Ook op drie, vijf of tien jaar laten de in België gecommercialiseerde fondsen de sterindex ver achter zich, stelt de krant De Tijd dinsdag vast.

De wetgever verplicht de beheerders van de Belgische pensioenspaarfondsen minstens een kwart van hun portefeuilles (en maximum driekwart) met obligaties te vullen.

Die obligatieportefeuille maakte dit jaar en ook de voorbije tien jaar het verschil, aldus De Tijd. Obligaties brachten het afgelopen decennium immers meer op dan aandelen.

De beheerders van pensioenspaarfondsen klagen vaak over de wettelijke bepalingen voor het portefeuillebeheer. Maar het minimum voor obligaties bewees zijn nut.

Het bezorgde de doorsneepensioenspaarder over de voorbije tien jaar een rendement van 2,4 procent, tegenover 1,4 procent voor de Bel20. Pensioenspaarders genieten bovendien van een fiscale aftrek van 30 tot 40 procent van de storting.

Ook op drie, vijf of tien jaar laten de in België gecommercialiseerde fondsen de sterindex ver achter zich, stelt de krant De Tijd dinsdag vast. De wetgever verplicht de beheerders van de Belgische pensioenspaarfondsen minstens een kwart van hun portefeuilles (en maximum driekwart) met obligaties te vullen. Die obligatieportefeuille maakte dit jaar en ook de voorbije tien jaar het verschil, aldus De Tijd. Obligaties brachten het afgelopen decennium immers meer op dan aandelen. De beheerders van pensioenspaarfondsen klagen vaak over de wettelijke bepalingen voor het portefeuillebeheer. Maar het minimum voor obligaties bewees zijn nut. Het bezorgde de doorsneepensioenspaarder over de voorbije tien jaar een rendement van 2,4 procent, tegenover 1,4 procent voor de Bel20. Pensioenspaarders genieten bovendien van een fiscale aftrek van 30 tot 40 procent van de storting.