Vlaamse Landmaatschappij is kop van Jut in stikstofdossier

Wolfgang Riepl
Wolfgang Riepl redacteur bij Trends

Het stikstofdossier betekent voor veel boeren de zoveelste mokerslag. De Vlaamse Landmaatschappij, het overheidsbedrijf achter de fameuze rodebedrijvenlijst, is het mikpunt van kritiek. Wie is die discrete boeman van de boeren?

Maar liefst drie kwart van de Vlaamse land- en tuinbouwbedrijven, of bijna 18.000 grotendeels familiale ondernemingen, moeten de volgende jaren hun stikstofuitstoot terugdringen (zie kader onderaan Een probleem, een aanpak, een akkoord). 41 bedrijven op de beruchte rode lijst moeten zelfs gewoon stoppen. Dat leidde de voorbije weken tot vertwijfelde getuigenissen in de media over eeuwenoude familiebedrijven die plots voor een voldongen feit worden geplaatst. En over een overheidsbedrijf, de Vlaamse Landmaatschappij (VLM), die onwetende boeren tot sluiting dwingt.

Steevast weerklinkt een zelfde patroon. Volgens de VLM waren de bedrijven al jaren, minstens sinds 2015, op de hoogte. De landbouwers gebaren van krommenaas. Ze investeerden de voorbije jaren zelfs vaak in vernieuwende technologie en kregen daarvoor ook de vergunningen. Bart Baeyens bijvoorbeeld, een pluimveehouder van de vierde generatie in Oud-Turnhout, die in 2020 emissiearme stallen bouwde. Hypermodern en volgens de nieuwste technieken. Of veeteelthouder Marcel Van Diest in Lubbeek, die een vergunning kreeg tot in 2031. Het vierdegeneratiebedrijf verkoopt in het weekend zelfgemaakte roomijsjes aan de fietstoeristen in het Hageland. “Ons inkomen wordt van de ene op de andere dag afgepakt”, jammerde de 62-jarige landbouwer in het vakblad Landbouwleven.

Niet alle overheden waren op de hoogte van de rode lijst. Dat verklaart waar- om bedrijven die er al jaren stonden, toch nog uitbreidingsvergun- ningen konden krijgen.

Het bekendste bedrijf op de rode lijst is de abdij van Averbode. De paters investeerden de voorbije jaren in milieuvriendelijke melkproductie. Met een speciaal koeienras, fleckvieh uit de Alpen, dat minder stikstofrijk krachtvoer eet. Met een emissiearme vloer uit rubber, en met gaten met kleppen waar de urine en uitwerpselen in glijden, zodat de ammoniakgassen niet stijgen. “Bij de voorstelling in 2016 blonk onder meer de provinciale gedeputeerde van Groen van trots bij zoveel innovatie en gloednieuwe technologie in combinatie met traditie. Het regende superlatieven”, verzucht Gwendolyn Rutten (Open Vld). De burgemeester van buurstad Aarschot en Vlaams Parlementslid profileerde zich in het stikstofdossier. “Volgens de VLM kreeg Averbode in 2015 een telefoontje om te waarschuwen voor een rode score. Dat staat zo in het VLM-logboek. Maar de paters weten niets van dat telefoontje.” Volgens VLM hadden de paters geen interesse, omdat ze een nieuwe vergunning hadden.

Vlaamse Landmaatschappij is kop van Jut in stikstofdossier

In overleg

Ook Bart Naeyaert, gedeputeerde van de provincie West-Vlaanderen (cd&v) en vicevoorzitter van de raad van bestuur van de VLM, uit bedenkingen. “In Averbode is een gigantische oefening gemaakt in het verzoenen van landbouw en natuur. Dat is de juiste aanpak. Een dossier blokkeren vanuit een louter boekhoudkundige benadering van wat natuur is, lijkt mij niet zo’n goed idee. De VLM heeft echter niet de bevoegdheid om dat zelf te beslissen of aan te sturen. Maar het is cruciaal dat elk landbouwbedrijf weet hoe zijn score is berekend.”

