De hervorming werd al jaren geleden ingezet. In een eerste fase werd de berekening van de sociale bijdragen afgestemd op de geraamde inkomsten van het jaar zelf, en niet meer op die van drie jaar voordien. Dat moest er voor zorgen dat de betaling beter overeenkwam met de economische realiteit van de zelfstandige. Eens de inkomsten dan definitief bekend zijn, volgt een 'regularisatie'. Dat komt neer op ofwel een bijdragecomplement ofwel een terugbetaling van teveel betaalde bijdragen, vaak twee jaar later.

Toch bleven er nog belemmeringen overeind. Zo kunnen zelfstandigen enkel lagere sociale bijdragen genieten binnen bepaalde vastgelegde drempels en volgens geraamde inkomsten. Het nieuwe KB schaft de tussendrempels af, waardoor zelfstandigen vrij het bedrag kunnen betalen dat ze denken verschuldigd te zijn. Ze moeten enkel bij het sociaal verzekeringsfonds een objectieve verantwoording geven bij de aanvraag tot vermindering. De minimumbijdrage blijft wel behouden.

In geval van een onterechte vermindering, blijft het systeem van de verhoging van de sociale bijdragen behouden, maar beperkt tot het strikte minimum. De verhoging bedraagt 3 procent van het deel van de definitieve bijdrage dat het bedrag overschrijdt van de verminderde voorlopige bijdrage en dat onbetaald blijft op 31 december van het bijdragejaar. Een eenmalige verhoging van 7 procent per jaar zal worden aangerekend in geval van niet-betaling op 31 december van het bijdragejaar.

Volgens minister Clarinval betekent de hervorming 'een absoluut noodzakelijke maatregel om hen toe laten hun beroepsinkomsten efficiënter te beheren, vooral in een context van steun en economische relance.' Hij benadrukt ook dat de zelfstandigen zullen worden begeleid door hun sociaal verzekeringsfonds.

De hervorming werd al jaren geleden ingezet. In een eerste fase werd de berekening van de sociale bijdragen afgestemd op de geraamde inkomsten van het jaar zelf, en niet meer op die van drie jaar voordien. Dat moest er voor zorgen dat de betaling beter overeenkwam met de economische realiteit van de zelfstandige. Eens de inkomsten dan definitief bekend zijn, volgt een 'regularisatie'. Dat komt neer op ofwel een bijdragecomplement ofwel een terugbetaling van teveel betaalde bijdragen, vaak twee jaar later. Toch bleven er nog belemmeringen overeind. Zo kunnen zelfstandigen enkel lagere sociale bijdragen genieten binnen bepaalde vastgelegde drempels en volgens geraamde inkomsten. Het nieuwe KB schaft de tussendrempels af, waardoor zelfstandigen vrij het bedrag kunnen betalen dat ze denken verschuldigd te zijn. Ze moeten enkel bij het sociaal verzekeringsfonds een objectieve verantwoording geven bij de aanvraag tot vermindering. De minimumbijdrage blijft wel behouden. In geval van een onterechte vermindering, blijft het systeem van de verhoging van de sociale bijdragen behouden, maar beperkt tot het strikte minimum. De verhoging bedraagt 3 procent van het deel van de definitieve bijdrage dat het bedrag overschrijdt van de verminderde voorlopige bijdrage en dat onbetaald blijft op 31 december van het bijdragejaar. Een eenmalige verhoging van 7 procent per jaar zal worden aangerekend in geval van niet-betaling op 31 december van het bijdragejaar. Volgens minister Clarinval betekent de hervorming 'een absoluut noodzakelijke maatregel om hen toe laten hun beroepsinkomsten efficiënter te beheren, vooral in een context van steun en economische relance.' Hij benadrukt ook dat de zelfstandigen zullen worden begeleid door hun sociaal verzekeringsfonds.