op die de zaken op zijn kop zet en de rest wil doen inzien dat ze het mis hebben. Onder economen neemt Warren Mosler al een kleine dertig jaar die rol op zich. Hij is een van de grondleggers van de moderne monetaire theorie (MMT). Die stroming, die lang als marginaal is beschouwd, wint de jongste jaren aanhang. Mosler was een succesvolle obligatiehandelaar en de CEO van zijn eigen investeringfonds. Zijn ervaring als trader bracht hem een goed begrip van de werking van het monetaire systeem bij. Hij zag in dat veel van wat we over economie denken te weten, niet klopt, bijvoorbeeld over de rol van geld en belastingen, of over de impact van de rente en inflatie. Sinds hij eind jaren negentig met pensioen ging, besteedt hij het gros van zijn tijd aan het uitdragen van de MMT. "Het was een lang en lastig proces om de beginselen ervan, die heel eenvoudig zijn, bij beleidsmakers en in academische middens te doen doordringen", vertelt hij. "Maar in die dertig jaar heeft niemand kunnen aantonen dat ze verkeerd zijn. De MMT is bulletproof." "De MMT legt uit hoe het monetaire systeem werkt", zegt Mosler. "Zodra je dat doorhebt, kun je dat begrip inzetten voor beleidsdoelstellingen. Die worden uiteindelijk gesteld door politici. De MMT zelf schrijft geen beleid voor." Een van de belangrijkste inzichten is hoe geld in het monetaire systeem ontstaat. "Politici denken dat ze belastingen moeten heffen om overheidsuitgaven te kunnen doen, of dat ze geld moeten lenen als ze meer willen uitgeven dan ze innen met belastingen", stelt Mosler. "In werkelijkheid is het omgekeerd: de overheden geven eerst geld uit, dat terechtkomt in de privésector. Die kan dat gebruiken om belastingen te betalen of overheidsobligaties te kopen. Overheden zijn de enige bron van ons geld." Dat maakt dat we anders moeten nadenken over veel aspecten van onze economie. Te beginnen bij overheidsschulden: waarom zou een overheid geld lenen, als ze er zelf de enige bron van is? "De overheidsschuld is niet meer dan het verschil tussen het geld dat de overheid eerst heeft uitgegeven en daarna met belastingen heeft teruggevorderd", verklaart Mosler. Als de overheid geld uitgeeft, komt dat op bankrekeningen in de vorm van centralebankreserves. "Als de overheid daar obligaties voor uitgeeft, verschuift dat geld gewoon van een reserverekening bij de centrale bank naar een effectenrekening bij diezelfde centrale bank. Dat een land schuldpapier uitgeeft, is een beleidskeuze. Het hoeft dat niet te doen." Als voorbeeld geeft hij Pompei, de Romeinse stad die 2000 jaar geleden door een vulkaanuitbarsting bedolven werd. In de overblijfselen werden duizenden plaatselijke munten gevonden. "De overheid had die munten uitgegeven. Het deel van dat geld dat ze niet had teruggevorderd met belastingen, is teruggevonden in de ruïnes", stelt Mosler. "In theorie was die resterende geldvoorraad de overheidsschuld van Pompei. Het stadsbestuur had die munten ook terug in kas kunnen krijgen door er schuldpapier voor uit te geven en er rente op te betalen, maar dat heeft geen zin bij fiatgeld dat niet gedekt is door fysieke activa zoals goud." De MMT stelt dat overheden niet zonder geld kunnen vallen als ze het zelf uitgeven en dat niet verbonden is aan een fysiek actief. Onder de goudstandaard beperkten de voorraden goud de geldhoeveelheid. In de huidige monetaire systemen is dat niet meer van tel. "Die munten van Pompei waren belastingtegoeden, net zoals dollars en euro's nu", gaat Mosler voort. "Een overheid int belastingen om zichzelf en de samenleving van diensten te voorzien. Het spoort mensen aan om te werken voor het geld dat ze nodig hebben om die belastingen te betalen." Als voorbeeld geeft hij de kolonisering: "De kolonisten in Afrika gebruikten belastingen om mensen op hun koffieplantages te doen werken. Ze hieven een soort huttentaks en dreigden ermee de woningen af te branden als de plaatselijke bevolking die belasting niet zou betalen. De mensen gingen op de koffieplantages werken om het geld te verdienen dat de