De cijfers bewijzen volgens Dierick dat de betalingsmonitor die staatssecretaris van Begroting Eva De Bleeker (Open Vld) onlangs lanceerde 'een te rooskleurig beeld schept van de betalingshygiëne van onze overheden'. 'Volgens de betalingsmonitor bedroeg de gemiddelde betalingstermijn bij de overheid zestien dagen. Die termijn is gebaseerd op de inscandatum. Voor ondernemers is echter niet deze datum, maar enkel het moment van facturatie relevant', stelt het Kamerlid. In werkelijkheid ontvangen bedrijven dus pas 40 dagen na facturatie hun betaling, onderstreept Dierick. Daardoor moeten bedrijven langer wachten op hun geld.

Bovendien wegen de laattijdige betalingen ook op de staatskas. Zo betaalde de federale overheid in 2021 20 miljoen euro aan nalatigheidsinteresten, het hoogste bedrag sinds 2016 en veertien miljoen meer dan in 2020. 'Om een volledig beeld te hebben, moeten we ook deze interesten opnemen in de betalingsmonitor', stelt Dierick.

Sinds februari van dit jaar is een wet van kracht die de overheid striktere betalingstermijnen oplegt. Daardoor is een belangrijk juridisch achterpoortje gesloten. Zo kan de verificatiedatum niet langer gebruikt worden om de betalingstermijn te rekken tot 60 dagen. 'Het is uitkijken naar de eerste betalingsmonitor van 2022. De cijfers van het eerste kwartaal zijn onderhevig aan de nieuwe wet rond betalingstermijnen', besluit het CD&V-Kamerlid.

Staatssecretaris Eva De Bleeker stelt maandag in een reactie dat de publicatie van de twee soorten termijnen, zowel tegenover de factuur- als de scandatum, ervoor zorgt dat alle betaaltermijnen exact en transparant kunnen worden gemonitord. 'Tegelijk blijf ik het gebruik van e-facturatie stimuleren. Dat komt de efficiëntie van de afhandeling van de facturen te goede en bovendien zijn, bij gebruik van die e-facturatie, factuurdatum en scandatum gelijk, aangezien de factuur onmiddellijk verzonden wordt naar de klant en automatisch kan worden verwerkt.'

De cijfers bewijzen volgens Dierick dat de betalingsmonitor die staatssecretaris van Begroting Eva De Bleeker (Open Vld) onlangs lanceerde 'een te rooskleurig beeld schept van de betalingshygiëne van onze overheden'. 'Volgens de betalingsmonitor bedroeg de gemiddelde betalingstermijn bij de overheid zestien dagen. Die termijn is gebaseerd op de inscandatum. Voor ondernemers is echter niet deze datum, maar enkel het moment van facturatie relevant', stelt het Kamerlid. In werkelijkheid ontvangen bedrijven dus pas 40 dagen na facturatie hun betaling, onderstreept Dierick. Daardoor moeten bedrijven langer wachten op hun geld.Bovendien wegen de laattijdige betalingen ook op de staatskas. Zo betaalde de federale overheid in 2021 20 miljoen euro aan nalatigheidsinteresten, het hoogste bedrag sinds 2016 en veertien miljoen meer dan in 2020. 'Om een volledig beeld te hebben, moeten we ook deze interesten opnemen in de betalingsmonitor', stelt Dierick.Sinds februari van dit jaar is een wet van kracht die de overheid striktere betalingstermijnen oplegt. Daardoor is een belangrijk juridisch achterpoortje gesloten. Zo kan de verificatiedatum niet langer gebruikt worden om de betalingstermijn te rekken tot 60 dagen. 'Het is uitkijken naar de eerste betalingsmonitor van 2022. De cijfers van het eerste kwartaal zijn onderhevig aan de nieuwe wet rond betalingstermijnen', besluit het CD&V-Kamerlid.Staatssecretaris Eva De Bleeker stelt maandag in een reactie dat de publicatie van de twee soorten termijnen, zowel tegenover de factuur- als de scandatum, ervoor zorgt dat alle betaaltermijnen exact en transparant kunnen worden gemonitord. 'Tegelijk blijf ik het gebruik van e-facturatie stimuleren. Dat komt de efficiëntie van de afhandeling van de facturen te goede en bovendien zijn, bij gebruik van die e-facturatie, factuurdatum en scandatum gelijk, aangezien de factuur onmiddellijk verzonden wordt naar de klant en automatisch kan worden verwerkt.'