Meer overheid, minder markt. Wie in economische kringen wil scoren, haakt het wagonnetje gretig aan bij de nieuwe grondstroom, die in 2021 alleen maar aan kracht heeft gewonnen. Het is een slingerbeweging. En die slinger zal in 2022 niet terugkeren. Misschien doen we daar zelfs een decennium of langer over.
...

Meer overheid, minder markt. Wie in economische kringen wil scoren, haakt het wagonnetje gretig aan bij de nieuwe grondstroom, die in 2021 alleen maar aan kracht heeft gewonnen. Het is een slingerbeweging. En die slinger zal in 2022 niet terugkeren. Misschien doen we daar zelfs een decennium of langer over. Het marktdenken was al op de terugweg en corona heeft dat nog versterkt. Het is de overheid die de economie boven water heeft gehouden, de vaccinatieprogramma's heeft uitgerold en - zeker in de Verenigde Staten - massaal gaat investeren. Het zijn de bedrijven die wereldwijd te driftig naar kostenefficiënties hebben gezocht, de economie dol hebben doen draaien en de ideale voedingsbodem voor het virus hebben geschapen. Vergelijkbare theorieën winnen veld rond het milieu, sociale ongelijkheid en andere onmiskenbare uitdagingen. Ergens is dat logisch. We komen uit een tijd van ongebreideld marktdenken. De stilaan oncontroleerbare macht van big tech is daar het meest zichtbare gevolg van. De versnelde mondialisering van de economie heeft de jongste decennia zeker maatschappelijke en ecologische schade veroorzaakt. Maar is de remedie beter dan de kwaal? Overheden en supranationale instellingen zijn perfect geplaatst om de richting aan te wijzen die we uit moeten. Overheden kunnen zelfs een innovatieve omgeving helpen creëren, via hoogwaardig onderwijs, extra stimulansen voor durfkapitaal, onderzoekprogramma's enzovoort. Silicon Valley is een goed voorbeeld. Onze biotech is dat ook. Ongebreideld kapitalisme kan de overheid inperken met een sterke antitrustwetgeving, internationale fiscale fair play en een ernstig concurrentiebeleid. Maar de economie in handen nemen, dat kunnen overheden niet. Zeker in dit ingewikkelde land slaagt de overheid er niet eens in haar kerntaken op orde te krijgen. De overheid heeft meer baat bij focus dan bij nieuwe werven en extra ambitie. Dit land worstelt al jaren met zijn kerntaken. De politiezones kampen met personeelsgebrek, demotivatie en desinvesteringen. Ook justitie heeft volk, middelen en kennis te kort. Twintig jaar wachten op een uitspraak over Lernout & Hauspie, dat heet in schoon Frans ' un échec'. Het Belgische leger kent u van Jürgen Conings, de defecte bluswagen, de brand op de Kalmthoutse heide en van onze marine die te licht werd bevonden om aan een NAVO-oefening deel te nemen.De deelstaten doen het niet beter. Het onderwijs - dé kerntaak van de deelstaten - illustreert als geen ander het cliché van een falende overheid. Het heeft zich vastgereden in structuren, papierwerk en procedures. Die kosten handenvol geld en leiden ertoe dat de kerntaak - lesgeven - ondergesneeuwd is geraakt. Ik blijf me ook opwinden over de aanpak van de overstromingsramp in Wallonië, waar duizenden sukkelaars een horrorwinter meemaken. Burgers helpen in tijden van rampspoed, dat is pas een kerntaak. Het Waals Gewest laat tienduizenden mensen doodgewoon in de steek. Onze overheidsfinanciën maken ons bovendien kwetsbaar voor nieuwe schokken en onbekwaam om nieuwe uitdagingen aan te gaan. Nederland maakt 35 miljard euro vrij voor de energietransitie. Wij hebben die middelen niet. Was het marktdenken doorgeslagen? Jazeker. Zal de overheid het beter doen? Nee. Zodra de pandemie is bedwongen, dringt een breed debat over de kerntaken van de overheid zich op. Binnen de verschillende regeringen, maar liefst ook daarbuiten. Met slimme regels de weg wijzen, zodat we de klimaatcrisis en andere uitdagingen overwinnen. Burgers helpen en hen met moderne middelen beschermen. Goed onderwijs, voor jong en minder jong. Een sterke sociale zekerheid voor iedereen. En sluitende rekeningen. Laat ons daar eens mee beginnen...