Dat blijkt uit een studie van de UGent waarover ook Het Belang Van Limburg bericht.

Bijna één op de tien inactieven in ons land (9,4 procent) heeft een niet-Europese nationaliteit.

België telt zowat 1.315.000 miljoen inactieven tussen de 25 en de 64 jaar. Daarvan hebben er dus 123.000 een nationaliteit van buiten de EU-27. Opgedeeld naar geslacht zijn in België bijna zes op de tien van alle 25- tot 64-jarige vrouwen met een niet-EU-27-nationaliteit inactief, tegenover iets meer dan één op de vier van hun mannelijke tegenhangers. Ruim vier op de tien (42,6 procent) van de inactieven met een niet-Europese nationaliteit hebben geen diploma secundair onderwijs. Meer dan 20 procent van de groep volgt momenteel ook geen opleiding.

'Aanklampend beleid'

De inactiviteitscijfers onder personen met een niet-EU-27-nationaliteit liggen in Vlaanderen (41,1 procent) lager dan in Brussel (43,1 procent) en Wallonië (51,3 procent). In Wallonië is dus meer dan de helft van de 25-tot 64-jarige burgers met een nationaliteit van buiten de EU-27 noch aan het werk, noch op zoek naar werk. Maar ook Vlaanderen scoort qua inactiviteit voor personen met een niet-EU-27-nationaliteit slechter dan het gemiddelde van alle Europese landen, waar dat percentage 29 procent bedraagt.

Deze cijfers zetten België voor belangrijke beleidsuitdagingen, concludeert arbeidseconoom Stijn Baert. 'Een aanklampend beleid dringt zich op. Cruciaal is dat werkgevers, werknemers en beleid stoppen met naar elkaar te wijzen, maar elk hun verantwoordelijkheid opnemen. Werkgevers moeten discriminatie erkennen en aanpakken. Maar het bestaan van ongelijke behandeling is geen reden om je best niet te doen op school of bij het zoeken naar werk.'

Dat blijkt uit een studie van de UGent waarover ook Het Belang Van Limburg bericht. Bijna één op de tien inactieven in ons land (9,4 procent) heeft een niet-Europese nationaliteit. België telt zowat 1.315.000 miljoen inactieven tussen de 25 en de 64 jaar. Daarvan hebben er dus 123.000 een nationaliteit van buiten de EU-27. Opgedeeld naar geslacht zijn in België bijna zes op de tien van alle 25- tot 64-jarige vrouwen met een niet-EU-27-nationaliteit inactief, tegenover iets meer dan één op de vier van hun mannelijke tegenhangers. Ruim vier op de tien (42,6 procent) van de inactieven met een niet-Europese nationaliteit hebben geen diploma secundair onderwijs. Meer dan 20 procent van de groep volgt momenteel ook geen opleiding. De inactiviteitscijfers onder personen met een niet-EU-27-nationaliteit liggen in Vlaanderen (41,1 procent) lager dan in Brussel (43,1 procent) en Wallonië (51,3 procent). In Wallonië is dus meer dan de helft van de 25-tot 64-jarige burgers met een nationaliteit van buiten de EU-27 noch aan het werk, noch op zoek naar werk. Maar ook Vlaanderen scoort qua inactiviteit voor personen met een niet-EU-27-nationaliteit slechter dan het gemiddelde van alle Europese landen, waar dat percentage 29 procent bedraagt. Deze cijfers zetten België voor belangrijke beleidsuitdagingen, concludeert arbeidseconoom Stijn Baert. 'Een aanklampend beleid dringt zich op. Cruciaal is dat werkgevers, werknemers en beleid stoppen met naar elkaar te wijzen, maar elk hun verantwoordelijkheid opnemen. Werkgevers moeten discriminatie erkennen en aanpakken. Maar het bestaan van ongelijke behandeling is geen reden om je best niet te doen op school of bij het zoeken naar werk.'