Opschortende voorwaarde is uiteraard de goedkeuring door de nucleaire veiligheidswaakhond FANC. In de onderhandelingen krijgt Electrabel door de regeringsbeslissing wel de sterkste kaarten toegeschoven. Want elk privébedrijf dat wordt gevraagd om enkele honderden miljoen euro's te investeren in een langere levensduur, kan terecht vragen om een tegenprestatie.

Dat de regering hoopt op nog extra inkomsten uit de nucleaire rente doordat de centrales tien jaar langer kunnen draaien, lijkt in elk geval zeer optimistisch. Het energiebedrijf kreeg van de Belgische rechters ongelijk, maar procedeert inmiddels op Europees niveau tegen de bestaande nucleaire rente. Over een vermindering of zelfs afschaffing in ruil voor de nodige investeringen kan politiek moord en brand worden geschreeuwd, maar is vanuit het standpunt van Electrabel zelfs geen onredelijke eis.

Het non-beleid in de energiesector

Natuurlijk wordt als groot argument de bevoorradingszekerheid aangehaald. Niet onterecht, maar uiteindelijk vooral een gevolg van intussen bijna twee decennia non-energiebeleid. Onder die hoofding mag uiteraard ook de verhoging van de Vlaamse netwerktarieven worden geplaatst. Maar de opeenvolgende koerswijzigingen van dit non-beleid hebben als voornaamste gevolg gehad dat ze stelselmatig de investeringszekerheid ondergroeven, waardoor er geen nieuwe energieproductiecapaciteit bijkomt.

Dat leidt tot paniek, omdat niemand de politieke zwarte piet wil toegeschoven krijgen wanneer het afschakelingsplan, waarbij sommige inwoners enkele uren lang zonder stroom zouden vallen, effectief zou moeten worden gebruikt.

Deze beslissing is daarom in hetzelfde bedje ziek als het non-beleid van de vorige regeringen. Weliswaar wordt de kernuitstap tegen 2025 herbevestigd. Elke kandidaat-investeerder weet echter dat, indien tegen die datum te weinig nieuwe centrales operationeel zijn, ook die wet ter discussie zal worden gesteld. De - terechte - investeringen in meer interconnectie (grensoverschrijdend transport van elektriciteit) verhogen de onzekerheden in een eventueel businessplan nog. Het gevolg is een self-fulfilling prophecy, met als eindresultaat: geen investeringen.

Opschortende voorwaarde is uiteraard de goedkeuring door de nucleaire veiligheidswaakhond FANC. In de onderhandelingen krijgt Electrabel door de regeringsbeslissing wel de sterkste kaarten toegeschoven. Want elk privébedrijf dat wordt gevraagd om enkele honderden miljoen euro's te investeren in een langere levensduur, kan terecht vragen om een tegenprestatie. Dat de regering hoopt op nog extra inkomsten uit de nucleaire rente doordat de centrales tien jaar langer kunnen draaien, lijkt in elk geval zeer optimistisch. Het energiebedrijf kreeg van de Belgische rechters ongelijk, maar procedeert inmiddels op Europees niveau tegen de bestaande nucleaire rente. Over een vermindering of zelfs afschaffing in ruil voor de nodige investeringen kan politiek moord en brand worden geschreeuwd, maar is vanuit het standpunt van Electrabel zelfs geen onredelijke eis.Natuurlijk wordt als groot argument de bevoorradingszekerheid aangehaald. Niet onterecht, maar uiteindelijk vooral een gevolg van intussen bijna twee decennia non-energiebeleid. Onder die hoofding mag uiteraard ook de verhoging van de Vlaamse netwerktarieven worden geplaatst. Maar de opeenvolgende koerswijzigingen van dit non-beleid hebben als voornaamste gevolg gehad dat ze stelselmatig de investeringszekerheid ondergroeven, waardoor er geen nieuwe energieproductiecapaciteit bijkomt. Dat leidt tot paniek, omdat niemand de politieke zwarte piet wil toegeschoven krijgen wanneer het afschakelingsplan, waarbij sommige inwoners enkele uren lang zonder stroom zouden vallen, effectief zou moeten worden gebruikt. Deze beslissing is daarom in hetzelfde bedje ziek als het non-beleid van de vorige regeringen. Weliswaar wordt de kernuitstap tegen 2025 herbevestigd. Elke kandidaat-investeerder weet echter dat, indien tegen die datum te weinig nieuwe centrales operationeel zijn, ook die wet ter discussie zal worden gesteld. De - terechte - investeringen in meer interconnectie (grensoverschrijdend transport van elektriciteit) verhogen de onzekerheden in een eventueel businessplan nog. Het gevolg is een self-fulfilling prophecy, met als eindresultaat: geen investeringen.