De hoorzitting van de commissie Landbouw van het Vlaams Parlement half mei over het stikstofdossier zaaide zo mogelijk nog meer verwarring. Tijdens de vijf uur durende zitting werd soms onduidelijke informatie verstrekt. Toen Vlaams Parlementslid Bruno Tobback (Vooruit) vroeg of “de juridische waarde van de rode lijst nul komma nul” was, ontkende Toon Denys, gedelegeerd bestuurder van de VLM, dat niet. Het is volgens hem een “indicatieve lijst”, op basis van metingen van 2012 tot 2014. Die lijst werd niet opgesteld door de Vlaamse administratie, maar door de Vlaamse regering. De controle en de goedkeuring van de lijst gebeurden in overleg met de politiek. De bedrijven op de rode lijst werden niet nog eens gecheckt. “Het kan dus dat er met die bedrijven een en ander gebeurd is sinds die periode”, meldde de gedelegeerd bestuurder.

Tijdens de hoorzitting bleek bovendien dat andere overheden, zoals gemeenten en provincies, niet noodzakelijk op de hoogte waren van de VLM-lijst. Dat verklaart waarom bedrijven die al jaren op de rode lijst stonden, toch nog uitbreidingsvergunningen, uitgereikt door gemeenten en provincies, konden krijgen. “Een algemeen probleem bij Vlaamse overheidsinstellingen”, weet Gwendolyn Rutten. “Ze zijn vaak zeer verkokerd. Ze werken naast elkaar.”

‘Schiet niet op de controleur’

Niet iedereen vindt de kritiek op de VLM terecht. De instelling bepaalt niet in haar eentje of een landbouwbedrijf moet stoppen. Daar zijn ook diverse andere Vlaamse overheidsinstellingen bij betrokken.

Het Agentschap Natuur en Bos (ANB) doet het beheer en de ontwikkeling van de ruim 90.000 hectare aan natuurgebieden, bossen en parken in Vlaanderen. Het geeft ook advies over vergunningsaanvragen van landbouwbedrijven. Het Instituut Natuur- en Bosonderzoek (INBO) onderbouwt en evalueert met wetenschappelijk onderzoek, data en kennis het biodiversiteitsbeleid en -beheer in Vlaanderen. Het levert dus de wetenschappelijke onderbouw. De derde partij is de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO). Die ontwikkelde de technologie voor de metingen van de stikstofneerslag in landbouw- en natuurgebieden.

De VLM ten slotte overlegt uiteindelijk met de betrokken landbouwbedrijven en communiceert. Ze voert het zogenoemde flankerende beleid: een bedrijfsreconversie, een verplaatsing, een uitkoopregeling. “Vergelijk het met iemand die belastingen moet betalen”, zegt Simon Bekaert (Vooruit), namens de provincie West-Vlaanderen bestuurder bij VLM. “Je kunt voor een betwisting op de belastingcontroleur schieten. Maar die maakt uiteraard de belastingwetgeving niet. De VLM voert gewoon uit wat de Vlaamse regering haar als opdracht geeft.”

Volgens een VLM-bestuurder moeten de getroffen landbouwers bovendien niet klagen over de uitkoopvergoedingen als hun bedrijf moet stoppen of verhuizen. “Elk bedrijf op die rode lijst wil zich uiteraard verdedigen. Bij de getroffen landbouwers is er heel veel sentiment. Hun bedrijf is altijd het beste bedrijf. Maar de vergoedingen zijn niet niks. Mochten in dit dossier de gewone onteigeningsregels worden gevolgd, dan zouden de getroffen bedrijven veel minder krijgen. Dit systeem is héél gul.”

