Kort na de beursgang van Facebook in 2012 zakte het aandeel tot onder 20 dollar, nu noteert het tegen 190 dollar. Velen hebben nog altijd spijt dat ze de nieuwste techgigant toen aan zich voorbij hebben laten gaan. Wie die koersexplosie gemist heeft, was een perfect slachtoffer bij de beursintroducties van onder meer Twitter, Snapchat en Uber.

Telkens hadden durfkapitalisten de waardering van die bedrijven opgepompt zonder dat de ondernemingen hun commerciële zaken op orde hadden. Die fondsen schoven de hete aardappel dan via de beurs met winst door naar de belegger, die het verlies mocht slikken. Alle drie de bedrijven presteren ondermaats. In het geval van Uber is er zelfs geen enkel zicht op duurzame winst.

WeWork exploiteerde het Facebook-trauma.

De investeerders achter WeWork wilden samen met de CEO en oprichter Adam Neumann op dezelfde manier buitenstaanders de waanzinnige waardering laten betalen. Gelukkig bleek de interesse zo klein dat WeWork zijn beursgang moest afblazen en nu koortsachtig op een andere manier miljarden dollars moet vinden. Het Japanse Softbank is grootste aandeelhouder van WeWork en gebruikt nu de reddingsoperatie om tegen een bodemprijs zijn participatie te vergroten. Bij een beursgang kan het dan toch nog winst maken op WeWork.

Softbank en andere grote techinvesteerders dekken zich altijd juridisch goed in en hun miljardeninvesteringen komen met een parachute, die hun rendement zo goed mogelijk probeert te beschermen. Gewone beleggers moeten dan ook opletten dat ze zich niet laten verblinden door de reputatie van de grote investeerders die techbedrijven naar de beurs brengen.