Misschien was de ambitie van de regering-Michel te hooggegrepen. Een begrotingsevenwicht tegen het einde van de legislatuur lag misschien nog binnen handbereik. Maar de combinatie met de noodzakelijke belastingverlaging was lastig. Het was kiezen of delen, en de regering koos gelukkig voor de belastingverlaging. Die was een must om de concurrentiekracht op de rails te houden en banen te scheppen. Wie heeft heimwee naar de regering-Di Rupo, die de begroting in de goede richting duwde door de laatste belastingdruppels uit de citroen te persen?

De sterren staan nochtans gunstig om beide ballen - een begrotingsevenwicht en een belastingverlaging - in de lucht te houden. Maar een rentebonus, conjuncturele meevallers en een mild besparingsbeleid volstaan niet om de belastingverlaging en de stijgende vergrijzingskosten te betalen. Het begrotingstekort bleef wat verweesd achter.

De Nationale Bank verwacht bij ongewijzigd beleid in 2019 een tekort van 1,8 procent van het bruto binnenlands product (bbp), tegenover 3,1 procent in 2014. De angel in dat beleid is dat de rentebonus opdroogt en dat een gunstige conjunctuur komt en gaat, terwijl de vergrijzingskosten wel een blijver zijn, net zoals de kwalijke gewoonte om moeilijke hervormingen uit te stellen of af te zwakken.

Recessie

Maar als een centrumrechtse coalitie niet de noodzakelijke hervormingen kan doen, welke regering dan wel? De uitgaven stijgen sinds 2014 weliswaar minder snel dan het bbp, dankzij de goede conjunctuur en het zuinigere beleid, maar in dit land staat besparen nog altijd gelijk aan minder meer uitgeven. Vanaf dit jaar stijgen de overheidsuitgaven opnieuw in lijn met het bbp. Als een nieuwe recessie toeslaat, wordt het vrouwen en kinderen eerst op de begrotingsbesprekingen.

Nog zeker twintig jaar begrotingsellende

Maar er zijn ook verzachtende omstandigheden. Met een CD&V die wordt gedomineerd door de linkervleugel, is het moeilijk spijkers met koppen te slaan. En de vergrijzing bijt steeds harder in de begroting, waardoor ook de volgende regeringen met een achterstand aan de budgetopmaak beginnen. Ze moeten besparen of nieuwe inkomsten vinden om het tekort te stabiliseren.

Bij ongewijzigd beleid gaat de begroting dus vanzelf de dieperik in. Vergeet ook niet dat andere uitgavenposten, die al jaren stiefmoederlijk behandeld worden, schreeuwen om rehabilitatie. Denk aan defensie en overheidsinvesteringen. Je kunt herstellingen aan het dak niet blijven uitstellen.

Begrotingsellende blijft duren

Vermits de vergrijzingskosten nog minstens twintig jaar oplopen, zal ook de begrotingsellende nog minstens twintig jaar duren. Vergeet voor 2040 een overheidsbeslag van minder dan 50 procent. Vergeet voor 2040 een belastingverlaging die naam waardig. Vergeet voor 2040 een begroting in evenwicht zonder dat het eerst pijn zal doen.

Zonder extra besparingen of hervormingen is het risico groot dat de belastingverlaging teruggedraaid wordt, door een linkse regering of door een regering die hervormingsmoe is. Een ander alternatief is dat het begrotingsevenwicht overboord wordt gegooid, maar een staatsschuld van nog altijd meer dan 100 procent van het bbp laat niet veel bewegingsruimte.

Meer nog dan voor het vak begroting, moet de regering-Michel voor het vak pensioenhervorming gedelibereerd worden. De eerste berekeningen dat de pensioenhervorming de toename van de vergrijzingskosten zou halveren, liggen al in de prullenmand. Het recente Ageing Report van de Europese Commissie schat de extra kosten nog altijd op 4,6 procent van het bpp tegen 2060. Als straks de helft van de beroepsbevolking mag rekenen op het statuut van zwaar beroep, loopt de rekening nog meer op.

Eind jaren negentig leken de Belgische overheidsfinanciën op weg de afdeling intensieve zorgen te verlaten. Maar de regeringen-Verhofstadt vergrepen zich aan de rentebonus, de Grote Recessie trok een spoor van vernieling door de rekeningen, de regering-Di Rupo had een gat in de hand en de regering-Michel bleef te veel haperen in goede bedoelingen. Het mag beter, of nog twintig jaar begrotingsellende is een heel optimistische prognose.