Ooit keek het democratische Westen naar China zoals naar Rusland. Twee historische naties met ondemocratische tradities, die we via handel eerst rijker en dan vrijer zouden krijgen. Een scheut marktwerking en een groeiende middenklasse, met dank aan de globalisering, en de politieke vrijheid zou volgen. Voor China werd die aspiratie eind 2001 bekroond met de aansluiting bij de Wereldhandelsorganisatie, een opmerkelijke kapitalistische omarming van een communistisch land.

Anno 2022 is het ideaal van een wereldgemeenschap met gemeenschappelijke vrijheidswaarden definitief voorbij. Door Poetin kapot geschoten in Oekraïne. Door Xi begraven op het Nationaal Congres van de Communistische Partij van China, waar hij als feitelijke alleenheerser is bekroond. De evolutie van China is te herinterpreteren: China doet altijd wat nodig is om de macht van het regime te consolideren.

In de eerste fase betekende dat buitenlandse investeringen en kennis. De beginperiode met markthervormingen waarmee China zowel Chinese ondernemers als westerse bedrijven wilde verleiden. De verleiding van die gigantische markt en die goedkope werkkrachten was onweerstaanbaar, ook al moest je als buitenlands bedrijf daarvoor intellectuele eigendom opgeven. Zo kreeg China het geld en de knowhow in handen voor de volgende fase.

Gesteund met infrastructuur en industriële planning stimuleerde het regime de groei van Chinese kampioenbedrijven die met de westerse multinationals konden wedijveren in schaal, technologie en - dankzij staatssubsidies - prijs. Dat was systematische concurrentievervalsing, maar het zou tot Donald Trump duren alvorens het Westen daartegen reageerde. China was de groeilocomotief van de wereld en daarvan profiteerde werkelijk iedereen.

China doet altijd wat nodig is om de macht van het regime te consolideren.

Vervolgens begon China zijn groeiend economisch gewicht op het wereldtoneel te flaneren. Buitenlandse investeringsprogramma's en een heuse nieuwe Zijderoute moesten tientallen landen aan China kluisteren. Arme landen met bedenkelijke regimes vonden in China een gretige partner. In ruil voor cliëntstatus kon China antidemocratische krachten verbinden. Terwijl China zich begon te roeren in de instellingen van de Verenigde Naties, bouwde het tevens een parallel circuit van multilaterale organisaties en investeringsbanken. Een fait accompli van een alternatieve internationale orde met China in het midden.

Onder Xi is die fase van concurrentie met het Westen overgegaan in conflict. China is Rusland gevolgd in het cultiveren van een zelfbeeld van historische revanche en buitenlandse bedreiging. De ingrediënten daarvan zijn een assertieve militaire opbouw, agressieve diplomatie en het onderdrukken van alle persoonlijke vrijheden in China, ook het ondernemerschap. Nationale veiligheid krijgt voorrang op welvaart en groei. Dat betekent nog meer planeconomie, nog meer staatsbedrijven en nog meer economisch nationalisme dat China loskoppelt van het Westen en zo het regime geopolitiek ruimte geeft.

De vrije wereld is ondertussen helemaal bijgedraaid. We zijn allemaal een lightversie van China geworden. Er is overal overheidsplanning en staatsgeld voor technologische sectoren die ons economisch soeverein moeten maken. Terwijl in Peking het partijcongres liep, publiceerden de Verenigde Staten een veiligheidsstrategie waarin het isoleren en overtreffen van China centraal staat. Europa doet stilletjes hetzelfde. Vaarwel, globalisering.

Nu nog de multinationals. De kostprijs van niet te kiezen tussen China en het Westen, of juist wel te kiezen, wordt almaar groter. Wie niet kiest, sluit zichzelf uit van een groeiende lijst van strategische sectoren. Wie wel kiest, verliest een deel van de wereldmarkt. Niets doen, is geen optie. Op twee paarden wedden wanneer die op ramkoers liggen, is Chinese roulette.

