Wie niet beter weet , zou België kunnen beschuldigen van een verstandig begrotingsbeleid. Menige centrale bank, internationale instelling of econoom roept de westerse wereld op tot meer overheidsuitgaven om de groeivertraging te bestrijden. Welnu, dat is precies wat België doet. De overheid steunt de economie door royaal te lenen en te spenderen. Het begrotingstekort loopt vlot op, de overheidsuitgaven rijzen de pan uit. Ons land heeft zelfs zijn minister van Begroting, Sophie Wilmès, gepromoveerd tot premier om die visie kracht bij te zetten.
...

Wie niet beter weet , zou België kunnen beschuldigen van een verstandig begrotingsbeleid. Menige centrale bank, internationale instelling of econoom roept de westerse wereld op tot meer overheidsuitgaven om de groeivertraging te bestrijden. Welnu, dat is precies wat België doet. De overheid steunt de economie door royaal te lenen en te spenderen. Het begrotingstekort loopt vlot op, de overheidsuitgaven rijzen de pan uit. Ons land heeft zelfs zijn minister van Begroting, Sophie Wilmès, gepromoveerd tot premier om die visie kracht bij te zetten. Met onze excuses dat we er een karikatuur van maken, maar net zoals de benoeming van Wilmès tot premier, is het Belgische begrotingsbeleid evenveel de vrucht van een structureel 'malgoverno' en een politieke patstelling, dan het resultaat van een doordachte strategie. Het Belgische beleid is géén voorbeeld voor andere landen, om verschillende redenen. Als de federale regering vorige week een brief kreeg van de Europese Commissie, dan was dat niet om ons te feliciteren, maar om ons een reprimande te geven voor de ontsporing van de begroting en de overheidsuitgaven.Een begrotingstekort in tijden van recessiegevaar mag, als met dat geleende geld het groeipotentieel verstevigd wordt, door bijvoorbeeld te investeren in infrastructuur of in onderzoek en ontwikkeling. Daar kun je België niet van verdenken. De overheidsinvesteringen worden al jaren stiefmoederlijk behandeld, en behalve het bewijzen van wat lippendienst, komt daar weinig tot geen verandering in. Trouwens, tegen dat een overheidsinvestering in dit land wordt uitgevoerd, zijn we drie recessies verder. Investeren op de poef mag en moet, maar daar heeft het Belgische begrotingsbeleid niets mee te maken.De ongemakkelijke waarheid is dat het begrotingstekort oploopt omdat België op het vak 'voorbereiden van de vergrijzing' een dikke onvoldoende heeft. De student was nochtans gewaarschuwd. De demografische realiteit komt niet uit de lucht gevallen. Honderden rapporten zijn er geschreven over de impact van de vergrijzing op de economie en de begroting, waarvan de eerste al tientallen jaren oud zijn. Maar wat baten kaars en bril, als de uil niet zien en wil? De paarse regeringen hebben de unieke kans verkwanseld om de rentebonus te gebruiken om een substantieel deel van de vergrijzingskosten vooraf te betalen. De regering-Di Rupo en de regering-Michel hebben pensioenhervormingen doorgevoerd, maar op beide pogingen mag het etiket 'te weinig en te laat' geplakt worden. Het begrotingsbeleid blonk de voorbije jaren uit in het betere oplapwerk, met links wat belastingverhogingen en rechts wat pogingen tot besparingen. Die strategie heeft haar houdbaarheidsdatum bereikt. De uitgaven voor pensioenen, gezondheidszorg en arbeidsongeschiktheid zijn niet meer onder controle. En omdat er niemand nog op de winkel past, zien vreemde coalities de kans ongegeneerd in de koekjestrommel te graaien. De pannen waaien van het federale dak, maar niemand durft de ladder nog op voor herstellingswerken. Wat moet je ook? Een grote belastingverhoging riskeert bij een fiscale druk van ruim 45 procent zeer contraproductief te worden. De noodzakelijke vooruitgang van de werkgelegenheid zou kapotbelast worden. Een grote, nieuwe pensioenhervorming dringt zich op om de effectieve pensioenleeftijd van bijna 61 nu naar minstens 65 te verhogen. De bevolking wil er echter niet meer van horen, en daar spinnen vooral de radicale partijen als het Vlaams Belang en de PTB nu al electoraal garen bij. En als je ook nog eens een echt keynesiaans beleid wil voeren dat investeert in de toekomst, dan moet de regering nog eens miljarden euro's verschuiven van de lopende uitgaven naar productieve investeringen. Het moeilijkste moet bovendien nog komen. De vergrijzing en de bijhorende sociale uitgaven pieken pas tegen 2040. Het is de schuld van Sophie Wilmès niet dat ze een regering van ontspoorde zaken mag of moet leiden, maar aan een parler vrai op basis van een nuchtere analyse mag de nieuwe premier niet verzaken.