De kans is groot dat u voor een zombiebedrijf werkt. Dat is een onderneming die systematisch verlies maakt, of met haar bedrijfswinst de rentelasten niet kan betalen. Die levende doden horen er niet meer te zijn, maar ze weten toch op de een of andere manier te overleven. In België zijn ze met veel, griezelig veel. Volgens de OESO is bijna één op de tien actieve Belgische ondernemingen een zombiebedrijf. Ze houden 15 procent van de kapitaalvoorraad en de werkgelegenheid gevangen, tegenover een percentage van ongeveer 5 procent in de buurlanden. En het ergst van alles: het aantal levende doden gaat in België in stijgende lijn.
...

De kans is groot dat u voor een zombiebedrijf werkt. Dat is een onderneming die systematisch verlies maakt, of met haar bedrijfswinst de rentelasten niet kan betalen. Die levende doden horen er niet meer te zijn, maar ze weten toch op de een of andere manier te overleven. In België zijn ze met veel, griezelig veel. Volgens de OESO is bijna één op de tien actieve Belgische ondernemingen een zombiebedrijf. Ze houden 15 procent van de kapitaalvoorraad en de werkgelegenheid gevangen, tegenover een percentage van ongeveer 5 procent in de buurlanden. En het ergst van alles: het aantal levende doden gaat in België in stijgende lijn. Voor de economie is die zombieplaag een ramp. Jozef Schumpeter, die de term creatieve destructie bedacht, wist heel goed dat een economie maar vooruit raakt als de zwakke bedrijven plaats maken voor sterke en productievere ondernemingen. Als talent en kapitaal worden vrijgemaakt uit stagnerende activiteiten en kunnen stromen naar vernieuwing en groei, zoals water naar de zee. Dat is de enige bron van duurzame groei. Maar de versteende Belgische economie kan in een normaal jaar nog amper 1,5 procent groeien. In België draait die verjongingskuur vierkant, terwijl de digitalisering van de economie een snelle transformatie vraagt. Wel hebben we een nieuwe generatie van start-ups die meteen mikt op een internationale doorbraak. En we tellen een bataljon sterke, grote ondernemingen die actief zijn op de mondiale markten. Die toplaag - 5 procent van de bedrijven - zorgt voor het gros van de investeringen en de productiviteitsgroei.De Belgische werknemers heten productief te zijn. Maar - zo merkt de Nationale Bank op - in zeven op de tien ondernemingen ligt de arbeidsproductiviteit onder het gemiddelde. 85 procent van de Belgische ondernemingen is enkel actief op de binnenlandse markt. Hun technologische achterstand dreigt toe te nemen en hun winstgevendheid zal stagneren. De zombiebedrijven remmen op verschillende manieren de groei af. Ze zijn weinig productief, maar ze bemoeilijken ook het leven van de sterke bedrijven en van het jonge geweld. Als de zombiebedrijven met te veel zijn, verhogen ze voor nieuwkomers de toegangsdrempel tot de markt. De sterkere bedrijven hebben het ook moeilijker om door te groeien, want het kapitaal - zowel menselijk als financieel - zit bij de verkeerde bedrijven vast.Een gezonde marktwerking is de beste remedie tegen die zombieplaag. De markt wiedt wat ziek is en voedt wat sterk is. Maar in België hebben te veel sectoren te maken met te veel regels en te veel bescherming. Veel bedrijven worden afgeschermd van concurrentie en hebben de luxe om in te dommelen. De hoge inflatie in de dienstensector is daar een symptoom van. Ook de arbeidsmarkt is te star. Veel menselijk kapitaal zit bijvoorbeeld bij de overheid gevangen in een gouden kooi van werkzekerheid, terwijl veel sterke bedrijven te weinig kunnen groeien bij gebrek aan personeel. Ook de disciplinerende functie van de financiële markten is defect geraakt, door het soepele en verdovende beleid van de centrale banken. De extreem lage rentevoeten houden heel wat zieke bedrijven en overheden het hand boven het hoofd. De grootste nevenschade van dat beleid is de verdere zombieficatie van de westerse economie.Een andere en steeds strakker zittende strop rond onze productiviteit zijn de files en de gebrekkige infrastructuur. De vlotte doorstroming van mensen, goederen en gegevens zijn van groot belang om mensen en kapitaal op hun beste positie uit te spelen. Vooral de files, die in de toekomst nog veel langer zullen worden, belemmeren steeds meer de vlotte werking van de arbeidsmarkt. We werken liever in een zombiebedrijf onder de kerktoren dan in een gezonde groeier in Brussel, Gent of Antwerpen. Ook de wegeninfrastructuur rond de grote steden is een levende dode geworden. Maar veronderstel een wereld zonder files, zonder verstikkende arbeidsmarkt, zonder torenhoge belastingen. Zou de zombieplaag dan op slag over zijn? Nee, nog altijd niet. Een cruciaal geneesmiddel ontbreekt nog: een flinke dosis ondernemerscultuur. "Wat betreft ondernemerscultuur boekte België de slechtste resultaten tussen 2009 en 2015. Het gebrek aan ondernemerscultuur is de voornaamste hinderpaal voor de reallocatie van middelen via de oprichting van nieuwe ondernemingen", schrijft de Nationale Bank in haar jaarverslag. Ondernemen moet dus bij hoogdringendheid aantrekkelijker gemaakt worden. Een meerwaardebelasting gaat de zombificatie geen halt toe roepen.