De internationale elektronicadistributeur Velleman uit Gavere heeft al 25.000 stuks van zijn Vertex 3D-printers in zelfbouwkit verkocht tegen 500 à 600 euro, verklapt de verkoopdirecteur Luc De Meyer. Deze week brengt het bedrijf een kleiner model uit tegen 350 euro. De Vertex Nano, die objectjes tot 80x80x75mm kan drukken, zal ook als kant-en-klare 3D-printer op de markt komen, meldt Velleman.

Zulke printers bouwen hun producten op uit ABS-, bio-afbreekbare PLA- of andere plastic draden. De eerste patenten op dit soort fused deposition modeling (FDM) zijn meer dan twintig jaar oud en ondertussen vervallen. Dat opent de weg voor nieuwe producenten, die niet zelden in China zitten. De bijbehorende software is vaak ook vrij beschikbaar.

Betaalbare verbruiksgoederen

Net zoals bij inkjetprinters hebben de printerbouwers een mooie marge op de plastics die bij het printen worden verbruikt. Een kilo draad kost 20 tot 30 euro en er bestaat een aanzienlijke variatie aan kleuren en eigenschappen. Volgens Luc De Meyer van Velleman gaat 3D-printing niet in de richting van de inkjetprinters, waar de verbruiksgoederen op een goudschaaltje worden gewogen. "Met een kilo draad kom je al heel ver", zegt De Meyer.

In Bellem brachten drie jongelui twee zelfbouwkits uit onder het merk deltaRocket, met prijzen van 1300 euro voor het 'Mini'- en 2000 euro voor het 'Pro'-model (2500 euro geassembleerd). Het zijn ontwerpen van Dimitri Van Steenkiste, een ingenieur van UGent die ook professioneel met machinebouw bezig is. "Wij trekken naar scholen die meer willen investeren in techniek. Dat is onze doelgroep. De 'Pro' heeft autocalibratie, is plug and play. Er zit een hele hoop wiskunde en techniek achter. Dat het een bouwpakket is, is een troef. Leerlingen kunnen de printer in elkaar steken als een geïntegreerde eindproef", zegt Jelle De Laender, die industriële wetenschappen studeerde aan het Scheppersinstituut in Wetteren. "Tijdens mijn opleiding maakten we 3D-tekeningen. We konden die alleen op het scherm zien. Hiermee kun je ze werkelijk printen". Verkoopcijfers geeft deltaRocket niet. "Wij doen dit als bijberoep. Het is een uit de hand gelopen hobby", zegt De Laender.

Pieter-Jan Vandendriessche van Tripodmaker uit Otegem heeft al twee 3D-printers uitgebracht. Voor 2000 of 3000 euro (plus btw) komen ze gebruiksklaar uit de doos. Vandendriessche hoopt er volgend jaar 200 tot 400 van te verkopen. "Wij moeten inzetten op topkwaliteit, op een totaalpakket met geïntegreerde software, dat meerdere materialen kan gebruiken", meent hij, verwijzend naar goedkope Chinese concurrentie. De voormalige ingenieur van Atlas Copco startte Tripodmaker met zijn prijzengeld van de Bizidee Business Plan-competitie. Achtergestelde leningen van iStart en het PMV SOFI-fonds, Europese subsidies, eigen centen en de kmo-toelage voor de eerste aanwerving brachten zijn middelen op ongeveer 200.000 euro.

De internationale elektronicadistributeur Velleman uit Gavere heeft al 25.000 stuks van zijn Vertex 3D-printers in zelfbouwkit verkocht tegen 500 à 600 euro, verklapt de verkoopdirecteur Luc De Meyer. Deze week brengt het bedrijf een kleiner model uit tegen 350 euro. De Vertex Nano, die objectjes tot 80x80x75mm kan drukken, zal ook als kant-en-klare 3D-printer op de markt komen, meldt Velleman. Zulke printers bouwen hun producten op uit ABS-, bio-afbreekbare PLA- of andere plastic draden. De eerste patenten op dit soort fused deposition modeling (FDM) zijn meer dan twintig jaar oud en ondertussen vervallen. Dat opent de weg voor nieuwe producenten, die niet zelden in China zitten. De bijbehorende software is vaak ook vrij beschikbaar. Net zoals bij inkjetprinters hebben de printerbouwers een mooie marge op de plastics die bij het printen worden verbruikt. Een kilo draad kost 20 tot 30 euro en er bestaat een aanzienlijke variatie aan kleuren en eigenschappen. Volgens Luc De Meyer van Velleman gaat 3D-printing niet in de richting van de inkjetprinters, waar de verbruiksgoederen op een goudschaaltje worden gewogen. "Met een kilo draad kom je al heel ver", zegt De Meyer. In Bellem brachten drie jongelui twee zelfbouwkits uit onder het merk deltaRocket, met prijzen van 1300 euro voor het 'Mini'- en 2000 euro voor het 'Pro'-model (2500 euro geassembleerd). Het zijn ontwerpen van Dimitri Van Steenkiste, een ingenieur van UGent die ook professioneel met machinebouw bezig is. "Wij trekken naar scholen die meer willen investeren in techniek. Dat is onze doelgroep. De 'Pro' heeft autocalibratie, is plug and play. Er zit een hele hoop wiskunde en techniek achter. Dat het een bouwpakket is, is een troef. Leerlingen kunnen de printer in elkaar steken als een geïntegreerde eindproef", zegt Jelle De Laender, die industriële wetenschappen studeerde aan het Scheppersinstituut in Wetteren. "Tijdens mijn opleiding maakten we 3D-tekeningen. We konden die alleen op het scherm zien. Hiermee kun je ze werkelijk printen". Verkoopcijfers geeft deltaRocket niet. "Wij doen dit als bijberoep. Het is een uit de hand gelopen hobby", zegt De Laender. Pieter-Jan Vandendriessche van Tripodmaker uit Otegem heeft al twee 3D-printers uitgebracht. Voor 2000 of 3000 euro (plus btw) komen ze gebruiksklaar uit de doos. Vandendriessche hoopt er volgend jaar 200 tot 400 van te verkopen. "Wij moeten inzetten op topkwaliteit, op een totaalpakket met geïntegreerde software, dat meerdere materialen kan gebruiken", meent hij, verwijzend naar goedkope Chinese concurrentie. De voormalige ingenieur van Atlas Copco startte Tripodmaker met zijn prijzengeld van de Bizidee Business Plan-competitie. Achtergestelde leningen van iStart en het PMV SOFI-fonds, Europese subsidies, eigen centen en de kmo-toelage voor de eerste aanwerving brachten zijn middelen op ongeveer 200.000 euro.