Als je 's nachts van Oostende naar Brussel rijdt, valt op hoe weinig vrachtwagens er op de baan zijn. Hier en daar steek je een transporteur voorbij die rijdt voor een grote distributieketen. Veel warenhuizen, die niet in woonbuurten gelegen zijn, worden 's nachts bevoorraad zodat de klanten 's morgens hun boodschappen kunnen doen in een goed gevulde winkel. Ook voor wisselstukken is nachttransport ingeburgerd. Onderdelen voor garagisten en technici in verschillende sectoren worden 's nachts geleverd, zodat ze 's morgens met het juiste materiaal naar hun opdrachten kunnen rijden. Dat klinkt logisch en slim, maar waarom maakt de transportsector, die kreunt onder de congestiedruk, niet meer gebruik van de filearme dal- en nachturen om de productiviteit en de rentabiliteit in de sector op te krikken?
...