Het is ook nooit goed. Er is een beslissing over de elektrische salariswagens en toch klinkt alweer kritiek. Niet sociaal, niet te betalen, zelfs niet groen genoeg. In dit dossier komen veel beleidsdomeinen en veel meningen samen. Het is makkelijk om er één puntje uit te pikken en lawaai te maken. Laat ons daarom eens naar het totaalplaatje kijken.
...

Het is ook nooit goed. Er is een beslissing over de elektrische salariswagens en toch klinkt alweer kritiek. Niet sociaal, niet te betalen, zelfs niet groen genoeg. In dit dossier komen veel beleidsdomeinen en veel meningen samen. Het is makkelijk om er één puntje uit te pikken en lawaai te maken. Laat ons daarom eens naar het totaalplaatje kijken. Vanaf 2026 worden salariswagens 100 procent fiscaal aftrekbaar. Dat percentage zakt nadien stilaan tot ongeveer 70 procent, zoals nu al het geval is. Tegelijk vermindert vanaf 2023 de fiscale aftrekbaarheid van salariswagens met een klassieke verbrandingsmotor. Sommigen vinden dat we te vroeg zijn. Omdat de autoconstructeurs in Europa gemiddelde CO2-doelstellingen opgelegd krijgen, organiseert België weliswaar minder uitstoot in eigen land, maar méér elders, klinkt het. De vraag is of je in dit dossier te vroeg kán zijn. Elke auto die geen CO2 uitstoot, is goed nieuws voor onze klimaatdoelstellingen. Elke auto die geen stikstof uitstoot, is goed nieuws voor de industrie en de landbouw. Elke elektrische auto verbetert de luchtkwaliteit in de stad. Bovendien kan dit een nieuwe stimulans zijn om zonnepanelen te leggen en laadpalen te plaatsen. Straks ontstaat een veelbelovende tweedehandsmarkt voor wie zich nog geen elektrische wagen kan veroorloven. Nog meer kritiek? We blijven auto's promoten en het fileprobleem lossen we hiermee niet op. Dat klopt. 100 procent aftrekbaarheid leidt allicht tot meer in plaats van minder salariswagens. Met zo'n elektrische wagen rijden is bovendien goedkoop. Zolang elektrische auto's niet als thuisbatterij werken, kan rijden zelfs de opbrengst van zonnepanelen optimaliseren in tijden zonder terugdraaiende tellers. De regering kiest voor elektrificatie, eerder dan voor een oplossing van het fileprobleem. Dat is een politieke keuze. De logische volgende stap is een belasting op kilometers in plaats van op autobezit. Maar dat is onverkoopbaar zolang het openbaar vervoer niet uit de jaren zeventig raakt. Op het voorstadsnetwerk Brussel wachten we geduldig. Ondertussen ligt De Lijn in de lappenmand en eist de NMBS geld van pendelaars die hun auto moeten parkeren. Waarom was de kritiek op de tolplannen van Brussel zo oorverdovend? Omdat er te weinig alternatieven zijn. Maak een totaalplan. En voer het uit. Ondertussen moeten de mensen zich kunnen verplaatsen. Vervolgens: jaloezie. Er zijn mensen met en mensen zonder salariswagen. Laat ons nooit vergeten dat die auto's bestaan om mensen die dat verdienen, fiscaal vriendelijk te belonen in een land met een torenhoge fiscale en parafiscale druk op arbeid. Sommigen willen de lat voor iedereen gelijk, maar laat het ons erop houden dat we talent en inzet op de juiste plaatsen op de arbeidsmarkt altijd moeten kunnen belonen. Als dat niet met salariswagens mag, dan moet het maar op een andere manier. Alleen weten we blijkbaar niet hoe. Hoe dan ook is de inkomensongelijkheid in België bij de kleinste van de OESO-landen. Onze loonvorming en onze arbeidsmarkt staan al stijf genoeg van de regels. Ruimte voor verbetering is er zeker, maar een reden om de salariswagens af te knallen is dat niet. Ten slotte komt elke maatregel in dit land neer op de vraag welk gat er in de begroting wordt geslagen. Ook dit verhaal kost geld. Allicht is er een impact op de bedrijfsbelastingen en uiteraard tanken elektrische auto's geen accijnzen en btw op benzine of diesel. "We gaan het in de gaten houden", is het weinig geruststellende antwoord van de regering. Ook hier komt werk op de plank. Conclusie? De promotie van elektrische bedrijfswagens verdient een bescheiden applaus. Maar het is een tijdelijke maatregel. Een brede visie op mobiliteit, fiscaliteit, minder fiscale druk én een modern loonbeleid zou ons pas echt in de 21ste eeuw brengen.