De zeven kerncentrales staan nog altijd in voor zowat de helft van de energieproductie van ons land. Dat is ongeveer evenveel als in 2013, toen de eerste fase van de kernuitstap - de sluiting van de drie oudste reactoren Doel I en II, en Tihange I -ongedaan gemaakt werd. Dat gebeurde toen officieel omdat er geen alternatieven waren.
...

De zeven kerncentrales staan nog altijd in voor zowat de helft van de energieproductie van ons land. Dat is ongeveer evenveel als in 2013, toen de eerste fase van de kernuitstap - de sluiting van de drie oudste reactoren Doel I en II, en Tihange I -ongedaan gemaakt werd. Dat gebeurde toen officieel omdat er geen alternatieven waren. Intussen zijn we bijna vijf jaar verder en er is helaas fundamenteel nog niet veel veranderd. Het plan waarmee de vorige staatssecretaris voor Energie, Melchior Wathelet (cdH), hoopte investeringen in nieuwe gascentrales aan te trekken, werd door zijn opvolgster Marie-Christine Marghem (MR) van tafel geveegd. Wel is er intussen meer importcapaciteit, meer aandacht voor energie-efficiëntie en meer duurzame energie - al blijft daar de regel dat zon en wind niet permanent beschikbaar zijn en dus voor grote delen van de industrie hoogstens aanvullend kunnen zijn. Wat er niét is, is een politieke visie over hoe ons energieproductiepark er in de toekomst moet uitzien, en welke prijs we bereid zijn daarvoor te betalen. De regering-Michel beloofde zo'n interfederaal energiepact voor eind 2015. Die timing is intussen aangepast naar eind dit jaar. De hamvraag is of dat document de legislatuur zal overschrijden. Kunnen de maatregelen met andere woorden niet alleen rekenen op steun van de huidige meerderheid, maar ook van de oppositie, zodat het niet door een volgende regering ter discussie wordt gesteld? De werkwijze noopt alvast tot scepsis. Dit voorjaar pas kregen zowat 120 stakeholder-organisaties een lijst met 44 vragen voorgeschoteld, die peilen naar wat zij verwachten. Onder die organisaties vinden we de Bond Beter Leefmilieu en het Nucleair Forum, om op het gebied van kernenergie maar twee antipoden te noemen. De bundeling van die meningen zou nog deze herfst aan het grote publiek worden voorgeschoteld, om nog eind dit jaar tot een beleidsdocument te leiden. Of dat meer kan zijn dan een grote gemene deler van de verlanglijstjes, moet nog blijken.