Het is vakantietijd en de klimaatbetogers zijn met vakantie. Het klimaat helemaal niet. Waterschaarste in Vlaanderen, ijsvrije zeeën rond Alaska, bosbranden in Siberië, smeltend Groenland: klimaatverandering is een fact of life. Geen enkel klimaatplan kan dat nog veranderen. De termen van het klimaatdebat zijn daarom aan een update toe.

De meest urgente vraag is hoe we omgaan met bestaande of aankomende effecten van een klimaatopwarming die verworven of onvermijdelijk is. Voor België is dat vooral een vraag van waterhuishouding. De combinatie van bevolkingsgroei en ruimtelijke chaos heeft ons grondgebied beroofd van veel natuurlijke buffers tegen extreem weer, waaronder bossen, weilanden, grachten, beken en vijvers. Elke regenpiek betekent overstroming, elke droogteprik betekent watertekort.

Dat het kletsnatte België landen in Afrika en het Midden-Oosten vergezelt in de wereldtop van gebieden met acute waterschaarste, is een schande. Dat elke hittegolf het openbaar vervoer, de ziekenhuizen, de rusthuizen en de wegen test, is een ontwikkeld land onwaardig. We lopen hopeloos achter in de kwaliteit van onze kritische infrastructuur. We verwaarlozen het waterbeheer en de natuurontwikkeling die ons ecologisch erfgoed moeten ondersteunen. We missen een watermanagement dat afdoende reserves garandeert voor publiek en privaat gebruik. We ontberen aangepaste irrigatiemethoden voor de landbouw, en een doordachte aanleg van een klimaatrobuuste plantendiversiteit.

De klimaatopwarming beheren, is even belangrijk als ze te bestrijden.

Dat klimaatopwarming beheren, is even belangrijk als ze te bestrijden. De klimaatactivisten staan voor de keuze. Willen ze een revolutionaire aanval op welvaart en vrijheid, of willen ze duurzaamheid en levenskwaliteit? Wie scandeert dat de planeet nog maar twaalf jaar te gaan heeft, vindt elke seconde van kritiek of aarzeling ondraaglijk, elk tegenargument des duivels. Dan is zelfs democratie de vijand. Maar als de klimaatrevolutie niet democratisch wordt verkozen, dan volgen ongehoorzaamheid en geweld. Afspraak in de Wetstraat na de vakantie.

Voor wie niet verlamd is door klimaatangst, is de realiteit van de klimaatverandering een buitenkans. De ongemakkelijke waarheid van onhoudbare fossiele groei is tastbaar. Het is tijd voor ongemakkelijke waarheden over het klimaatprotest. We gaan de mensheid niet terug in de tijd katapulteren. De giganten van deze eeuw, China, India en Afrika, denderen voort. De belangrijkste klimaatprioriteit is een fossielarme transitietechnologie die op grote schaal, met zekerheid en betaalbaarheid, de groeiende energievraag kan voeden zonder broeikasgassen. Dat kan alleen met kernenergie in de mix.

De tweede prioriteit is een georganiseerde mobilisatie in onderzoek en ontwikkeling naar doorbraaktechnologie. Publieke klimaatretoriek is omgekeerd evenredig met publieke investeringen in klimaatoplossing. Iedereen gelooft in energie-innovatie, iedereen bepleit ze, maar niemand gaat er echt voor. De nieuwe Europese Commissie belooft beterschap. Er draaien genoeg miljarden Europese subsidies rond. Concentreer ze op post-fossiele energie. Maak daarvan een nieuw maanproject, vijftig jaar na datum, internationaal als het kan, Europees als het moet.

De derde prioriteit is preventie. We zijn allemaal deel van het probleem zolang de klimaattechnologie dat probleem niet oplost. Daarin hebben de betogers gelijk. We moeten en kunnen bewuster kiezen. Maar laten we de mens niet tot een probleem reduceren. Wie reizen, vlees eten en kinderen wil bestrijden, bestrijdt de mens zelf. Een toekomst van eenzaam spartaans veganisme heeft geen toekomst.

Investeringen, doelstellingen, normen en belastingen: dat zijn de saaie ingrediënten voor een echte energietransitie. We moeten ze aanscherpen. We moeten milieubelastingen voor het milieu gebruiken. Maar wat we ook doen: de broeikasrealiteit is er. Dus moeten we ook uitgestoten broeikasgassen opvangen, stockeren en verwerken. De sleutel is en blijft de economische toepassing van duurzame technologie. Geen revolutie, maar evolutie.