De regering-Michel krijgt last van de ziekte van Juncker. "We weten wat we moeten doen, maar we weten niet hoe we verkozen moeten raken als we het doen", zei de Luxemburgse politicus Jean-Claude Juncker in 2011 in volle eurocrisis. De regering-Michel weet wat ze moet doen om de vergrijzing betaalbaar te houden, maar nu de verkiezingen aan de horizon opdoemen, schrikt ze van haar eigen beleid. Het mes zetten in de pensioenrechten van werkloze 50-plussers is plots een brug te ver.
...

De regering-Michel krijgt last van de ziekte van Juncker. "We weten wat we moeten doen, maar we weten niet hoe we verkozen moeten raken als we het doen", zei de Luxemburgse politicus Jean-Claude Juncker in 2011 in volle eurocrisis. De regering-Michel weet wat ze moet doen om de vergrijzing betaalbaar te houden, maar nu de verkiezingen aan de horizon opdoemen, schrikt ze van haar eigen beleid. Het mes zetten in de pensioenrechten van werkloze 50-plussers is plots een brug te ver. Vanzelfsprekend is die maatregel niet. Wie na zijn vijftigste onvrijwillig werkloos wordt, raakt moeilijk weer aan de bak, en de wettelijke pensioenen voor werknemers en zelfstandigen zijn al relatief laag. Niet de omvang van de pensioenruif is het probleem, wel het aantal mensen dat aanschuift aan die ruif. Daarom zijn maatregelen die de band tussen het aantal gewerkte jaren en de omvang van het pensioen versterken een absolute must in een Belgische context van een lage gemiddelde pensioenleeftijd, een lage werkgelegenheidsgraad bij 50-plussers en kwetsbare overheidsfinanciën. De voorbije decennia is dit land te gul geweest met het uitdelen van pensioenrechten aan mensen die niet werken. Het onbetaalbare afbouwen is geen sociale afbraak. De regering-Michel heeft bijgestuurd door in het begin van de legislatuur weinig populaire maatregelen te nemen, zoals de hogere pensioenleeftijd. Daarmee zouden de meerkosten van de vergrijzing gehalveerd zijn, al berust die claim op bijzonder rooskleurige veronderstellingen, zoals een stijging van de productiviteit en de werkzaamheidsgraad bij 50-plussers. Maar zelfs onder een ideaal gesternte is meer nodig om de vergrijzing betaalbaar te houden. Gezonde overheidsfinanciën zijn een basisvoorwaarde om de sociale bescherming op lange termijn te verzekeren. Dat zou ook de oppositie moeten weten, die met scherp schiet op het pensioenbeleid van de regering, maar enkel een leeg Zilverfonds en de zware factuur van vroegere beleidskeuzes kan aanbieden. De regering-Michel zal in de rest van haar legislatuur de geit en de kool sparen, een discipline waarin ze de voorbije jaren heel bedreven is geworden. De regering heeft zo veel sociale accenten gelegd in het herstelbeleid, dat ze de regering-Di Rupo regelmatig links inhaalt. Ze heeft de verdere versterking van de economische fundamenten ingeruild voor een extra portie sociale cohesie. In plaats van te staken en te betogen kunnen de vakbonden op 10 oktober net zo goed juichend door de straten trekken, want ze hebben heel wat binnengehaald. Maar ze weigeren hun overwinningen te vieren. Juich vakbonden, want de taxshift helpt vooral de lagere lonen vooruit. Op kruissnelheid verhoogt die maatregel het nettominimumloon met 10 procent. De hoogste lonen stijgen netto met amper 1 procent. Met die focus op de laagste lonen zet de regering-Michel het beleid van de voorbije jaren voort. De belastingen op arbeid zijn progressiever geworden sinds 2009, en de taxshift versterkt die trend. In herverdeling hoorde België al bij de besten van de klas. Het gezeur van CD&V om rechtvaardige belastingen gaat compleet voorbij aan wat de partij op dat vlak al mee gerealiseerd heeft. De regering zet die sociale kant van de taxshift te weinig in de verf. Juich vakbonden, want de regering-Michel heeft de economie arbeidsintensiever gemaakt. Dat ging gepaard met een indexsprong, maar de tragere stijging van de lonen werd goedgemaakt met extra banen. Per saldo stijgt de koopkracht van de gezinnen. De solidariteit van de vakbonden gaat toch verder dan het belang van haar leden? Of gunnen zij de werklozen geen grotere kans op werk? Juich vakbonden, want de regering heeft al stevig in de portemonnee van de vermogenden gezeten. De verhoging van de roerende voorheffing naar 30 procent is het pronkstuk van een aantal belastingverhogingen op beleggingen. De belasting op effectenrekeningen is een pure vermogensheffing die een volgende regering heel snel kan verhogen. Juich vakbonden, want ook de regering-Michel voert een beleid dat oog heeft voor de welvaartsvastheid van de sociale uitkeringen. Van een kaalslag in de sociale zekerheid is geen sprake. In de pensioenen bijvoorbeeld zijn we op weg naar een basispensioen, waarbij de koppeling tussen werken en de omvang van het pensioen op de helling staat. Pensioenexperts pleiten voor een pensioenmalus, een verlaging van het pensioen met 5 procent per jaar vervroegde opname van het pensioen, als een van de meest effectieve maatregelen om mensen langer aan het werk te houden. Maar dat is veel te hoog gegrepen voor een regering die aan de ziekte van Juncker lijdt.