Stop met zagen, stelletje ondankbare vlegels. Mario Draghi, de voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB), zal het nooit met zo veel woorden zeggen, maar het moet soms op het puntje van de tong liggen als bankiers of spaarders een verse litanie afsteken tegen het expansieve beleid van de ECB.
...

Stop met zagen, stelletje ondankbare vlegels. Mario Draghi, de voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB), zal het nooit met zo veel woorden zeggen, maar het moet soms op het puntje van de tong liggen als bankiers of spaarders een verse litanie afsteken tegen het expansieve beleid van de ECB. Toen Jan Van Hove, de hoofdeconoom van KBC, vorige week op een colloquium over de lage rente opperde dat de negatieve depositorente, die de Europese banken pijn doet, niet effectief was, viel ECB-directeur Peter Praet even uit zijn rol. Praet tot Van Hove: "Spreek niet namens de sector. De ECB is er niet voor de banken, maar moet ervoor zorgen dat ons soepele beleid tot bij de bedrijven en gezinnen geraakt. De banken worden ook gesubsidieerd. En moet ik beginnen over de hoge kostenstructuur van de banken?" Daarmee bedoelde Praet dat de banken het beste eerst voor eigen deur vegen eer ze de ECB onder druk zetten. Maar als er in Europa één bank is die de voorbije jaren haar huiswerk heeft gemaakt, ook omdat er na de bijna-doodervaring in 2009 en het oplegde herstructureringsplan niets anders op zat, dan is het wel KBC.De ECB zal niet snel een einde maken aan de negatieve depositorente. Het is voor de centrale bank de belangrijkste beleidsrente geworden die één en ondeelbaar is met het aankoopprogramma van obligaties (QE). De banken verteren de negatieve rente voorlopig vrij vlot, want hun rentemarge is nagenoeg intact gebleven. Er is echter verandering op til. Volgens simulaties van de ECB zou de rentemarge vanaf 2019 fors onder druk komen te staan. Enige dankbaarheid ten aanzien van de ECB mag. We zullen het nooit zeker weten, maar zonder haar ingrijpen was de Europese economie in 2008-2009 in een depressie gesukkeld. Zonder ingrijpen van de ECB was de euro in 2012 uit elkaar gespat. Zonder ingrijpen van de ECB was in 2015 een nieuwe recessie en/of deflatoire spiraal het lot van de Europese economie geweest. De ECB plukt stilaan de vruchten van haar beleid. De Europese economie doet mee aan het eerste gesynchroniseerde herstel van de wereldeconomie sinds de Grote Recessie. Lage rentevoeten raken tot bij de bedrijven, ook in perifere eurolanden, en van kredietschaarste is geen sprake meer. De werkloosheid daalt, en consumenten laten het geld rollen. De ECB is niet weinig trots op dit palmares en is vastbesloten haar verwezenlijkingen met hand en tand te verdedigen. Ze vindt het in elk geval nog te vroeg om de voet van het gaspedaal te halen. En wanneer ze het toch doet, zal dat heel geleidelijk gebeuren. Peter Praet herhaalt het woordje 'gradual' een keer of tien in ons interview. En bij de minste tegenslag zal de ECB niet aarzelen het expansieve beleid te verlengen. Zelfs een verkeerde interpretatie van de beleidsintenties wordt meteen bijgestuurd, zoals in maart, toen de markten dachten dat de ECB het pad begon te effenen voor een beleidswijziging. De ECB heeft geleerd uit de fouten van het verleden. In 2008 verhoogde ze de rente in volle crisis. In 2011 probeerde ze dat nog eens, vlak voor het uitbreken van de eurocrisis. En in 2013 en 2014 bouwde de ECB haar balanstotaal af, vlak voor het deflatiegevaar de kop opstak. Drie keer is scheepsrecht. De ECB zal liever te laat dan te vroeg de voet van het gaspedaal halen. Eenvoudig wordt dat niet. De inflatoire druk zal het eerst de kop opsteken waar inflatie het meest gevoelig ligt. In Duitsland dus, omdat daar de arbeidsmarkt het krapst is, en de lonen er het snelst zullen stijgen. De messen tegen het ECB-beleid worden er al jaren geslepen. Mogelijk overdrijft de ECB in de verdediging van haar beleid. Op de financiële markt leeft al het idee van de 'Draghi-put'. Dat is de impliciete belofte van de ECB om in te grijpen als er iets misgaat, wat een bodem legt onder de aandelen- en obligatiekoersen. Dat is wellicht ook de juiste interpretatie van de markten. Praet noemt bijvoorbeeld de waarderingen op Wall Street vrij duur, maar zegt er meteen bij dat in het geval van een stevige correctie op Wall Street, de ECB zal proberen Europa te beschermen. "Hier waak ik", heeft de ECB in grote letters boven de Europese economie en beurzen geschreven. Draghi heeft van de ECB een pitbull gemaakt. Het risico van zo'n strategie is irrationele uitbundigheid op de financiële markten en een instabiel financieel systeem. De ECB bijt zich dan in de eigen staart. Naast de bankier moet ook de spaarder nog geduld opbrengen. Zijn klaagzang is terecht. De spaarder betaalt het gelag voor een crisis waarvoor hij niet verantwoordelijk is. Een nulrente bij een inflatie van 2 procent kost de Belgische spaarders op jaarbasis ongeveer 5 miljard euro aan koopkracht. Zij moeten zich troosten met de gedachte dat de opleving van de Europese economie een noodzakelijke voorwaarde is om richting 2019 hogere spaarrentes mogelijk te maken. Maar een bedankje voor de ECB is begrijpelijk wat veel gevraagd.