kolonisten zelf hadden uitgegeven, om die belasting te betalen." Geld haalt dus zijn waarde uit het feit dat je er belastingen mee moet betalen. "Zonder belastingen zijn dollars en euro's niets waard. Wat is een belastingtegoed zonder belastingen?"Belastingen zijn onlosmakelijk verbonden met werkloosheid, aldus Mosler. "Met belastingen zorgt de overheid voor een pool werklozen, waaruit zij en de privésector aanwerven om in haar behoeften en die van de samenleving te voorzien. In samenlevingen waar geen munten in omloop zijn en die geen monetair systeem en geen belastingstelsel hebben, heb je geen werkloosheid zoals wij die kennen: mensen die betaald werk zoeken maar niet vinden. In Afrika had je geen werkloosheid, tot de Europeanen kwamen. Werkloosheid is per definitie een monetair fenomeen. En belastingen zijn een heel efficiënt instrument om de menselijke inspanningen en het ondernemerschap aan te zwengelen." Sommige aanhangers van de MMT schuiven een jobgarantiesysteem naar voren waarmee de overheid voor iedereen een baan garandeert. "Sommigen zien dat idee van een volledige werkgelegenheid als een beleidsvoorstel, maar voor mij is dat de basis van mijn analyse over hoe de economie werkt. In dat opzicht is het een integraal deel van het MMT-raamwerk", verdedigt Mosler. "Stel dat het belastingstelsel in de Verenigde Staten leidt tot 20 miljoen werklozen, terwijl de overheid maar 5 miljoen ambtenaren nodig heeft. Dat toont aan dat de belastingen te hoog zijn. Dus ofwel neemt ze de overige 15 miljoen werklozen zelf in dienst, ofwel verlaagt ze de belastingen, zodat de privésector hen aanwerft." Geldtekort kan voor de overheid geen reden zijn om geen extra mensen aan te werven: "Als de overheid meer mensen nodig heeft om de Green New Deal uit te voeren, moet ze die gewoon aanwerven. Ze kan de lonen betalen. Ze zal niet failliet gaan." Als een overheid een beleid van volledige werkgelegenheid nastreeft, kan een gebrek aan geld niet de reden zijn om dat plan niet uit te voeren, volgens de MMT. De meest gehoorde kritiek op de MMT is dat ze inflatie zal aanwakkeren. "De MMT is niet iets wat je toepast. Ze zegt niet hoeveel geld je aan wat moet uitgeven", riposteert Mosler. Het algemene idee is dat inflatie wordt aangewakkerd als de hoeveelheid geld stijgt. MMT-aanhangers zien het inflatierisico vooral wanneer de economie botst op haar fysieke capaciteiten. Als er niet genoeg grondstoffen of menselijk kapitaal zijn om aan de economische vraag tegemoet te komen, kan inflatie gevaarlijk zijn. "Ik ken weinig gevallen van ernstige inflatie die veroorzaakt werden door een te hoge vraag. In theorie kan dat, maar meestal is oplopende inflatie te wijten aan een schok in het aanbod." Een stijgende geldvoorraad op zich zal nooit de oorzaak zijn. De overheid kan, als geldmonopolist, wel onbewust de aanstoker van prijsstijgingen zijn: "Als een overheid tijdens zo'n aanbodschok bereid is almaar hogere prijzen te betalen voor producten en diensten, verergert ze daarmee de inflatie voor de rest van de economie." De meeste economische modellen erkennen niet dat de overheid als geldmonopolist zo bepalend is voor het prijsniveau. "Inflatie ontspoort niet zomaar, die moet gevoed worden. Natuurlijk kan ze uit de hand lopen, als je niet weet hoe ze gevoed wordt", zegt Mosler. Wanneer de inflatie oploopt, grijpen de centrale banken in door de rente te verhogen, maar ook dat rente-effect bekijken de meeste economen verkeerd, vindt Mosler. "Een renteverhoging verergert de inflatie in plaats van ze te verlagen, zoals algemeen wordt gedacht. Kijk naar Japan. Daar staat de rente al dertig jaar op nul en er is nog altijd niet de minste inflatie. Een lage rente is deflatoir." Het nulrentebeleid dat de centrale banken de jongste jaren hebben gevoerd, is daar ook een bewijs van. "Dat zou zogezegd voor inflatie zorgen, maar niets daarvan. Negatieve rentes zijn een soort belasting. Als je 100 euro hebt en er is een negatieve rente van 1 procent, dan heb je volgend jaar nog maar 99 euro. Het is