Wat opvalt aan dit regeerakkoord is dat het belegt in een zeer onzekere toekomst. Het rekent op een terugverdieneffect van 400 miljoen euro omdat meer mensen aan de slag zouden gaan. Vorig jaar, nog voor de coronacrisis, bedroeg de werkzaamheidsgraad in België iets meer dan 70 procent, in Vlaanderen was dat 75,5 procent. De regering wil dat optrekken naar 80 procent tegen 2030.
...

Wat opvalt aan dit regeerakkoord is dat het belegt in een zeer onzekere toekomst. Het rekent op een terugverdieneffect van 400 miljoen euro omdat meer mensen aan de slag zouden gaan. Vorig jaar, nog voor de coronacrisis, bedroeg de werkzaamheidsgraad in België iets meer dan 70 procent, in Vlaanderen was dat 75,5 procent. De regering wil dat optrekken naar 80 procent tegen 2030.Maar diezelfde regering neemt maatregelen die dat verhinderen, oordeelt econoom Peter De Keyzer. 'Als ik kijk naar het regeerakkoord, dan zie ik twee elementen die het opdrijven van de werkzaamheidsgraad gaan bemoeilijken. Je gaat de pensioenen optrekken, waardoor het brugpensioen en vervroegd pensioen aantrekkelijker worden. Je zal een aantal jaren vroeger kunnen stoppen voor hetzelfde bedrag, omdat de pensioenen in het algemeen stijgen. Ook uitkeringen laten stijgen, maakt het moeilijker. In ons land is het verschil tussen de laagste lonen en uitkeringen al veel te klein. Dat verschil moet groter worden, maar nu gaan we dat verschil weer kleiner maken', verduidelijkt De Keyzer.'De grootste inspanning om de werkzaamheidsgraad op te trekken, ligt in Wallonië en Brussel. Bovendien is het activeringsbeleid een regionale bevoegdheid, dus zal het aan de PS zijn om daar werk van te maken in die deelregeringen. De overheid rekent op de sociale partners, maar de politiek moet dit meer in handen nemen', zegt De Keyzer. 'De sociale partners slagen er al een tijd niet meer in om een andere richting in te slaan. Kijk maar naar het akkoord over de zware beroepen dat nu is afgevoerd. De regering zal nu moeten opleggen wat er moet gebeuren op de arbeidsmarkt.' Dat er meer zal worden uitgegeven aan pensioenen en uitkeringen, heeft de regering al beslist. Maar de inkomsten die daar tegenover staan, vindt De Keyzer in het regeerakkoord nergens terug. 'Tenzij we die gelijkgestelde periodes aanpakken, tenzij we effectief dat gemiddeld aantal gewerkte jaren opdrijven, tenzij we meer mensen aan de slag krijgen, dan wel. Nu onthoudt iedereen die 1500, onvoorwaardelijk, maar er zijn een aantal voorwaarden die moeten vervuld worden en daar moeten we het dringend over hebben', zegt hij. Dit regeerakkoord is middle of the road, vindt de econoom. Zelfs over de kernuitstap blijkt de regeerverklaring volgens hem relatief pragmatisch. 'Dat heeft als voordeel dat je geen al te dramatische maatregelen neemt en dat je niemand gaat bruskeren. Maar door de coronacrisis zitten we in de grootste recessie van de afgelopen drie generaties. Dit is het moment om de grote werven van dit land aan te pakken, zoals de werkzaamheidsgraad, het pensioenstelsel en de digitalisering van de overheid.' 'Als je dan een regering vormt en het eerste dat je op papier zet is het verhogen van de pensioenen, dan is het alsof in 1940 de Duitsers België zouden binnenvallen en de regering daarom beslist om de pensioenen en de uitkeringen op te trekken', aldus De Keyzer.