Een 'big shift' bij de socialisten die niet langer links maar vooruit willen. Christendemocraten die van hol naar vol de uitsterving willen vermijden. Liberalen die 175 jaar geschiedenis vieren met vertwijfeling over de toekomst. De klassieke politieke families staan allemaal op het kruispunt van de geschiedenis.

Liberalen en socialisten zijn het slachtoffer van hun eigen succes. Onze rechtsstaat en samenleving zijn opgetrokken uit liberaal-democratisch DNA waarin de persoonlijke vrijheid centraal staat, daar heeft corona ons aan herinnerd. Markten en kapitalisme zijn een gedeeld goed, net als de sociale verworvenheden van de arbeidsbescherming en de welvaartsstaat. Aan discussiestof geen gebrek, evenmin als aan beeldenstormers die de revolutie prediken. Dat is altijd zo, maar het is toch vooral rommelen in de marge van een verworven maatschappijmodel.

De christendemocraten zijn het slachtoffer van zichzelf. De partij staat van oudsher voor waarden en identiteit. Die waren ooit van katholieke obediëntie, gericht op wat zich in de huiskamer en de slaapkamer afspeelde. Dat zijn inmiddels vrijplaatsen waarin de zuurstof voor de klassieke christendemocratie is verdampt. Maar het fundament van samenlevingswaarden, identiteit en nationaliteit lag onaangeroerd, plukrijp toen de multiculturele illusie leegliep. Dat was het gat voor de nieuwe christendemocratie, maar het is gevuld door extreemrechts en romantisch Vlaams-nationalisme.

Politieke vernieuwing moet ook partijpolitieke herverkaveling zijn.

Ondertussen zijn identiteit, burgerschap, normen en waarden hete hangijzers. Ze vallen samen met de erosie van de globalisering, de terugkeer van nationale grenzen, de limieten van immigratie, het falen van de integratie of de assimilatie en de wens naar meer Europese soevereiniteit in de koude oorlog tussen democratie en autoritarisme. Alle klassieke partijen moeten dat mijnenveld betreden. Als ze dat doen, wenkt een conservatieve renaissance die de lijm en de veerkracht van onze samenleving kan herstellen. Als ze dat laten, wenkt de destructieve polarisatie tussen onverdraagzaam woke en onbuigzaam nationalisme.

Klimaat en milieu zijn evenzeer transversaal. Wie wil er nu de planeet opstoken, de biodiversiteit afvoeren en Moeder Natuur vergiftigen? Niemand. En toch wordt dat thema partijpolitiek vooral bezet door een partij die groen met rood identificeert en maatschappelijk gedomineerd door apocalyptisch activisme. Er is invulling voor een ambitieus beleid dat ecologie verbindt met economie, sociale inclusie en waarden, respectievelijk voor die aloude liberalen, socialisten en christendemocraten.

Doordat de centrumpartijen zijn blijven staan terwijl het centrum verschoof, floreren nichepartijen die dat centrum verder electoraal kannibaliseren. De versnippering waardoor steeds meer partijen steeds minder macht hebben is destructief voor iedereen, maar vooral voor de klassieke partijen. Die zijn noodzakelijk voor elke meerderheid maar kunnen in geen enkele meerderheid nog het verschil maken. Ze kunnen nooit terug naar de kiezer om beloond te worden voor het vervullen van hun partijprogramma, wegens te veel regeringspartijen. Dat is een zegen voor de extremere partijen die de gefrustreerde burger kunnen verleiden met de halve waarheid dat het toch altijd hetzelfde blijft.

Daarom moet politieke vernieuwing ook partijpolitieke herverkaveling zijn. De eerste die daarin slaagt, wacht de toekomst. Hopelijk met een betere Belgische staatsstructuur en een volwassen bevoegdheidsverdeling met de Europese Unie. Met meer echte parlementaire democratie ook. Geen bewegingen, bevragingen of burgerparticipaties, maar echte volksvertegenwoordigers. Sterkere politieke partijen vergen niet alleen minder partijen, maar ook minder particratie.

