De bestrijding van de financiële crisis bracht negatieve rente en kwantitatieve versoepeling. Het eerste is een eufemisme voor een belasting op spaargeld, het tweede voor het bijdrukken van geld. Centrale banken hebben magische krachten: ze kunnen vanuit het niets geld creëren. Bij kwantitatieve versoepeling maakt de centrale bank een omweg. In plaats van rechtstreeks geld te overhandigen aan de publieke en de private sector, koopt ze obligaties op. Die financiert ze door digitaal geld te creëren, dat vervolgens wordt gecrediteerd op de rekening van de verkoper. Zo eenvoudig is het om meer geld in circulatie te brengen: je moet het gewoon vragen aan de boekhouder van de centrale bank.

Door de bestrijding van de coronacrisis zijn de laatste monetaire remmen helemaal los. Er wordt geen omweg meer genomen, het is volle kracht vooruit. In het Verenigd Koninkrijk financiert de centrale bank rechtstreeks de tekorten van de overheid: ze laat de schatkist toe in debet te gaan op zijn zichtrekening bij de centrale bank. De overheid kan dat vers gecreëerde geld uit de schatkist nemen en het als helikoptergeld uitdelen aan de private sector. In de eurozone gaan stemmen op om dat voorbeeld te volgen. Door de tekorten monetair te financieren, via directe geldcreatie, wordt vermeden dat de overheidsschuld oploopt, luidt het argument. De centrale banken hebben daarnaast een nieuw rondje kwantitatieve versoepeling ingezet en aangekondigd dat er geen limieten zullen zijn. Ze gaan all-in.

Nood breekt wet en de overheid doet er inderdaad goed aan het risico op deflatie te proberen afwenden. Maar de frivoliteit waarmee systematisch wordt gegrepen naar geldcreatie als mirakeloplossing voor alle problemen, is verontrustend. Een financiële crisis bestrijden? Geld bijdrukken. De kosten van de vergrijzing opvangen? Het klimaat redden? Geld bijdrukken. De coronacrisis oplossen? Idem. De Moderne Monetaire Theorie (MMT), die het idee promoot tekorten monetair te financieren, lijkt de nieuwe norm te worden.

De inflatie is niet dood, ze slaapt.

Die theorie stelt dat overheden zich geen zorgen hoeven te maken over hoge begrotingstekorten. Ze ziet de publieke en de private sector als communicerende vaten. Voor MMT is een schuld of een tekort van de overheid altijd een actief of een surplus van de private sector. De uitgaven van de overheid komen altijd de private sector ten goede, dus zijn hogere overheidsuitgaven niets anders dan een hogere welvaart voor de private sector. De overheid moet dat geld gewoon rechtstreeks lenen bij de centrale bank, tot de economie haar volle capaciteit heeft benut. De MMT beschouwt de schatkist en de centrale bank als één geheel. De schatkistbank leent bij zichzelf, zodat er zelfs geen sprake is van schuld, enkel van pure geldcreatie. Gratis geld. Manna uit de monetaire hemel.

Wanneer te veel geld wordt gecreëerd, zou je mogen verwachten dat het zijn waarde verliest door inflatie. Maar de MMT verwijst triomfantelijk naar het feit dat de massale geldcreatie van de voorbije jaren niet heeft geleid tot een hogere inflatie. De geldhoeveelheid is echter maar een van de twee monetaire krachten achter de inflatie. De andere is de omloopsnelheid van het geld, of hoeveel keer de geldhoeveelheid wordt gespendeerd. Het bruto binnenlands product is niets anders dan de geldhoeveelheid maal de omloopsnelheid ervan. De voorbije jaren is de omloopsnelheid van het geld ingestort, wat de inflatoire druk van de uitdijende geldhoeveelheid heeft geneutraliseerd. Maar als massale geldcreatie een kritisch punt overschrijdt, kan die situatie snel omslaan.

De MMT gaat er verkeerdelijk van uit dat het vertrouwen van de private sector in het geld van de overheid altijd gegarandeerd is, omdat je enkel met dat geld belastingen kan betalen. Wanneer de private sector echter het vertrouwen verliest door de monetaire excessen die vandaag bon ton zijn geworden, zal die het geld in ijltempo uitgeven. De omloopsnelheid schiet dan omhoog en daar heb je je inflatie. De MMT kan enkel werken in een tirannie, waarbij de overheid aanvaarding afdwingt met repressie. De inflatie is niet dood. Ze slaapt alleen maar. Als we niet uitkijken, zal ze sterker terugkeren dan ooit.

