Je kunt er niet meer naast kijken: artificiële intelligentie (AI) is overal. Eigenlijk geeft de hype een wat vertekend beeld, want de technologie bestaat al veel langer dan we zouden denken. De enorme vooruitgang die tussen 1950 en 1970 werd geboekt, werd lange tijd een halt toegeroepen door het gebrek aan infrastructuur, data en financiering.
...

Je kunt er niet meer naast kijken: artificiële intelligentie (AI) is overal. Eigenlijk geeft de hype een wat vertekend beeld, want de technologie bestaat al veel langer dan we zouden denken. De enorme vooruitgang die tussen 1950 en 1970 werd geboekt, werd lange tijd een halt toegeroepen door het gebrek aan infrastructuur, data en financiering. Vandaag zijn we op een punt gekomen dat de infrastructuur om artificiële intelligentie optimaal te benutten langzamerhand een feit is. We beschikken over steeds snellere en krachtigere computers, de algoritmes worden steeds verfijnder, en aan data ontbreekt het ook al niet. Hoewel experts erop wijzen dat de stabiliteit van de infrastructuur nog beter kan, mogen we toch wel zeggen dat we op een sleutelmoment beland zijn. Het verbaast dus niet dat zowel grote gevestigde waarden als jonge starters volop experimenteren met allerhande toepassingen. Zelfrijdende auto's en trucks behoren tot de meest tot verbeelding sprekende voorbeelden, maar ook in de dienstensector zijn er toepassingen. Aangezien heel wat contracten voor een groot deel uit dezelfde clausules bestaan, zou je artificiële intelligentie bijvoorbeeld kunnen inzetten om een soort standaardcontract te maken, dat een jurist daarna kan verfijnen op maat van de klant. Een efficiënter gebruik van hun tijd en uw centen. Of misschien kan artificiële intelligentie investeerders helpen bij het nauwkeuriger bepalen van de waardering bij een nieuwe financieringsronde? Chatbots hebben hun intrede al gedaan en zelfs stemmen kan een computer perfect imiteren zonder dat je dat hoort. Landbouwers kunnen dankzij artificiële intelligentie vroegtijdig ziektes in gewassen herkennen, of weten dat hun fruit rijp is om te oogsten. Zelfs in de gezondheidssector doet de technologie haar intrede. Het Amerikaanse overheidsagentschap FDA heeft onlangs het eerste toestel goedgekeurd dat via AI-software een oogziekte bij diabetespatiënten kan opsporen. Sciencefiction? Eigenlijk komt het voor een groot stuk neer op geavanceerde data-analyse. Sommigen noemen het weleens statistics on steroids. Artificiële intelligentie probeert in belangrijke mate patronen te herkennen in data. Het verzamelen van die data is dan ook een van de grootste uitdagingen. Neem het oogziektevoorbeeld. Wil je dat de software voldoende accuraat kan aangeven of iemand al dan niet de ziekte heeft, dan moet je eerst voldoende mensen bereid vinden hun medische gegevens ter beschikking te stellen van het bedrijf in kwestie. Enkel zo kun je een patroon vinden om de ziekte te herkennen. Dat regelgeving hier een steeds belangrijkere rol in zal spelen, is vanzelfsprekend en niet te onderschatten, willen we niet het onderspit delven tegenover andere continenten die al een stuk verder staan. Dat artificiële intelligentie ons leven de komende jaren substantieel zal beïnvloeden, lijdt geen twijfel. Wat dat bijvoorbeeld zal betekenen voor de arbeidsmarkt, blijft een voorlopig onbeantwoorde vraag. Dat er banen - denk maar aan die van truckchauffeur - zullen verdwijnen, lijkt een zekerheid. Hoe snel en in welke mate zijn twee andere vragen. Zullen we binnen dit en tien tot twintig jaar geen dokters meer nodig hebben om ziektes op te sporen? Ik betwijfel het. Hebben we nog onderwijzers nodig als een robot of computer ons alles kan leren wat er technisch te leren valt? Ik denk het wel, maar hun rol zal anders zijn dan vandaag. De grote uitdaging is volgens mij uit te zoeken wat onze nieuwe rol kan en moet zijn, en hoe we elkaar kunnen begeleiden en helpen bij het vinden van die nieuwe rollen. Voor sommigen zal die overstap kleiner zijn dan voor anderen.Bij deze doe ik een kleine oproep aan onze politici om verder te denken dan de volgende legislatuur en nu al in te spelen op de impact van al die evoluties op onze maatschappij, en op hoe we ons daar het beste op kunnen voorbereiden.