Het pensioen. Het blijft iets waar veel mensen naar uitkijken. Eindelijk alle tijd om die dingen te doen waar je altijd al naar hebt verlangd: reizen, verhuizen naar de kust, tijd met de kleinkinderen, genieten van het leven, noem maar op.
...

Het pensioen. Het blijft iets waar veel mensen naar uitkijken. Eindelijk alle tijd om die dingen te doen waar je altijd al naar hebt verlangd: reizen, verhuizen naar de kust, tijd met de kleinkinderen, genieten van het leven, noem maar op. Maar helaas, bij ouder worden horen ook enkele financiële addertjes onder het gras. Veel mensen beseffen niet dat pensionering ook een serieuze inkomensval met zich brengt. Een doorsnee gepensioneerde valt terug op amper 46 procent van zijn laatst verdiende loon, al zijn er erg grote verschillen tussen werknemers, zelfstandigen en ambtenaren. Maar je beschikbare vermogen kan natuurlijk verhogen als je extra aan pensioensparen hebt gedaan of een groepsverzekering had. "Dat je dan plots een flinke som geld krijgt als je stopt met werken is natuurlijk erg fijn, maar ook dat is niet alleen maar leuk", waarschuwt financieel journalist Ewald Pironet (Knack), die samen met zijn VRT-collega Michaël Van Droogenbroeck het boek Investeren in de derde helft van je leven schreef. "Het is belangrijk om na te denken wat je met dat geld gaat doen. Je hebt dan wel een extra spaarpotje, maar door de hoge inflatie wordt dat nu steeds minder waard. Je kan gerust zeggen dat 65-plussers het meest afzien van de inflatie, want het extraatje waar ze heel hun leven voor hebben gespaard, smelt zienderogen. Je pensioen wordt wel geïndexeerd, maar zeker op dit moment compenseert dat nauwelijks het verlies op je spaargeld. Dat is iets waar veel mensen niet bij stilstaan, zeker niet vooraleer ze met pensioen gaan. In ons boek gaan we na wat je het best kan doen met dat spaarpotje." Er wordt ook ruim aandacht besteed aan dat andere heikele onderwerp, de erfenis. Zeker koppels kunnen maar beter goed en vroeg genoeg nadenken over hun nalatenschap, want dat heeft niet alleen gevolgen voor de kinderen of andere erfgenamen, maar uiteraard ook voor de langst levende partner. Daarbij is er een erg groot verschil tussen echtgenoten of koppels die wettelijk of feitelijk samenwonen. Het is belangrijk om dat in rekening te nemen. Anders dan voor hun eerste twee boeken uit de 'Investeren'-reeks konden de auteurs niet bogen op eigen ervaring, al nadert voor een van hen de pensioenleeftijd met rasse schreden. "Maar het is wel de realiteit voor onze ouders en schoonouders", zegt Van Droogenbroeck. "Dus je wordt er wel mee geconfronteerd. En je merkt dat je bepaalde zaken toch maar beter goed en op tijd op orde kan hebben, daar kan je lessen uit trekken voor je eigen situatie. Het boek is vooral ook een aansporing om tijdig te praten over al die zaken. Want het is veel comfortabeler om dat te doen op een moment dat het nog niet echt aan de orde is. Het is sowieso delicaat en persoonlijk, daarom hopen we dat we met het aanleveren van een heleboel informatie de drempel om het gesprek aan te gaan wat kunnen verlagen." Maar er is ook goed nieuws, vinden Pironet en Van Droogenbroeck. Het erfrecht is een paar jaar geleden grondig vernieuwd en aangepast. En daardoor is het makkelijker geworden om uw nalatenschap te regelen. MICHAËL VAN DROOGENBROECK. "De vrije keuze is een stuk groter geworden, wat veel meer mogelijkheden geeft aan mensen om hun eigen erfenis in te vullen. In veel gevallen kan je nu de helft zelf vrij bepalen. Dat is toch minder complex. Voordien stamde het erfrecht nog uit de tijd van Napoleon, bij wijze van spreken, het was niet echt aangepast aan deze tijd. De rode draad doorheen onze boeken is dat veel regelgeving vrij complex is, je hebt vaak een codex nodig om zaken uit te leggen. Denk maar aan de fiscaliteit of de pensioenen. En uiteraard is de realiteit vaak complex, maar de hervorming van het erfrecht toont wel aan dat de wetgever het transparanter en logischer kan maken, waardoor het aantrekkelijker wordt om er gebruik van te maken. Het aantal testamenten dat wordt opgesteld zit sindsdien in stijgende lijn, omdat je meer ruimte hebt om zaken in te vullen zoals je zelf wil." VAN DROOGENBROECK. "Vroeger