Een 'big shift' bij de socialisten die niet langer links maar vooruit willen. Christendemocraten die van hol naar vol de uitsterving willen vermijden. Liberalen die 175 jaar geschiedenis vieren met vertwijfeling over de toekomst. De klassieke politieke families staan allemaal op het kruispunt van de geschiedenis. Liberalen en socialisten zijn het slachtoffer van hun eigen succes. Onze rechtsstaat en samenleving zijn opgetrokken uit liberaal-democratisch DNA waarin de persoonlijke vrijheid centraal staat, daar heeft corona ons aan herinnerd. Markten en kapitalisme zijn een gedeeld goed, net als de sociale verworvenheden van de arbeidsbescherming en de welvaartsstaat. Aan discussiestof geen gebrek, evenmin als aan beeldenstormers die de revolutie prediken. Dat is altijd zo, maar het is toch vooral rommelen in de marge van een verworven maatschappijmodel.De christendemocraten zijn het slachtoffer van zichzelf. De partij staat van oudsher voor waarden en identiteit. Die waren ooit van katholieke obediëntie, gericht op wat zich in de huiskamer en de slaapkamer afspeelde. Dat zijn inmiddels vrijplaatsen waarin de zuurstof voor de klassieke christendemocratie is verdampt. Maar het fundament van samenlevingswaarden, identiteit en nationaliteit lag onaangeroerd, plukrijp toen de multiculturele illusie leegliep. Dat was het gat voor de nieuwe christendemocratie, maar het is gevuld door extreemrechts en romantisch Vlaams-nationalisme.Ondertussen zijn identiteit, burgerschap, normen en waarden hete hangijzers. Ze vallen samen met de erosie van de globalisering, de terugkeer van nationale grenzen, de limieten van immigratie, het falen van de integratie of de assimilatie en de wens naar meer Europese soevereiniteit in de koude oorlog tussen democratie en autoritarisme. Alle klassieke partijen moeten dat mijnenveld betreden. Als ze dat doen, wenkt een conservatieve renaissance die de lijm en de veerkracht van onze samenleving kan herstellen. Als ze dat laten, wenkt de destructieve polarisatie tussen onverdraagzaam woke en onbuigzaam nationalisme.Klimaat en milieu zijn evenzeer transversaal. Wie wil er nu de planeet opstoken, de biodiversiteit afvoeren en Moeder Natuur vergiftigen? Niemand. En toch wordt dat thema partijpolitiek vooral bezet door een partij die groen met rood identificeert en maatschappelijk gedomineerd door apocalyptisch activisme. Er is invulling voor een ambitieus beleid dat ecologie verbindt met economie, sociale inclusie en waarden, respectievelijk voor die aloude liberalen, socialisten en christendemocraten. Doordat de centrumpartijen zijn blijven staan terwijl het centrum verschoof, floreren nichepartijen die dat centrum verder electoraal kannibaliseren. De versnippering waardoor steeds meer partijen steeds minder macht hebben is destructief voor iedereen, maar vooral voor de klassieke partijen. Die zijn noodzakelijk voor elke meerderheid maar kunnen in geen enkele meerderheid nog het verschil maken. Ze kunnen nooit terug naar de kiezer om beloond te worden voor het vervullen van hun partijprogramma, wegens te veel regeringspartijen. Dat is een zegen voor de extremere partijen die de gefrustreerde burger kunnen verleiden met de halve waarheid dat het toch altijd hetzelfde blijft.Daarom moet politieke vernieuwing ook partijpolitieke herverkaveling zijn. De eerste die daarin slaagt, wacht de toekomst. Hopelijk met een betere Belgische staatsstructuur en een volwassen bevoegdheidsverdeling met de Europese Unie. Met meer echte parlementaire democratie ook. Geen bewegingen, bevragingen of burgerparticipaties, maar echte volksvertegenwoordigers. Sterkere politieke partijen vergen niet alleen minder partijen, maar ook minder particratie.