Op 1 oktober is het academiejaar nog pril. Dat zorgt bij de meeste studenten voor optimisme over de opleiding die ze volgen. Een gevoel dat geheel terecht is, zo blijkt uit de Times Higher Education-ranking. Daarin halen vier Belgische universiteiten de top 200. Drie van die vier zijn overigens Vlaamse universiteiten. Op de 35ste plaats staat de KU Leuven, gevolgd door UGent op plaats 118 en ook de Universiteit Antwerpen doet het met een 19...

Op 1 oktober is het academiejaar nog pril. Dat zorgt bij de meeste studenten voor optimisme over de opleiding die ze volgen. Een gevoel dat geheel terecht is, zo blijkt uit de Times Higher Education-ranking. Daarin halen vier Belgische universiteiten de top 200. Drie van die vier zijn overigens Vlaamse universiteiten. Op de 35ste plaats staat de KU Leuven, gevolgd door UGent op plaats 118 en ook de Universiteit Antwerpen doet het met een 190ste plek niet slecht in de hitparade.Uiteraard zeggen zulke rankings niet alles. En uiteraard hoeven we hierover niet euforisch te doen. Uiteindelijk hebben we als een van de rijkste landen ter wereld slechts één universiteit in de top vijftig. Sterker nog: een echte topuniversiteit heeft Vlaanderen niet. Daar hoeven we niet dramatisch over te doen. Tenslotte is een universiteit die zich kan meten met de wereldtop enigszins onrealistisch in een regio met pakweg 6 miljoen Vlamingen.Des te opvallender is de vaststelling dat onze universiteiten in termen van productiviteit beter dan gemiddeld scoren. Per docent tellen de universiteiten gemiddeld 37 studenten. Dat is een van de hoogste ratio's bij de landen uit de Times top 200. Anders gezegd: de kennisoverdracht gebeurt aan onze universiteiten efficiënter dan elders. Het is een detail dat beleidsmakers het best in gedachten houden bij een volgende besparingsronde. Het zou logisch zijn niet verder op personeel te beknibbelen als de financiering van het hoger onderwijs nog eens ter discussie staat.Vlaanderen beschikt dankzij zijn degelijke onderwijs over een grote groep goed opgeleide werknemers. In een kenniseconomie is dat een te koesteren troefkaart. Vorig jaar zette minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) al de knip in de budgetten voor het hoger onderwijs. Het hogere inschrijvingsgeld dat universiteiten mogen vragen, compenseert dat ten dele. Toch is er een gevaar van een structurele onderfinanciering. Bij de opening van het academiejaar klaagden de vakbonden dat die was opgelopen tot 2,1 miljard euro. In vakbondslogica zou dat gelijkstaan met 1000 banen. De cijfers van de Times-ranking suggereren dat de bonden misschien wel een beetje gelijk hebben.