Voor een keer was er vorige week eensgezindheid over het federale energiebeleid. In de bevoegde parlementscommissie waren de meerderheid en de oppositie het erover eens dat er nog geen duidelijkheid is over hoeveel het ondersteuningsmechanisme voor nieuwe gascentrales zal kosten. Hoewel de federale energieregulator CREG die in juli vorig jaar al had becijferd op 614 tot 940 miljoen euro per jaar, moet de CREG dat rekenwerk nu overdoen.

De gascentrales zijn nodig om de kerncentrales te vervangen. Alleen is de marktprijs voor elektriciteit zo laag dat niemand daarin wilde investeren. Dat was zelfs al het geval nog voordat de coronacrisis die prijs nog lager duwde.

De beslissing van de commissie is terecht. Alleen had ze onnodig moeten zijn. Het ondersteuningsmechanisme had er al lang moeten zijn. België is voor zijn energiebeleid een speelplaatsstudent: een scholier die de leerstof pas op het allerlaatste moment vastpakt. De resultaten zijn navenant.

Energiebeleid blijft rondjes draaien.

Nochtans is de examenstof ruimschoots op voorhand aangekondigd. Sinds 2003 al weet België dat het de helft van de energieproductie wil vervangen tegen 2025. De tussentijdse verlenging van de levensduur van de oudste kerncentrales holde de druk om daarvan werk te maken uit. Intussen komt het examen almaar dichterbij.

Dat brengt België in een lastig parket. Om de stroom in de winter niet te moeten afschakelen, zijn nieuwe gascentrales nodig, tenzij er alsnog twee of meer kerncentrales openblijven. Maar zonder mechanisme heeft België geen plan B en verzwakt het zijn positie om te onderhandelen met de uitbater van de kerncentrales, Engie-Electrabel. Uiteindelijk betalen u en ik daarvan de rekening.

Voor een keer was er vorige week eensgezindheid over het federale energiebeleid. In de bevoegde parlementscommissie waren de meerderheid en de oppositie het erover eens dat er nog geen duidelijkheid is over hoeveel het ondersteuningsmechanisme voor nieuwe gascentrales zal kosten. Hoewel de federale energieregulator CREG die in juli vorig jaar al had becijferd op 614 tot 940 miljoen euro per jaar, moet de CREG dat rekenwerk nu overdoen. De gascentrales zijn nodig om de kerncentrales te vervangen. Alleen is de marktprijs voor elektriciteit zo laag dat niemand daarin wilde investeren. Dat was zelfs al het geval nog voordat de coronacrisis die prijs nog lager duwde.De beslissing van de commissie is terecht. Alleen had ze onnodig moeten zijn. Het ondersteuningsmechanisme had er al lang moeten zijn. België is voor zijn energiebeleid een speelplaatsstudent: een scholier die de leerstof pas op het allerlaatste moment vastpakt. De resultaten zijn navenant. Nochtans is de examenstof ruimschoots op voorhand aangekondigd. Sinds 2003 al weet België dat het de helft van de energieproductie wil vervangen tegen 2025. De tussentijdse verlenging van de levensduur van de oudste kerncentrales holde de druk om daarvan werk te maken uit. Intussen komt het examen almaar dichterbij. Dat brengt België in een lastig parket. Om de stroom in de winter niet te moeten afschakelen, zijn nieuwe gascentrales nodig, tenzij er alsnog twee of meer kerncentrales openblijven. Maar zonder mechanisme heeft België geen plan B en verzwakt het zijn positie om te onderhandelen met de uitbater van de kerncentrales, Engie-Electrabel. Uiteindelijk betalen u en ik daarvan de rekening.