was het kinderaantal heel dominerend en bepalend voor wat er gebeurde met je erfenis. Daar was niet veel speelruimte. Nu is vastgelegd dat minstens de helft van de erfenis naar je kinderen gaat. De rest kan je eigenlijk zelf invullen. Over dat percentage is niet zo veel discussie geweest, maar het appelleert wel duidelijk aan een nood, aangezien er nu meer testamenten worden opgesteld om die andere helft in te vullen." EWALD PIRONET. "Voor alle wetgeving geldt: als ze eenvoudiger wordt, dan wordt ze ook transparanter en eerlijker. Nu heb je veel wetgeving die helemaal niet transparant is. Dan moet je daar experts bijhalen of duur advies inwinnen omdat het anders een doolhof is waar je niet meer uitgeraakt. Door de vereenvoudiging is het erfrecht ook eerlijker geworden." PIRONET. "Ja. Ik weet dat er veel kritiek is op die beroepsgroep, maar notarissen kunnen een cruciale rol spelen, bijvoorbeeld om ervoor te zorgen dat je testament zeker aan alle regels voldoet. Maar ze kunnen vooral ook extra advies geven. Heb je al eens aan een keuzebeding gedacht bijvoorbeeld, een clausule in je huwelijkscontract waarmee de langst levende echtgenoot meer vrijheid heeft om te erven uit het gemeenschappelijke vermogen. Of aan een zorgvolmacht, mocht je wilsonbekwaam worden. Het is uiteraard wel goed dat je op voorhand info inwint, zodat je het advies van een notaris niet blindelings moet volgen, maar hij kan je wel attent maken op sommige mogelijkheden." VAN DROOGENBROECK. "De notaris zorgt ervoor dat je testament vormelijk helemaal in orde is. Daarnaast is het goed om met een notaris te werken omdat je testament dan meteen geregistreerd is, en hij alle erfgenamen na je overlijden op de hoogte kan brengen dat er een testament is. Als je je testament zelf opstelt, kan het zijn dat je onbewust fouten maakt en als je het niet laat registeren, bestaat altijd de kans dat het niet wordt gevonden na je dood." VAN DROOGENBROECK. "Zeker als er pluskinderen zijn, is het erg belangrijk om daar rekening mee te houden. Buitenechtelijke en geadopteerde kinderen worden beschouwd als erfgenamen van de eerste orde, maar dat is niet zo voor pluskinderen in een nieuw samengesteld gezin. Pluskinderen krijgen volgens het erfrecht niets. Als je hen toch wil laten erven, dan moet je dat regelen in een testament. Maar dankzij de vereenvoudiging is dat veel gemakkelijker geworden." En worden pluskinderen dan op dezelfde manier belast als bloedverwanten? VAN DROOGENBROECK. "Ja, zodra ze zijn opgenomen in je testament, geldt hetzelfde tarief als voor de andere kinderen. Dat is 3 procent voor de eerste schijf tot 50.000 euro, 9 procent voor de schijf tot 250.000 euro en 27 procent voor alles boven dat bedrag." VAN DROOGENBROECK. "Dat is waar, maar je moet er wel rekening mee houden dat dit gevolgen kan hebben voor kinderen uit eerdere huwelijken. Die kinderen kan je wel beschermen met de zogenaamde Valkeniersclausule, waardoor het erfrecht van de langstlevende partner wordt beperkt, zodat de kinderen zeker niet het gevoel hebben dat ze benadeeld worden. Dat is maatwerk, hiervoor kan je het best bij een notaris terecht." PIRONET. "Huwen is een belangrijke beslissing, maar die wordt vaak genomen zonder het besef dat dit ook grote gevolgen kan hebben voor je financiële planning. Het is goed om het ook daarover te hebben." VAN DROOGENBROECK. "In Vlaanderen kan je elke vzw als goed doel in je testament opnemen. Als je in het Brussels Gewest woont, moet je je beperken tot de erkende goede doelen. Die lijst is gemakkelijk te raadplegen." PIRONET. "Het is belangrijk om erg duidelijk te zijn. Je kan niet zeggen: ik wil dat het beschikbare deel van mijn nalatenschap naar kankeronderzoek gaat. Wel naar deze vzw of die stichting, met een adres erbij, zodat dat er geen verwarring kan ontstaan." Een andere mogelijkheid is een deel van je vermogen bij leven al weg te schenken. Dat kan zowel met cash, beleggingen of onroerend goed. Daarop betaal je schenkbelasting, en die tarieven zijn lager dan de erfbelasting. Waarom wordt er dan nog niet veel meer gebruik van gemaakt? VAN DROOGENBROECK. "Het aantal schenkingen is wel toegenomen sinds de nieuwe tarieven gelden. Er kleeft natuurlijk één groot nadeel