In weinig landen is het coronavirus zo dodelijk als in België. Ter verklaring wordt geregeld gewezen naar de versnippering van ons zorgsysteem. Herfederaliseren of regionaliseren kan echter nooit losstaan van een andere, fundamentele kwestie: de krakende ziekenhuisfinanciering.

Nu vullen de ziekenhuizen hun ontoereikende basisfinanciering aan met afhoudingen op de honoraria van artsen. De coronacrisis maakt pijnlijk duidelijk dat dat systeem niet houdbaar is. Door het uitstel van de niet-dringende zorg vallen de inkomsten uit die afhoudingen fors terug. Het Riziv heeft budget uitgetrokken om te vermijden dat de ziekenhuizen betalingsproblemen krijgen.

Zelfs zonder de pandemie was de financiële toestand van de sector al precair. Het wekt dan ook weinig verwondering dat acht op de tien ziekenhuisdirecties uit de bevraging die Trends deze zomer samen met Knack en de Artsenkrant in de sector deed, pleiten voor een herziening van de financiering.

Ziekenhuizen zijn rijp voor forfaits.

Het percentage dat artsen afstaan aan het ziekenhuis, ligt niet vast in regelgeving. Er zijn bijgevolg verschillen, die een element zijn in de competitie tussen ziekenhuizen om specialisten aan te trekken. Die situatie werkt in sommige gevallen overconsumptie in de hand. Iedereen beseft dat het financieringsmechanisme minder zou moeten steunen op de prestatiehonoraria van artsen, en meer op forfaits.

Tot op heden waren artsen daar niet enthousiast over, omdat ze in een systeem met forfaits inkomsten dreigen te verliezen. Maar het aantal specialisten dat wil praten over een vast salaris als vervanging van de vergoeding per prestatie, zou weleens fors kunnen stijgen, nu sommigen van hen door de coronacrisis nauwelijks prestaties kunnen aanrekenen. De ziekenhuisdirecties lijken alvast klaar voor dat gesprek.

In weinig landen is het coronavirus zo dodelijk als in België. Ter verklaring wordt geregeld gewezen naar de versnippering van ons zorgsysteem. Herfederaliseren of regionaliseren kan echter nooit losstaan van een andere, fundamentele kwestie: de krakende ziekenhuisfinanciering.Nu vullen de ziekenhuizen hun ontoereikende basisfinanciering aan met afhoudingen op de honoraria van artsen. De coronacrisis maakt pijnlijk duidelijk dat dat systeem niet houdbaar is. Door het uitstel van de niet-dringende zorg vallen de inkomsten uit die afhoudingen fors terug. Het Riziv heeft budget uitgetrokken om te vermijden dat de ziekenhuizen betalingsproblemen krijgen.Zelfs zonder de pandemie was de financiële toestand van de sector al precair. Het wekt dan ook weinig verwondering dat acht op de tien ziekenhuisdirecties uit de bevraging die Trends deze zomer samen met Knack en de Artsenkrant in de sector deed, pleiten voor een herziening van de financiering.Het percentage dat artsen afstaan aan het ziekenhuis, ligt niet vast in regelgeving. Er zijn bijgevolg verschillen, die een element zijn in de competitie tussen ziekenhuizen om specialisten aan te trekken. Die situatie werkt in sommige gevallen overconsumptie in de hand. Iedereen beseft dat het financieringsmechanisme minder zou moeten steunen op de prestatiehonoraria van artsen, en meer op forfaits. Tot op heden waren artsen daar niet enthousiast over, omdat ze in een systeem met forfaits inkomsten dreigen te verliezen. Maar het aantal specialisten dat wil praten over een vast salaris als vervanging van de vergoeding per prestatie, zou weleens fors kunnen stijgen, nu sommigen van hen door de coronacrisis nauwelijks prestaties kunnen aanrekenen. De ziekenhuisdirecties lijken alvast klaar voor dat gesprek.