toch logisch dat de economie daarvan krimpt, terwijl het beleid bedoeld is om de economische activiteit aan te zwengelen."Omgekeerd stelt Mosler dat een positieve rente een soort subsidie is. "Dat is zoals een basisinkomen voor mensen die al geld hebben. Telkens als de centrale bank de rente verhoogt, geeft ze meer geld aan mensen die al geld hebben, denkende dat dat de economie zal vertragen en de inflatie zal afremmen. Maar dat gebeurt nooit. Hoge rentes ondersteunen inflatie." Na de financiële crisis van 2008 hebben de centrale banken een heel soepel geldbeleid gevoerd door massaal obligaties op te kopen. Die kwantitatieve versoepeling, kortweg QE, zou inflatie brengen, maar volgens de MMT-grondlegger kan dat niet, als je snapt hoe het monetaire systeem werkt: "Het is een placebo, het doet niets. Met QE koop je overheidsobligaties van banken en andere financiële spelers. Daarmee verschuif je alleen geld van de effectenrekeningen bij de centrale bank, waar die overheidsobligaties worden aangehouden, naar reserverekeningen bij de centrale bank, waar de banken hun reserves op bewaren. Dat maakt geen verschil." Daarmee zitten we opnieuw in de krochten van het monetair systeem, waar veel misverstanden over bestaan. De MMT claimt die te verhelderen. QE is vaak omschreven als geld drukken, maar dat klopt niet. Het verhoogt niet de geldhoeveelheid, maar wel de hoeveelheid reserves die de commerciële banken bij de centrale bank aanhouden. Als een bank bijvoorbeeld een hoop Amerikaanse overheidsobligaties heeft, staat dat schuldpapier geregistreerd als deposito op een effectenrekening bij de Fed, de Amerikaanse centrale bank. Wanneer de Fed die overheidsobligaties van die bank koopt, komt het geld dat die laatste daarvoor krijgt, eveneens als deposito terecht op een reserverekening bij dezelfde Fed, in de vorm van centralebankreserves. Het geld is dus verschoven van een effectenrekening bij de Fed naar een reserverekening bij de Fed. Centrale bankreserves en overheidsobligaties zijn communicerende vaten. Als een overheid obligaties uitgeeft, onttrekt ze reserves uit het banksysteem, waardoor de rente stijgt. Als ze geen obligaties uitgeeft, zakt de rente. Met QE zijn massaal veel bankreserves in het systeem gepompt, waardoor de rente ongezien laag is gegaan. Er bestaan veel misverstanden over de MMT, stelt Mosler. "Volgens sommigen stelt de MMT voor dat de centrale banken de overheden rechtstreeks financieren of alle overheidsschuld opkopen, maar klopt niet. De MMT toont alleen aan dat het niet uitmaakt of je dat doet of niet, door de manier waarop het systeem werkt." Of een overheid het geld dat ze niet via belasting terugvordert gewoon laat zitten in de economie, of er een deel van opslorpt door er obligaties voor uit te geven, maakt niets uit. Die obligaties blijven ook gewoon in de economie zitten.Volgens Mosler is dat een bewijs dat een actief rentebeleid van de centrale bank geen zin heeft. "Ik zou de beleidsrente permanent op nul zetten en ik zou de overheid alleen nog maar schuldpapier met een vervaltermijn van drie maanden laten uitgeven. In zo'n kortlopend schuldpapier is geen markt of handel. Daarmee elimineer je het deel van de financiële sector dat enkel parasiteert op de economie. Traders verdienen miljoenen met de handel in overheidsobligaties die eigenlijk niet hoeven te bestaan. Vaak zijn nog de slimsten onder ons daarmee bezig, in plaats van bijvoorbeeld kanker te helpen genezen. Het is een enorme verspilling van ondernemerschap en van inspanningen." Omdat zo weinig economen en beleidsmakers begrijpen hoe het moderne monetaire systeem werkelijk functioneert, doen ze zwaar tekort aan de economie en de samenleving, stellen MMT-aanhangers. "Ze veroorzaken structureel werkloosheid en onderbenutting in de economie, omdat ze denken dat het zo hoort. Als je dat systeem wel doorhebt, besef je dat de economie ook kan runnen met een veel lagere of geen werkloosheid, en dat je de productiviteit en de economische output met 15 tot 20 procent kunt opkrikken."