Het gemiddelde begrotingstekort in de negentien eurolanden daalde van 2,1 procent in 2015 tot 1,5 procent in 2016. Luxemburg, Malta, Duitsland, Griekenland, Cyprus en Nederland boekten een overschot. Voor het geteisterde Griekenland is dat de eerste keer sinds de invoering van de euro.

België liet een tekort van 2,6 procent noteren, na 2,5 procent in 2015. Enkel Spanje (4,5%) en Frankrijk (3,4%) registreerden nog steeds hogere tekorten dan de Europese begrotingsregels voorschrijven. De eurolanden moeten hun tekort beperken tot maximaal drie procent van het bbp.

Staatsschuld

Daarnaast mag de schuld in principe hoogstens 60 procent van het bbp bedragen. Het gemiddelde in de eurozone bedroeg 89,2 procent. Met 105,9 procent heeft België de op vier na hoogste schuldenberg, na Griekenland (179%), Italië (132,6%), Portugal (130,4%) en Cyprus (107,8%). De Belgische overheidsschuld daalde in het vierde kwartaal wel met 2,8 procentpunten in vergelijking met het voorgaande kwartaal. Dat is een van de grootste dalingen binnen de eurozone. Enkel in Slovenië daalde die nog sneller (-3,1 procentpunten).

© Eurostat

Eurostat maakt ook nog een voorbehoud voor België. Het bureau meent dat door de overheid gecontroleerde ziekenhuizen als dusdanig geboekt moeten worden. Dat is momenteel niet het geval en een aanpassing zal "hoogstwaarschijnlijk resulteren in een beperkte toename van de overheidsschuld", aldus Eurostat.

Ook in de rest van de Europese Unie kleuren de openbare financiën steeds minder rood. Het gemiddelde begrotingstekort voor de hele Europese Unie daalde van 2,4 procent in 2015 tot 1,7 procent vorig jaar. De staatsschuld daalde van 84,9 tot 83,5 procent.