Het coronavirus zal ons nog een tijd vergezellen. Zal een vaccin ons redden? Nee. Nu al wordt de Amerikaanse burger daarop voorbereid met de slogan: 'Niet het vaccin, maar een vaccinatie zal ons redden'. De inenting van honderden miljoenen mensen stelt uiterst complexe medische, logistieke, sociologische, economische, politieke en psychologische problemen. Hoe optimistisch mogen we zijn dat de Belgische overheid dat project elegant tot een goed einde brengt? Zullen er geen problemen opduiken als miljoenen kerngezonde mensen worden ingeënt met een vreemde stof? Of tienduizenden niet zo gezonde mensen? Ik kan nu al de boodschappen op de sociale media en later in de kranten schrijven. 'Ik was kerngezond en nu heb ik nierstenen!' 'Mijn benen gloeiden twee minuten na de inenting en sindsdien ben ik verlamd!'

Hoe optimistisch mogen we zijn dat de Belgische overheid de vaccinatie elegant tot een goed einde brengt?

Veel supercomplexe projecten - een tunnel onder het Kanaal, de ring rond Antwerpen, het op punt stellen van contacttracing - volgen de wet van pi: ze nemen 3,14 maal meer tijd in beslag dan de verantwoordelijken hebben aangekondigd. In het Verenigd Koninkrijk werd in april lichtzinnig beloofd: over negen maanden is er een vaccin. Dan start een automatisch programma in mijn achterhoofd: over 27 maanden dus. Ik weet het, er worden hoeken afgerond, doorlooptijden ingekort, risico's genomen. Maar die argumenten zijn al gebruikt om uit te leggen dat het niet vijftien jaar zal duren, maar slechts twee tot drie jaar.

Laat mij nog eens naar een andere bron kijken: mijn boek Essentials - Beslissen. Daarin staat op pagina 109 een eenvoudige oefening. Ik actualiseer die even. Als je een grootschalige inenting tot een goed einde moet brengen, kun je dat probleem waarschijnlijk uiteenrafelen in een dertigtal stappen. In elke stap kan het fout lopen. Denk aan de mondmaskers, de contacttracing en de beschikbaarheid van beschermingsmateriaal, en besef dat zowat alle landen, niet alleen België, daar zware steken hebben laten vallen. In sommige stappen kan het goed fout gaan (de Verenigde Staten, China of Duitsland kapen net voor onze neus iets weg), in andere stappen (de dokter is ziek en kan niet worden vervangen) kan het minder verregaand fout gaan, maar in sommige landen zal een zieke dokter rampzalige problemen meebrengen.

Als je een grootschalige inenting tot een goed einde moet brengen, kun je dat probleem waarschijnlijk uiteenrafelen in een dertigtal stappen. In elke stap kan het fout lopen.

Stel dat het in elke stap 2 procent fout kan gaan. Dan besef je dat het geheel ook fout zal lopen, om redenen waar een minister voor moet opdraaien. Hoe kon hij of zij weten dat het ontsmettingsmateriaal dat beloofd was door de Bulgaren, vervalst was? Erger nog: zijn er vervalste vaccins op de markt? Dat kan toch niet? Zullen we beter voorbereid zijn? Zullen we kwaliteitssystemen hebben opgezet waardoor het in elke stap slechts 0,5 procent fout kan gaan? Of liefst nog kwaliteitszekerheid? Mijn antwoord is ondubbelzinnig nee, want de politiek heeft zich nog nooit gebogen over kwaliteitssystemen. Dat is tijdsverlies. Wat veel beter werkt, is iemand verantwoordelijk maken, comités oprichten, nieuwe comités oprichten, je gezond verstand gebruiken, nog maar eens een comité oprichten, rekenen op het zorgpersoneel en niet overdrijven, zoals onze premier onlangs zei.

Kwaliteitssystemen zijn geen spectaculaire systemen, geen heldendaden, geen hoera-petjes. Ze zullen wel levens redden, maar dat is minder belangrijk dan scoren door dadenkracht en media-interviews. Met applaus voor de zorgverstrekkers. Niet voor de saaie, nu al lichtjes paniekende zeurders die zo snel mogelijk een simulatie willen zien van hoe dat stap voor stap zal verlopen. Puur tijdverlies natuurlijk. We lossen de problemen wel op als ze zich voordoen. Voor alle duidelijkheid: dit is ironisch, ja cynisch bedoeld.

