In maart trof een Russische raket West-Oekraïne. Dat is in deze tijden nauwelijks nieuws, maar deze keer wel. Het ging om een nieuw soort hypersonische raket, die nog nooit gebruikt was in een echt conflict. Volgens het Russische ministerie van Defensie was het doelwit, een Oekraïens munitiedepot, getroffen door een Kinschal-raket gelanceerd door een gevechtsvliegtuig. Rusland had dat doelwit ook perfect met een gewone kruisraket kunnen treffen. Maar het wilde een boodschap uitsturen naar het Westen: de Kinschal werkt, en kan ook jullie treffen.
...

In maart trof een Russische raket West-Oekraïne. Dat is in deze tijden nauwelijks nieuws, maar deze keer wel. Het ging om een nieuw soort hypersonische raket, die nog nooit gebruikt was in een echt conflict. Volgens het Russische ministerie van Defensie was het doelwit, een Oekraïens munitiedepot, getroffen door een Kinschal-raket gelanceerd door een gevechtsvliegtuig. Rusland had dat doelwit ook perfect met een gewone kruisraket kunnen treffen. Maar het wilde een boodschap uitsturen naar het Westen: de Kinschal werkt, en kan ook jullie treffen. Rond de eeuwwisseling begon Rusland aan een grote modernisering van zijn leger. De ene innovatie na de andere werd aangekondigd: supertanks, bommenwerpers, hightech radio's, en dus ook wendbare hypersonische raketten die een afweer kunnen ontwijken. Westerse experts waren bezorgd dat Rusland met dat tuig snel de oorlog in Oekraïne zou kunnen winnen. Maar de apparaten blijken vooral bluf en nauwelijks relevant in de oorlog. Daar zijn veel redenen voor, maar de kosten zijn de belangrijkste. "Westerse bedrijven zijn door de concurrentie verplicht streng naar de kosten van innovatie te kijken", zegt Christian Mölling van de Duitse Raad voor Buitenlands Beleid. Het Russische bewapeningsapparaat is daarentegen erg duur. Het verhaal van de T-14, Ruslands nieuwste gevechtstank, is een mooi voorbeeld. Het 'wonderwapen' is tot nu alleen maar gebruikt in militaire parades. "De kosten voor het project zijn geëxplodeerd. Rusland heeft problemen om de T-14 in serie te produceren, onder meer omdat het veel materialen uit het Westen nodig heeft die nu niet meer beschikbaar zijn", zegt Gustav Gressel van de Europese Raad over Buitenlandse betrekkingen in Berlijn. Het kan ook te wijten zijn aan de hoge eisen. De meeste Russische tanks zijn goedkope massaproducten. De T-14 moest hightech zijn, technisch vergelijkbaar met de Duitse Leopard 2 of de Amerikaanse M1 Abrams. Nu er al honderden tanks vernietigd zijn in Oekraïne, zou de inzet van de T-14 enorm belangrijk zijn vanuit Russisch oogpunt. Maar de tank heeft geen vooruitgang geboekt sinds de testfase. De jachtbommenwerper Sukhoi Su-57 is naar verluidt vergelijkbaar met de Amerikaanse stealth jets zoals de F-22 en de F-35. Maar nadat een vliegtuig was neergestort tijdens zijn eerste vlucht, liep het project vertraging op. Nu heeft de luchtmacht er wellicht slechts drie, en ondanks testmissies in Syrië zijn ze nog niet operationeel. De prijs van meer dan 30 miljoen dollar per stuk is erg hoog naar Russische normen. Rusland blijkt voor veel militair tuig afhankelijk te zijn van westerse technologie. In april hebben twee analisten van een Brits veiligheidsinstituut een niet ontplofte Russische kruisraket in Oekraïne ontleed. Van zeven cruciale onderdelen in de software, kwamen er zes uit de VS. In het moderne Russische luchtverdedigingssysteem Tor-M2 zit Britse technologie. Zelfs in Russische radioapparatuur zitten belangrijke componenten uit het Westen. Pas onlangs heeft Rusland een comité van deskundigen aan het werk gezet om op een andere manier toegang te krijgen tot hightech.