aan schenkingen, waar je goed moet over nadenken: gegeven is gegeven. Je weet nooit of je het geld of het onroerend goed dat je wil schenken, zelf nog zal nodig hebben. Het zou kunnen dat je de opbrengst van een huis of flat kan gebruiken voor de aankoop van een assistentiewoning of voor een kamer in een woonzorgcentrum. Wat wel kan, is dat je het vruchtgebruik blijft behouden bij een schenking. Dan kan je blijven wonen in je huis, of je kan wel de huurinkomsten blijven ontvangen als het een extra eigendom is. Dat soort beslissingen vereist dat je goed nadenkt over de financiële planning tijdens het laatste deel van je leven. Het is goed om na te denken wat je al kan wegschenken, dat zijn beslissingen die je beter niet op je sterfbed neemt. Ook als je vastgoed hebt weggeschonken, kan je natuurlijk vragen aan de kinderen dat zij dat opnieuw verkopen en met de opbrengst een assistentiewoning of andere flat kopen waar zij eigenaar van blijven maar waar jij wel het vruchtgebruik van hebt." VAN DROOGENBROECK. "Je weet natuurlijk nooit wanneer je komt te overlijden. Sommige mensen sterven plotseling. Het klinkt een beetje cynisch, maar dan is het natuurlijk te laat om een schenking met terugwerkende kracht te laten registreren. Soms is het goed om uit te gaan van een worstcasescenario en voor de veilige optie te kiezen." . VAN DROOGENBROECK. "Absoluut. Dan worden de kinderen gezamenlijk eigenaar van het huis, net zoals dat bij een erfenis zou zijn. Daarvoor hoeven geen speciale regelingen te worden getroffen of constructies te worden opgezet. En het vruchtgebruik kan bij de ouders blijven. Aangezien het om een schenking van onroerend goed gaat, moet je altijd via de notaris passeren, die je ook alle mogelijkheden kan schetsen." PIRONET. "Dat is zeker zo. Met een zorgvolmacht zorg je ervoor dat een vertrouwenspersoon de bevoegdheid krijgt om zaken voor jou te regelen als je wilsonbekwaam wordt. Je kan op voorhand een financiële planning vastleggen, die dan uitgevoerd kan worden door de gevolmachtigde. Zolang je wilsbekwaam bent, kan je die zorgvolmacht ook aanpassen, ook de gevolmachtigde kan je nog veranderen. Je kan best ook meteen een tweede persoon aanwijzen voor het geval je eerste keuze zelf wilsonbekwaam zou worden of nog voor jou sterft. De volmacht moet je schriftelijk opstellen en die moet aan een aantal vereisten voldoen. Daarom kan je ook daarvoor het best bij een notaris aankloppen. En dat moet je zeker doen als er woningen of grond in het spel zijn. In elk geval moet een zorgvolmacht geregistreerd worden in een centraal register. Het grote voordeel van de zorgvolmacht is dat je je financiële zaken op voorhand kan sturen, en dat ze worden uitgevoerd door een vertrouwenspersoon. Dat zorgt toch voor de nodige gemoedsrust." PIRONET. "Inderdaad, dat doe het best voor je een dagje ouder wordt. Je hoeft niet eens wilsonbekwaam te worden om er belang bij te hebben. Je kunt ook op jongere leeftijd een ongeluk hebben, waardoor je een tijd aan huis bent gekluisterd en assistentie kan gebruiken. Dan is het handig als je een persoon hebt aangewezen die de financiële zaken voor je kan regelen. Je kan zo'n zorgvolmacht laten ingaan wanneer je wil, meteen of pas als artsen hebben vastgesteld dat je wilsonbekwaam bent geworden. Het kan dus ook uit praktische overwegingen, al is het inderdaad een handig instrument om je te helpen bij de regeling van je erfenis en eventuele schenkingen." VAN DROOGENBROECK. "Dat is vaak een levensverzekering die je afsluit, terwijl niets je verplicht om dat via een verzekering te doen. De kosten van de uitvaart worden sowieso afgetrokken van het kapitaal voor de erfenis wordt geregeld. Wie een spaarpotje heeft en voldoende geld om de uitvaart te betalen, heeft weinig reden om een uitvaartverzekering af te sluiten." VAN DROOGENBROECK. "Dat denk ik wel, ja. Je kan via een wilsbeschikking laten vastleggen of je begraven of gecremeerd wilt worden, je kan bij een begrafenisondernemer ook altijd een voorafregeling uitwerken en zo je verlanglijst voor de uitvaart opstellen. Want ook al die zaken hebben financiële gevolgen. Je kan berekenen of je daar voldoende geld voor hebt, en als dat het geval is, heb je geen verzekering nodig."