Ooit keek het democratische Westen naar China zoals naar Rusland. Twee historische naties met ondemocratische tradities, die we via handel eerst rijker en dan vrijer zouden krijgen. Een scheut marktwerking en een groeiende middenklasse, met dank aan de globalisering, en de politieke vrijheid zou volgen. Voor China werd die aspiratie eind 2001 bekroond met de aansluiting bij de Wereldhandelsorganisatie, een opmerkelijke kapitalistische omarming van een communistisch land. Anno 2022 is het ideaal van een wereldgemeenschap met gemeenschappelijke vrijheidswaarden definitief voorbij. Door Poetin kapot geschoten in Oekraïne. Door Xi begraven op het Nationaal Congres van de Communistische Partij van China, waar hij als feitelijke alleenheerser is bekroond. De evolutie van China is te herinterpreteren: China doet altijd wat nodig is om de macht van het regime te consolideren.In de eerste fase betekende dat buitenlandse investeringen en kennis. De beginperiode met markthervormingen waarmee China zowel Chinese ondernemers als westerse bedrijven wilde verleiden. De verleiding van die gigantische markt en die goedkope werkkrachten was onweerstaanbaar, ook al moest je als buitenlands bedrijf daarvoor intellectuele eigendom opgeven. Zo kreeg China het geld en de knowhow in handen voor de volgende fase.Gesteund met infrastructuur en industriële planning stimuleerde het regime de groei van Chinese kampioenbedrijven die met de westerse multinationals konden wedijveren in schaal, technologie en - dankzij staatssubsidies - prijs. Dat was systematische concurrentievervalsing, maar het zou tot Donald Trump duren alvorens het Westen daartegen reageerde. China was de groeilocomotief van de wereld en daarvan profiteerde werkelijk iedereen.Vervolgens begon China zijn groeiend economisch gewicht op het wereldtoneel te flaneren. Buitenlandse investeringsprogramma's en een heuse nieuwe Zijderoute moesten tientallen landen aan China kluisteren. Arme landen met bedenkelijke regimes vonden in China een gretige partner. In ruil voor cliëntstatus kon China antidemocratische krachten verbinden. Terwijl China zich begon te roeren in de instellingen van de Verenigde Naties, bouwde het tevens een parallel circuit van multilaterale organisaties en investeringsbanken. Een fait accompli van een alternatieve internationale orde met China in het midden.Onder Xi is die fase van concurrentie met het Westen overgegaan in conflict. China is Rusland gevolgd in het cultiveren van een zelfbeeld van historische revanche en buitenlandse bedreiging. De ingrediënten daarvan zijn een assertieve militaire opbouw, agressieve diplomatie en het onderdrukken van alle persoonlijke vrijheden in China, ook het ondernemerschap. Nationale veiligheid krijgt voorrang op welvaart en groei. Dat betekent nog meer planeconomie, nog meer staatsbedrijven en nog meer economisch nationalisme dat China loskoppelt van het Westen en zo het regime geopolitiek ruimte geeft. De vrije wereld is ondertussen helemaal bijgedraaid. We zijn allemaal een lightversie van China geworden. Er is overal overheidsplanning en staatsgeld voor technologische sectoren die ons economisch soeverein moeten maken. Terwijl in Peking het partijcongres liep, publiceerden de Verenigde Staten een veiligheidsstrategie waarin het isoleren en overtreffen van China centraal staat. Europa doet stilletjes hetzelfde. Vaarwel, globalisering.Nu nog de multinationals. De kostprijs van niet te kiezen tussen China en het Westen, of juist wel te kiezen, wordt almaar groter. Wie niet kiest, sluit zichzelf uit van een groeiende lijst van strategische sectoren. Wie wel kiest, verliest een deel van de wereldmarkt. Niets doen, is geen optie. Op twee paarden wedden wanneer die op ramkoers liggen, is Chinese roulette.