Niet de productie van hout of papier, wel die van vlees en gewassen als palmolie of soja zijn veruit de belangrijkste motor voor ontbossing in de wereld.

De EU-lidstaten zijn samen verantwoordelijk voor ruim een derde van de wereldwijde import van dergelijke producten, en de EU stond onder toenemende druk - ook van de eigen burgers - om daar iets aan te doen.

Na een eerste voorstel in 2021 is meer dan een jaar gesleuteld aan nieuwe regels om dergelijke producten te verbieden. Maandag werd dan toch een akkoord bereikt in de onderhandeling tussen het Europees Parlement en de lidstaten. Daardoor moeten bedrijven nu precies weten waar hun producten vandaan komen, en of er op die locatie sprake is van ontbossing.

Wereldprimeur

"Met deze wereldprimeur tegen ontbossing hebben we geschiedenis geschreven", zegt Anke Schulmeister-Oldenhove van het Wereldnatuurfonds. 'De EU verandert niet alleen de spelregels binnen haar grenzen, het creëert als groot handelsblok ook een sterke stimulans voor andere landen om hun beleid te wijzigen. De wet is niet perfect, maar bevat sterke elementen.'

Belangrijk aan de nieuwe wet is dat de regels verder gaan dan legaliteit, zegt het WWF. Om op de Europese markt te komen moeten producten niet alleen legaal zijn volgens de wetgeving van het producerende land, maar ook vrij zijn van ontbossing en bosdegradatie. Daarnaast heeft de wet betrekking op een brede waaier van producten, van soja, palmolie en hout tot rundvlees, koffie en rubber. En de consument krijgt zekerheid, omdat producten getraceerd kunnen worden tot hun oorsprong.

Kritiek

Toch mist de nieuwe wetgeving enkele belangrijke bepalingen, zegt het WWF. Zo wordt er enkel gekeken naar bossen, en niet naar andere kwetsbare natuur zoals savannes. Nochtans staan ook veel van die belangrijke natuurgebieden, zoals de Braziliaanse Cerrado, onder enorme druk van de landbouw.

De Commissie belooft wel verder onderzoek naar de haalbaarheid van een uitbreiding van het verbod naar die gebieden.

Er is volgens milieuorganisaties ook een gebrek aan duidelijke erkenning van mensenrechten, met name van inheemse volkeren en lokale gemeenschappen. De huidige tekst refereert niet naar internationale verdragen, maar beperkt de reikwijdte van mensenrechten tot nationale wetgeving. Dat betekent dat als bepaalde rechten van inheemse volkeren of lokale gemeenschappen niet worden beschermd in hun eigen land, ze ook niet worden beschermd door de EU-wetgeving.

Niet de productie van hout of papier, wel die van vlees en gewassen als palmolie of soja zijn veruit de belangrijkste motor voor ontbossing in de wereld. De EU-lidstaten zijn samen verantwoordelijk voor ruim een derde van de wereldwijde import van dergelijke producten, en de EU stond onder toenemende druk - ook van de eigen burgers - om daar iets aan te doen.Na een eerste voorstel in 2021 is meer dan een jaar gesleuteld aan nieuwe regels om dergelijke producten te verbieden. Maandag werd dan toch een akkoord bereikt in de onderhandeling tussen het Europees Parlement en de lidstaten. Daardoor moeten bedrijven nu precies weten waar hun producten vandaan komen, en of er op die locatie sprake is van ontbossing."Met deze wereldprimeur tegen ontbossing hebben we geschiedenis geschreven", zegt Anke Schulmeister-Oldenhove van het Wereldnatuurfonds. 'De EU verandert niet alleen de spelregels binnen haar grenzen, het creëert als groot handelsblok ook een sterke stimulans voor andere landen om hun beleid te wijzigen. De wet is niet perfect, maar bevat sterke elementen.'Belangrijk aan de nieuwe wet is dat de regels verder gaan dan legaliteit, zegt het WWF. Om op de Europese markt te komen moeten producten niet alleen legaal zijn volgens de wetgeving van het producerende land, maar ook vrij zijn van ontbossing en bosdegradatie. Daarnaast heeft de wet betrekking op een brede waaier van producten, van soja, palmolie en hout tot rundvlees, koffie en rubber. En de consument krijgt zekerheid, omdat producten getraceerd kunnen worden tot hun oorsprong.Toch mist de nieuwe wetgeving enkele belangrijke bepalingen, zegt het WWF. Zo wordt er enkel gekeken naar bossen, en niet naar andere kwetsbare natuur zoals savannes. Nochtans staan ook veel van die belangrijke natuurgebieden, zoals de Braziliaanse Cerrado, onder enorme druk van de landbouw.De Commissie belooft wel verder onderzoek naar de haalbaarheid van een uitbreiding van het verbod naar die gebieden.Er is volgens milieuorganisaties ook een gebrek aan duidelijke erkenning van mensenrechten, met name van inheemse volkeren en lokale gemeenschappen. De huidige tekst refereert niet naar internationale verdragen, maar beperkt de reikwijdte van mensenrechten tot nationale wetgeving. Dat betekent dat als bepaalde rechten van inheemse volkeren of lokale gemeenschappen niet worden beschermd in hun eigen land, ze ook niet worden beschermd door de EU-wetgeving.