Nogal wat Belgische politici schijnen niet te beseffen dat een kerncentrale geen koffiezetapparaat is, dat met een druk op de knop een bakje troost verschaft. Een succesvolle en veilige uitbating vergt langetermijnplanning, ingebed in een duidelijke energievisie en een stabiel politiek kader. Niets daarvan in dit land. Hier jongleert de politiek zodanig met het lot en de winstgevendheid van de kerncentrales dat de hoofduitbater, Engie Electrabel, er het liefst zo snel mogelijk een streep onder trekt. Met de Belgische politiek valt geen zaken meer te doen, heeft Parijs lang geleden al besloten.

Een kerncentrale is geen koffiezet.

De wet op de kernuitstap van 2003 heeft het lot van de Belgische kerncentrales bezegeld. Ze kunnen technisch veel langer mee, maar toen is gekozen voor een energievoorziening zonder kernenergie. Sindsdien heeft geen enkele federale regering de klok meer teruggedraaid. Voor Engie Electrabel was de logische stap de sluiting en de ontmanteling rigoureus voor te bereiden. Al jaren is duidelijk dat Doel 3 eind deze maand definitief dichtgaat. Om dan enkele dagen voor de sluiting te vragen of de centrale nog stand-by kan blijven, is niet ernstig.

In een ideale wereld kunnen België en West-Europa al onze kerncentrales goed gebruiken, ook om de klimaattransitie vlotter te verteren. De realiteit is dat het onbetrouwbare Belgische energiebeleid dat scenario kapot heeft gemaakt. In het beste geval wordt de uitbating van de jongste kerncentrales Doel 4 en Tihange 3 met tien jaar, of beter nog met twintig jaar, verlengd. De regering, of de belastingbetaler, zal echter een hoge prijs moeten betalen om Engie Electrabel over de brug te krijgen. De politici hebben het volste recht om Engie Electrabel stevig aan te pakken, maar ze mogen ook zelf eens in de spiegel kijken.

Nogal wat Belgische politici schijnen niet te beseffen dat een kerncentrale geen koffiezetapparaat is, dat met een druk op de knop een bakje troost verschaft. Een succesvolle en veilige uitbating vergt langetermijnplanning, ingebed in een duidelijke energievisie en een stabiel politiek kader. Niets daarvan in dit land. Hier jongleert de politiek zodanig met het lot en de winstgevendheid van de kerncentrales dat de hoofduitbater, Engie Electrabel, er het liefst zo snel mogelijk een streep onder trekt. Met de Belgische politiek valt geen zaken meer te doen, heeft Parijs lang geleden al besloten.De wet op de kernuitstap van 2003 heeft het lot van de Belgische kerncentrales bezegeld. Ze kunnen technisch veel langer mee, maar toen is gekozen voor een energievoorziening zonder kernenergie. Sindsdien heeft geen enkele federale regering de klok meer teruggedraaid. Voor Engie Electrabel was de logische stap de sluiting en de ontmanteling rigoureus voor te bereiden. Al jaren is duidelijk dat Doel 3 eind deze maand definitief dichtgaat. Om dan enkele dagen voor de sluiting te vragen of de centrale nog stand-by kan blijven, is niet ernstig. In een ideale wereld kunnen België en West-Europa al onze kerncentrales goed gebruiken, ook om de klimaattransitie vlotter te verteren. De realiteit is dat het onbetrouwbare Belgische energiebeleid dat scenario kapot heeft gemaakt. In het beste geval wordt de uitbating van de jongste kerncentrales Doel 4 en Tihange 3 met tien jaar, of beter nog met twintig jaar, verlengd. De regering, of de belastingbetaler, zal echter een hoge prijs moeten betalen om Engie Electrabel over de brug te krijgen. De politici hebben het volste recht om Engie Electrabel stevig aan te pakken, maar ze mogen ook zelf eens in de spiegel kijken.