De bestrijding van de financiële crisis bracht negatieve rente en kwantitatieve versoepeling. Het eerste is een eufemisme voor een belasting op spaargeld, het tweede voor het bijdrukken van geld. Centrale banken hebben magische krachten: ze kunnen vanuit het niets geld creëren. Bij kwantitatieve versoepeling maakt de centrale bank een omweg. In plaats van rechtstreeks geld te overhandigen aan de publieke en de private sector, koopt ze obligaties op. Die financiert ze door digitaal geld te creëren, dat vervolgens wordt gecrediteerd op de rekening van de verkoper. Zo eenvoudig is het om meer geld in circulatie te brengen: je moet het gewoon vragen aan de boekhouder van de centrale bank. Door de bestrijding van de coronacrisis zijn de laatste monetaire remmen helemaal los. Er wordt geen omweg meer genomen, het is volle kracht vooruit. In het Verenigd Koninkrijk financiert de centrale bank rechtstreeks de tekorten van de overheid: ze laat de schatkist toe in debet te gaan op zijn zichtrekening bij de centrale bank. De overheid kan dat vers gecreëerde geld uit de schatkist nemen en het als helikoptergeld uitdelen aan de private sector. In de eurozone gaan stemmen op om dat voorbeeld te volgen. Door de tekorten monetair te financieren, via directe geldcreatie, wordt vermeden dat de overheidsschuld oploopt, luidt het argument. De centrale banken hebben daarnaast een nieuw rondje kwantitatieve versoepeling ingezet en aangekondigd dat er geen limieten zullen zijn. Ze gaan all-in.Nood breekt wet en de overheid doet er inderdaad goed aan het risico op deflatie te proberen afwenden. Maar de frivoliteit waarmee systematisch wordt gegrepen naar geldcreatie als mirakeloplossing voor alle problemen, is verontrustend. Een financiële crisis bestrijden? Geld bijdrukken. De kosten van de vergrijzing opvangen? Het klimaat redden? Geld bijdrukken. De coronacrisis oplossen? Idem. De Moderne Monetaire Theorie (MMT), die het idee promoot tekorten monetair te financieren, lijkt de nieuwe norm te worden. Die theorie stelt dat overheden zich geen zorgen hoeven te maken over hoge begrotingstekorten. Ze ziet de publieke en de private sector als communicerende vaten. Voor MMT is een schuld of een tekort van de overheid altijd een actief of een surplus van de private sector. De uitgaven van de overheid komen altijd de private sector ten goede, dus zijn hogere overheidsuitgaven niets anders dan een hogere welvaart voor de private sector. De overheid moet dat geld gewoon rechtstreeks lenen bij de centrale bank, tot de economie haar volle capaciteit heeft benut. De MMT beschouwt de schatkist en de centrale bank als één geheel. De schatkistbank leent bij zichzelf, zodat er zelfs geen sprake is van schuld, enkel van pure geldcreatie. Gratis geld. Manna uit de monetaire hemel. Wanneer te veel geld wordt gecreëerd, zou je mogen verwachten dat het zijn waarde verliest door inflatie. Maar de MMT verwijst triomfantelijk naar het feit dat de massale geldcreatie van de voorbije jaren niet heeft geleid tot een hogere inflatie. De geldhoeveelheid is echter maar een van de twee monetaire krachten achter de inflatie. De andere is de omloopsnelheid van het geld, of hoeveel keer de geldhoeveelheid wordt gespendeerd. Het bruto binnenlands product is niets anders dan de geldhoeveelheid maal de omloopsnelheid ervan. De voorbije jaren is de omloopsnelheid van het geld ingestort, wat de inflatoire druk van de uitdijende geldhoeveelheid heeft geneutraliseerd. Maar als massale geldcreatie een kritisch punt overschrijdt, kan die situatie snel omslaan. De MMT gaat er verkeerdelijk van uit dat het vertrouwen van de private sector in het geld van de overheid altijd gegarandeerd is, omdat je enkel met dat geld belastingen kan betalen. Wanneer de private sector echter het vertrouwen verliest door de monetaire excessen die vandaag bon ton zijn geworden, zal die het geld in ijltempo uitgeven. De omloopsnelheid schiet dan omhoog en daar heb je je inflatie. De MMT kan enkel werken in een tirannie, waarbij de overheid aanvaarding afdwingt met repressie. De inflatie is niet dood. Ze slaapt alleen maar. Als we niet uitkijken, zal ze sterker terugkeren dan ooit.