Trends brengt iedere week het beste uit de toonaangevende financieel-economische media in Europa. Dit artikel verscheen in The Economist.
...

Wanneer iets vroeger gebeurt dan verwacht, zeggen de Indiërs dat het 'vooruitgesteld' is. Op 24 november maakte het Indiase ministerie van Volksgezondheid bekend dat de oplossing voor een van India's oudste en grootste zorgen vooruitgesteld is. Enkele jaren eerder dan de voorspelling van de Verenigde Naties en de doelstelling van de regering is het vruchtbaarheidscijfer - het gemiddelde aantal kinderen dat een Indiase vrouw naar verwachting in haar leven zal baren - gedaald tot onder 2,1. Dat is het 'vervangingsniveau' waarop het aantal geboorten gelijk is aan het aantal sterfgevallen. Volgens de National Family Health Survey (NFHS-5), een gezondheidsonderzoek dat in het hele land wordt uitgevoerd, is het aantal kinderen gedaald tot slechts 2,0 per vrouw in het algemeen en tot 1,6 in de Indiase steden. Dat is een daling van 10 procent tegenover het vorige onderzoek, nauwelijks vijf jaar geleden. Dat is groot nieuws, niet alleen voor India, maar voor de hele planeet, aangezien de 1,4 miljard Indiërs bijna een vijfde van de mensheid uitmaken. Het aantal Indiërs zal nog altijd toenemen, omdat veel jonge vrouwen de vruchtbare leeftijd nog niet hebben bereikt. Maar de lagere vruchtbaarheidscijfers betekenen dat de bevolking eerder en op een lager niveau zal pieken: niet over veertig jaar op meer dan 1,7 miljard, zoals werd voorspeld, maar waarschijnlijk een decennium eerder, op wellicht 1,6 miljard. De Indiase regering streeft al tientallen jaren naar een lager vruchtbaarheidscijfer. Bij de onafhankelijkheid in 1947 bedroeg dat bijna 6. De nieuwe republiek had net geleden onder een verschrikkelijke hongersnood in Bengalen, waarbij 2 tot 3 miljoen doden vielen. De overdreven sombere ideeën van Thomas Malthus, de negentiende-eeuwse Engelse econoom die waarschuwde dat de bevolkingsgroei onvermijdelijk de voedselproductie zou overtreffen, wierpen een lange schaduw over de beleidsmakers. De daaruit voortvloeiende vrees voor een 'bevolkingsbom' leidde in 1952 tot de invoering van 's werelds eerste nationale programma voor gezinsplanning. Het duurde 25 jaar voordat het vruchtbaarheidscijfer was gedaald tot 5. Indira Gandhi, de toenmalige premier, nam toen drastische maatregelen. Tijdens de noodtoestand van 1975-1977, toen zij per decreet regeerde, leidde haar zoon Sanjay een beruchte campagne van gedwongen sterilisatie. Dat betekende het einde van veel redelijke beleidsmaatregelen, zoals de bevordering van het vrijwillige gebruik van voorbehoedsmiddelen, hoewel die later weer werden ingevoerd. De zuidelijke deelstaat Kerala was in de jaren negentig de eerste deelstaat waar de vruchtbaarheid tot onder het vervangingsniveau daalde. Een voor een zijn andere staten gevolgd. Van de 36 Indiase deelstaten en bestuurlijke regio's hebben er 29 een vruchtbaarheidscijfer van 1,9 of minder. In het arme en grotendeels rurale Uttar Pradesh en Bihar ligt het cijfer op respectievelijk 2,4 en 3. Maar het daalt op die plaatsen sneller dan in het land als geheel. Het percentage ouders dat voorbehoedsmiddelen gebruikt, blijft stijgen. Meer dan twee derde van de paren gebruikt nu anticonceptie, tegenover 54 procent vijf jaar geleden. Een andere opvallende verandering is de gestage stijging van de huwelijksleeftijd. In het onderzoek van 2005-2006 bedroeg het percentage vrouwen in de leeftijdsgroep 20-24 jaar dat op 18-jarige leeftijd al getrouwd was 47 procent. Dat is in vijftien jaar met de helft gedaald, tot 23 procent. Het betekent dat vrouwen minder kinderjaren met een partner doorbrengen. De verbetering van het onderwijs heeft ook een effect gehad. Uit de Indiase gegevens blijkt een perfecte correlatie tussen het aantal jaren schoolopleiding en het aantal geboorten. Door de vertragende groei zal de langetermijndruk op sommige hulpbronnen die in India relatief schaars zijn, zoals land en water, afnemen. Het nieuws kan ook andere voordelen hebben. Politici hebben de angst voor bevolkingsgroei vaak gebruikt om stemmen te winnen, meestal door 'een bepaalde gemeenschap' - een begrip dat verwijst naar de moslimminderheid van 15 procent in India - ervan te beschuldigen te veel baby's te krijgen. Eerste minister Narendra Modi heeft gewaarschuwd voor een dreigende bevolkingsexplosie. Leden van zijn Bharatiya Janata Party (BJP) hebben zelfs opgeroepen tot het beperken van de gezinsgrootte. In juli stelden wetgevers in het door de BJP gecontroleerde Uttar Pradesh een wet voor die overheidsdiensten zou ontzeggen aan gezinnen met meer dan twee kinderen. De nieuwe cijfers van de Indiase regering zouden die afschuwelijke voorstellen kunnen inperken. De vruchtbaarheid onder Indiase moslims is over het algemeen hoger dan onder hindoes. Dat komt gedeeltelijk doordat zovelen arm zijn. Maar het verschil is gestaag kleiner geworden. Tussen 2005 en 2015 daalde het vruchtbaarheidscijfer onder Indiase moslims van 3,4 naar 2,6. De gegevens over religie uit het jongste onderzoek moeten nog worden geanalyseerd, maar de vruchtbaarheidscijfers die daaruit naar voren komen voor de enige twee gebieden in India met een moslimmeerderheid, de Lakshadweep-eilanden en Jammu en Kasjmir, liggen ver onder het vervangingsniveau en behoren met 1,4 tot de laagste in India. Hoewel een dalend vruchtbaarheidscijfer een teken is dat India rijker en beter opgeleid is dan vroeger, brengt het ook zorgen met zich mee. Economen hebben lang gesproken over het 'demografisch dividend', wanneer de productiviteit toeneemt omdat een groter deel van de bevolkingspiramide de werkende leeftijd bereikt. Die periode zal nu korter worden, en India zal eerder te maken krijgen met een snel groeiend aantal ouderen voor wie moet worden gezorgd. De grote verschillen in vruchtbaarheidscijfers tussen de deelstaten brengen ook gevaren met zich. In de toekomst zullen meer Indiërs uit het overbevolkte noorden werk zoeken in het rijkere en minder vruchtbare zuiden. Politici zullen ook te maken krijgen met de hete hangijzers van de verdeling van de kiesdistricten. Al in 1971 heeft Indira Gandhi de zetelverdeling tussen de staten bevroren. Het resultaat is dat een parlementslid uit Kerala nu 1,8 miljoen kiezers vertegenwoordigt en een parlementslid uit Uttar Pradesh bijna 3 miljoen kiezers. Wanneer de bevriezing van de herindeling ergens in het volgende decennium wordt opgeheven, zullen die ongelijkheden tot een groot gevecht leiden.