Het coronavirus zal ons nog een tijd vergezellen. Zal een vaccin ons redden? Nee. Nu al wordt de Amerikaanse burger daarop voorbereid met de slogan: 'Niet het vaccin, maar een vaccinatie zal ons redden'. De inenting van honderden miljoenen mensen stelt uiterst complexe medische, logistieke, sociologische, economische, politieke en psychologische problemen. Hoe optimistisch mogen we zijn dat de Belgische overheid dat project elegant tot een goed einde brengt? Zullen er geen problemen opduiken als miljoenen kerngezonde mensen worden ingeënt met een vreemde stof? Of tienduizenden niet zo gezonde mensen? Ik kan nu al de boodschappen op de sociale media en later in de kranten schrijven. 'Ik was kerngezond en nu heb ik nierstenen!' 'Mijn benen gloeiden twee minuten na de inenting en sindsdien ben ik verlamd!' Veel supercomplexe projecten - een tunnel onder het Kanaal, de ring rond Antwerpen, het op punt stellen van contacttracing - volgen de wet van pi: ze nemen 3,14 maal meer tijd in beslag dan de verantwoordelijken hebben aangekondigd. In het Verenigd Koninkrijk werd in april lichtzinnig beloofd: over negen maanden is er een vaccin. Dan start een automatisch programma in mijn achterhoofd: over 27 maanden dus. Ik weet het, er worden hoeken afgerond, doorlooptijden ingekort, risico's genomen. Maar die argumenten zijn al gebruikt om uit te leggen dat het niet vijftien jaar zal duren, maar slechts twee tot drie jaar. Laat mij nog eens naar een andere bron kijken: mijn boek Essentials - Beslissen. Daarin staat op pagina 109 een eenvoudige oefening. Ik actualiseer die even. Als je een grootschalige inenting tot een goed einde moet brengen, kun je dat probleem waarschijnlijk uiteenrafelen in een dertigtal stappen. In elke stap kan het fout lopen. Denk aan de mondmaskers, de contacttracing en de beschikbaarheid van beschermingsmateriaal, en besef dat zowat alle landen, niet alleen België, daar zware steken hebben laten vallen. In sommige stappen kan het goed fout gaan (de Verenigde Staten, China of Duitsland kapen net voor onze neus iets weg), in andere stappen (de dokter is ziek en kan niet worden vervangen) kan het minder verregaand fout gaan, maar in sommige landen zal een zieke dokter rampzalige problemen meebrengen.Stel dat het in elke stap 2 procent fout kan gaan. Dan besef je dat het geheel ook fout zal lopen, om redenen waar een minister voor moet opdraaien. Hoe kon hij of zij weten dat het ontsmettingsmateriaal dat beloofd was door de Bulgaren, vervalst was? Erger nog: zijn er vervalste vaccins op de markt? Dat kan toch niet? Zullen we beter voorbereid zijn? Zullen we kwaliteitssystemen hebben opgezet waardoor het in elke stap slechts 0,5 procent fout kan gaan? Of liefst nog kwaliteitszekerheid? Mijn antwoord is ondubbelzinnig nee, want de politiek heeft zich nog nooit gebogen over kwaliteitssystemen. Dat is tijdsverlies. Wat veel beter werkt, is iemand verantwoordelijk maken, comités oprichten, nieuwe comités oprichten, je gezond verstand gebruiken, nog maar eens een comité oprichten, rekenen op het zorgpersoneel en niet overdrijven, zoals onze premier onlangs zei. Kwaliteitssystemen zijn geen spectaculaire systemen, geen heldendaden, geen hoera-petjes. Ze zullen wel levens redden, maar dat is minder belangrijk dan scoren door dadenkracht en media-interviews. Met applaus voor de zorgverstrekkers. Niet voor de saaie, nu al lichtjes paniekende zeurders die zo snel mogelijk een simulatie willen zien van hoe dat stap voor stap zal verlopen. Puur tijdverlies natuurlijk. We lossen de problemen wel op als ze zich voordoen. Voor alle duidelijkheid: dit is ironisch, ja cynisch bedoeld.