De banken zitten met iets in hun maag: de wettelijke vastgelegde minimumrente van 0,11 procent op de gereglementeerde spaarboekjes. Ze zouden het liefst hebben dat de minister van Financiën dat bodemtarief afvoert. Veel banken leven immers van de rentemarge die ze realiseren op het spaargeld dat ze omzetten in kredieten. Door het lagerentebeleid van de Europese Centrale Bank (ECB) worden kredieten goedkoper (en dalen de rente-opbrengsten van de banken), maar het bodemtarief verhindert de banken spaargeld minder te vergoeden (en dus hun rentekosten te verlagen).
...

De banken zitten met iets in hun maag: de wettelijke vastgelegde minimumrente van 0,11 procent op de gereglementeerde spaarboekjes. Ze zouden het liefst hebben dat de minister van Financiën dat bodemtarief afvoert. Veel banken leven immers van de rentemarge die ze realiseren op het spaargeld dat ze omzetten in kredieten. Door het lagerentebeleid van de Europese Centrale Bank (ECB) worden kredieten goedkoper (en dalen de rente-opbrengsten van de banken), maar het bodemtarief verhindert de banken spaargeld minder te vergoeden (en dus hun rentekosten te verlagen).De vraag van de banken lijkt plausibel. Hun verdienmodel staat onder druk. De vraag is of het afschaffen van de wettelijke minimumrente op spaarboekjes zo'n groot verschil maakt. Neem nu een bank als KBC, die in België een depositobasis van afgerond 100 miljard euro heeft. Een rente van 0,11 procent kost de bank dus 110 miljoen euro op jaarbasis. Dat is amper de helft van de 222 miljoen euro aan banktaksen die KBC vorig jaar aan de overheid betaalde en een fractie van de 2,15 miljard euro operationele kosten in België. Misschien moeten de banken toch maar wat meer vet wegsnijden en eerst hun operationele kosten verlagen, vooraleer ze de spaarder mee in het bad trekken.Welke strijd voeren de banken eigenlijk? De echte agenda is dat ze de handen vrij willen hebben om hun klanten een nul- of zelfs een negatieve rente aan te rekenen. Ze vrezen immers dat ECB-voorzitter Mario Draghi in maart de depositorente voort verlaagt. Geld dat de banken niet gebruiken en bij de ECB deponeren kost hun nu al 0,3 procent intrest. Dat zou 0,4 of 0,5 procent kunnen worden. Dat willen de banken, hoewel ze in het algemeen weinig geld bij de ECB aanhouden, maar al te graag doorrekenen aan hun klanten.Hopelijk beseft de banksector dat ze met die strategie de doos van Pandora dreigt te openen. Een negatieve spaarrente invoeren zou weleens gelijk kunnen staan met commercieel zelfmoord plegen. Jarenlang al voeren de banken strijd tegen het gebruik van cash. Als ze straks zouden beslissen een negatieve spaarrente in te voeren, zal dat op grote weerstand bij de burgers stoten. Veel Vlamingen zullen hun digitale geld inruilen voor cash. Miljarden zullen weer in kluizen en onder matrassen verdwijnen. En de strijd tegen cash wordt jaren teruggedraaid.Bovendien zou een negatieve spaarrente het vertrouwen van de burgers zwaar aantasten. Niet alleen het vertrouwen in de banken, dat sinds 2008 al op een laag pitje staat. Maar ook het vertrouwen in het financiële systeem en in de waarde van geld. Mensen beseffen wel dat er zoiets bestaat als inflatie, waardoor hun geld minder waard wordt. Maar dat geldontwaarding ook kan toeslaan via hun bankrekening, zal als een schok komen. De banken moeten opletten of ze duwen het vertrouwen van de consument ver onder nul. En op die manier krijgen we de economische groei natuurlijk nooit aan de praat.