Geen apparatsjik

Niemand van de acht personen met wie we spraken, stelt de deskundigheid van Toon Denys ter discussie. De 56-jarige ingenieur milieusanering (UGent) werkt sinds 1991 bij de VLM. In 2009 werd hij gedelegeerd bestuurder. “Toon Denys is een degelijke ambtenaar. Een man van de wat oudere traditie, type CVP-etiket. Maar hij is zeker geen apparatsjik”, vindt Gwendolyn Rutten. “Toon is een heel voorzichtige man”, oordeelt VLM-bestuurder Simon Bekaert. “Rustig, hij zegt niet veel. Niet omdat hij zijn dossiers niet zou kennen. Nee, Toon laat zijn ambtenaren veel aan het woord. Ze krijgen van hem de nodige ruimte.”

Ook de voorzitter van de raad van bestuur Huub Broers (70) krijgt van zes gecontacteerde bestuurders goede punten. Zijn politieke kleur (N-VA) als voormalig burgemeester van Voeren is van geen tel tijdens de raadszittingen. “Ik heb nog nooit ondervonden dat Broers dingen in een bepaalde richting stuurt tijdens de vergaderingen”, zegt een bestuurder. “Hij vraagt de mening aan iedereen rond de tafel, op een heel correcte en neutrale manier.” Beslissingen worden bij consensus genomen. Dat lijkt niet vanzelfsprekend in een raad van bestuur met heel uiteenlopende belangen: van mensen van de Boerenbond, Groen, vertegenwoordigers van de traditionele landbouw tot experts in nieuwe landbouw- en milieutechnologie.

56 procent van de stikstof- uitstoot komt van de landbouw.

3,65 miljard euro overheidsgeld gaat door het stikstofakkoord naar de landbouw tot 2030.

Een probleem, een aanpak en een akkoord

– Waarom is stikstof een probleem? Stikstof is een van de belangrijkste voedingsstoffen voor planten. Maar te veel stikstof creëert twee problemen. Brandnetels, bramen en gras groeien dan sneller en overwoekeren planten die minder stikstof nodig hebben. Dat is funest voor insecten en vlinders. Later verdwijnen ook de vogels die daarvan leven. Een tweede kopzorg is de verzuring van de bodem en het water. In de bodem wordt de opname van voedingsstoffen (calcium, magnesium, kalium) door plantenwortels moeilijker. Water wordt verontreinigd door te veel nitraat. Ook dat verandert de biodiversiteit.

– Wat is PAS? PAS is het letterwoord voor ‘programmatische aanpak stikstof’. Die aanpak moet de uitstoot van stikstof in Vlaanderen verminderen. De landbouw (vooral veeteelt en mestverwerkers) staat voor 56 procent van alle stikstofuitstoot. PAS moet maken dat Vlaanderen voldoet aan een Europese richtlijn. Natuurgebieden die deel uitmaken van het pan-Europese Natura 2000-netwerk, moeten actief worden beschermd en hersteld. In 56 procent van het Natura 2000-areaal is er te veel stikstofneerslag. De ‘rode bedrijven’ moeten stoppen tegen 2025, omdat zij dicht bij die natuurgebieden liggen – al zijn ze samen verantwoordelijk voor nog geen procent van de stikstofuitstoot. Over PAS loopt tot 17 juni een openbaar onderzoek bij de burgers. Overheden kunnen tot 18 augustus opmerkingen formuleren.

– Wat is het stikstofakkoord? Eind februari bereikte de Vlaamse regering een akkoord over de afbouw van de stikstofuitstoot. Tegen 2030 moet de Vlaamse veestapel sterk verminderen: de varkensstapel moet krimpen met 30 procent. In totaal wordt 3,65 miljard euro voorzien voor de landbouw tot 2030 (2,35 miljard euro moet worden gezocht door de volgende regeringen). Landbouwers krijgen onder meer uitkoopvergoedingen voor dieren, gronden en gebouwen, of omschakelingssubsidies voor meer milieuvriendelijke en emissiearme technieken.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content