De komst van smartphones en smartwatches is niet meer weg te denken. Maar dat geldt nog niet voor de health apps. De medische sector ziet nochtans het potentieel van deze nieuwe technologie in.

Met medische apps kunnen mensen via hun smartphone of smartwatch eigenhandig hun hartslag, bloeddruk, suikerniveau en zelfs hersengolven meten en die rechtstreeks doorsturen naar hun dokter. Zo heeft de succesvolle Limburgse startup Fibricheck een app gecreëerd waarmee je via je smartphone of smartwatch hartstoornissen kan opsporen. Streekgenoot Epihunter heeft dan weer een toepassing ontwikkeld waarmee iemands hersengolven via een sensor constant gescand worden om epilepsie aanvallen te detecteren.

Dokters kunnen op die manier preventiever optreden, waardoor dure zorgkosten nadien uitblijven. Patiënten hoeven ook vaak niet voor observatie in het ziekenhuis te blijven omdat die nu ook vanop afstand kan gebeuren. De technologie kan de maatschappij niet alleen veel geld besparen, maar ook de algemene gezondheid verbeteren en het leven van zorgverstrekkers efficiënter maken. Patiënten krijgen sneller de juiste zorg die ze verdienen. Wie kan daar nu tegen zijn?

Zulke toepassingen, die meestal enkel via een voorschrift te verkrijgen zijn, breken nochtans niet door bij het brede publiek in België. Mensen vertrouwen nog steeds liefst op de traditionele methodes, onder meer omdat die veel goedkoper zijn aangezien ze deels of volledig terugbetaald worden door het RIZIV. Dat is niet zo voor medische apps. Van de 13 Belgische apps die al een CE-certificaat ontvangen hebben, en dus veelal medisch gevalideerd zijn, is er momenteel geen enkele die al terugbetaald wordt door de overheid.

Betaal medische apps sneller terug.

Het grootste struikelblok is dat deze start-ups moeten kunnen aantonen dat ze daadwerkelijk een gezondheidseconomische impact hebben. Vaak is deze impact pas meetbaar op de lange termijn en tijd is nu net iets wat start-ups vaak niet hebben. En dit terwijl deze apps nu al beschikbaar zijn voor de bevolking, tegen betaling weliswaar. Zo is het erg moeilijk voor medische apps om geïntegreerd te geraken.

Duitsland, dat een gelijkaardig systeem van terugbetalingen heeft, heeft begrepen dat het hier iets aan moet doen. Voor de kerstvakantie keurde de Duitse federale regering daarom de zogenaamde Digitale Versorgung Gesetz, of kortweg DVG-wet goed, waardoor medische apps die hun CE-certificaat al behaald hebben, voor een periode van één jaar terugbetaald kunnen worden. Tijdens deze periode kunnen ze dan data verzamelen om aan te tonen dat hun app positieve resultaten oplevert. Na een jaar wordt de terugbetaling dan herbekeken en indien nodig aangepast.

Een dergelijk systeem in België invoeren zou ongeveer 20 tot 30 miljoen euro kosten. Maar die meerkosten zijn de investering zeker meer dan waard. Meer mensen zullen deze veilige medische apps gebruiken, wat een positief effect zal hebben op de Belgische volksgezondheid. Indien de resultaten na een jaar uitblijven, kan de app volledig of deels haar recht op terugbetaling verliezen. De nieuwe federale regering heeft er alle baat bij om zich door Duitsland te laten inspireren. Zo gaan we samen een gezondere samenleving tegemoet, met een betaalbare gezondheidszorg. En wie kan daar tegen zijn?

De komst van smartphones en smartwatches is niet meer weg te denken. Maar dat geldt nog niet voor de health apps. De medische sector ziet nochtans het potentieel van deze nieuwe technologie in. Met medische apps kunnen mensen via hun smartphone of smartwatch eigenhandig hun hartslag, bloeddruk, suikerniveau en zelfs hersengolven meten en die rechtstreeks doorsturen naar hun dokter. Zo heeft de succesvolle Limburgse startup Fibricheck een app gecreëerd waarmee je via je smartphone of smartwatch hartstoornissen kan opsporen. Streekgenoot Epihunter heeft dan weer een toepassing ontwikkeld waarmee iemands hersengolven via een sensor constant gescand worden om epilepsie aanvallen te detecteren.Dokters kunnen op die manier preventiever optreden, waardoor dure zorgkosten nadien uitblijven. Patiënten hoeven ook vaak niet voor observatie in het ziekenhuis te blijven omdat die nu ook vanop afstand kan gebeuren. De technologie kan de maatschappij niet alleen veel geld besparen, maar ook de algemene gezondheid verbeteren en het leven van zorgverstrekkers efficiënter maken. Patiënten krijgen sneller de juiste zorg die ze verdienen. Wie kan daar nu tegen zijn? Zulke toepassingen, die meestal enkel via een voorschrift te verkrijgen zijn, breken nochtans niet door bij het brede publiek in België. Mensen vertrouwen nog steeds liefst op de traditionele methodes, onder meer omdat die veel goedkoper zijn aangezien ze deels of volledig terugbetaald worden door het RIZIV. Dat is niet zo voor medische apps. Van de 13 Belgische apps die al een CE-certificaat ontvangen hebben, en dus veelal medisch gevalideerd zijn, is er momenteel geen enkele die al terugbetaald wordt door de overheid. Het grootste struikelblok is dat deze start-ups moeten kunnen aantonen dat ze daadwerkelijk een gezondheidseconomische impact hebben. Vaak is deze impact pas meetbaar op de lange termijn en tijd is nu net iets wat start-ups vaak niet hebben. En dit terwijl deze apps nu al beschikbaar zijn voor de bevolking, tegen betaling weliswaar. Zo is het erg moeilijk voor medische apps om geïntegreerd te geraken. Duitsland, dat een gelijkaardig systeem van terugbetalingen heeft, heeft begrepen dat het hier iets aan moet doen. Voor de kerstvakantie keurde de Duitse federale regering daarom de zogenaamde Digitale Versorgung Gesetz, of kortweg DVG-wet goed, waardoor medische apps die hun CE-certificaat al behaald hebben, voor een periode van één jaar terugbetaald kunnen worden. Tijdens deze periode kunnen ze dan data verzamelen om aan te tonen dat hun app positieve resultaten oplevert. Na een jaar wordt de terugbetaling dan herbekeken en indien nodig aangepast. Een dergelijk systeem in België invoeren zou ongeveer 20 tot 30 miljoen euro kosten. Maar die meerkosten zijn de investering zeker meer dan waard. Meer mensen zullen deze veilige medische apps gebruiken, wat een positief effect zal hebben op de Belgische volksgezondheid. Indien de resultaten na een jaar uitblijven, kan de app volledig of deels haar recht op terugbetaling verliezen. De nieuwe federale regering heeft er alle baat bij om zich door Duitsland te laten inspireren. Zo gaan we samen een gezondere samenleving tegemoet, met een betaalbare gezondheidszorg. En wie kan daar tegen zijn?