Op het eerste gezicht zou je kunnen zeggen dat de ziekenhuissector zich in 2021 enigszins kon herstellen van het rampjaar 2020. De coronapandemie veroorzaakte, zoals bekend, een forse daling van de klassieke opnames, omdat niet-urgente zorg werd teruggeschroefd.

Maar schijn bedriegt. Zonder de twee miljard euro voorschotten waarmee de federale regering de sector uit de nood hielp tijdens de coronajaren, had de sector vorig jaar een licht tekort vertoond. Dat blijkt uit de jaarlijkse doorlichting die Belfius van de ziekenhuissector maakt.

Lees verder onder de video (reportage Kanaal Z)

Een van de oorzaken daarvoor is dat de activiteit twee jaar later nog altijd niet volledig is hersteld. In de zogenoemde MAHA-analyse concludeert Belfius dat er in 2021 nog altijd 9,3 procent minder klassieke opnames met overnachting waren dan voor de pandemie. Al zijn er wel grote verschillen naargelang het ziekenhuis. Zo realiseren 2 van de 93 ziekenhuizen meer klassieke opnames dan in 2019, terwijl er in 15 ziekenhuizen een achteruitgang van meer dan 15 procent tegenover 2019 te noteren valt. Het aantal daghospitalisaties steeg in 2021 wel gevoelig. Er waren er 7,1 procent meer dan een twee jaar eerder.

Grimmige vooruitzichten

De echte vraag van het moment is hoe de toekomst er voor de ziekenhuissector uitziet in tijden van oplopende inflatie en hoge energiekosten. Ook dat onderzocht Belfius. Dat gebeurde niet op basis van een doorlichting van de jaarrekeningen, maar via een enquête over de eerste helft van 2022. Alle algemene ziekenhuizen hebben aan de enquête deelgenomen. In de eerste helft van dit jaar blijken de trends van 2021 door te zetten: het aantal klassieke opnames krimpt en ligt nog steeds lager dan voor de pandemie, en de dagopnames kunnen die terugval aan activiteiten niet helemaal goedmaken.

Dat alles gebeurt op een ogenblik dat de inflatie de aankoopkosten van medische goederen of van investeringen in nieuwe gebouwen omhoog jaagt, terwijl de personeelskosten via het indexeringsmechanisme stijgen. Bovendien namen de energiekosten dit jaar al met 60 procent toe.

Belfius concludeert dat het bedrijfsresultaat van de ziekenhuissector in België over 2022 met 270 miljoen achteruit zou gaan. Daarmee zou de hele sector deficitair worden.

"Dat gebeurt in een context van constante vergrijzingskosten en precaire staatsfinanciën", zegt Veronique Goossens, chief economist bij Belfius. "Er is met andere woorden weinig ruimte om de sector bijkomend te ondersteunen. En dat baart ons zorgen."

Personeelsproblemen

Een niet te onderschatten factor in de problemen van de sector zijn de aanhoudende personeelstekorten. Aan de ene kant zijn personeelskosten een kostenpost die stijgt als gevolg van de indexeringsmechanisme, maar aan de andere kant is het tekort aan personeel er ook de oorzaak van dat minder patiënten kunnen worden behandeld. En dat betekent dus ook minder inkomsten via de klassieke ziekenhuisopname.

Er is al fors ingezet op het aantrekken van meer handen aan het ziekenhuisbed, onder ander via de miljoenen van een Zorgpersoneelfonds en door met nieuwe classificaties zorgberoepen aantrekkelijker te maken. Met een bescheiden succes: tegenover 2019 zijn er nu 1.096 extra verpleegkundigen aan het werk. Maar ondanks die toename en een stijging van het gebruik van uitzendpersoneel zijn er nog altijd 5.000 openstaande vacatures.

Dat ligt ook aan de hoge personeelsuitval sinds corona. Zo bedraagt de afwezigheidsgraad in de sector op dit moment 9,8 procent, stelt Belfius. Daarvan zou meer dan 6 procent ook langdurig afwezig zijn. Dat percentage ligt hoger dan in andere sectoren. Volgens Margot Cloet van de ziekenhuiskoepel Zorgnet-Icuro zijn de personeelsproblemen bovendien een belangrijke reden waarom de ziekenhuizen nog niet terug op het niveau van 2019 zitten. "Sommige ziekenhuizen moeten afdelingen tijdelijk sluiten, omdat ze onvoldoende personeel vinden", zegt ze.

Op het eerste gezicht zou je kunnen zeggen dat de ziekenhuissector zich in 2021 enigszins kon herstellen van het rampjaar 2020. De coronapandemie veroorzaakte, zoals bekend, een forse daling van de klassieke opnames, omdat niet-urgente zorg werd teruggeschroefd. Maar schijn bedriegt. Zonder de twee miljard euro voorschotten waarmee de federale regering de sector uit de nood hielp tijdens de coronajaren, had de sector vorig jaar een licht tekort vertoond. Dat blijkt uit de jaarlijkse doorlichting die Belfius van de ziekenhuissector maakt. Lees verder onder de video (reportage Kanaal Z)Een van de oorzaken daarvoor is dat de activiteit twee jaar later nog altijd niet volledig is hersteld. In de zogenoemde MAHA-analyse concludeert Belfius dat er in 2021 nog altijd 9,3 procent minder klassieke opnames met overnachting waren dan voor de pandemie. Al zijn er wel grote verschillen naargelang het ziekenhuis. Zo realiseren 2 van de 93 ziekenhuizen meer klassieke opnames dan in 2019, terwijl er in 15 ziekenhuizen een achteruitgang van meer dan 15 procent tegenover 2019 te noteren valt. Het aantal daghospitalisaties steeg in 2021 wel gevoelig. Er waren er 7,1 procent meer dan een twee jaar eerder.De echte vraag van het moment is hoe de toekomst er voor de ziekenhuissector uitziet in tijden van oplopende inflatie en hoge energiekosten. Ook dat onderzocht Belfius. Dat gebeurde niet op basis van een doorlichting van de jaarrekeningen, maar via een enquête over de eerste helft van 2022. Alle algemene ziekenhuizen hebben aan de enquête deelgenomen. In de eerste helft van dit jaar blijken de trends van 2021 door te zetten: het aantal klassieke opnames krimpt en ligt nog steeds lager dan voor de pandemie, en de dagopnames kunnen die terugval aan activiteiten niet helemaal goedmaken.Dat alles gebeurt op een ogenblik dat de inflatie de aankoopkosten van medische goederen of van investeringen in nieuwe gebouwen omhoog jaagt, terwijl de personeelskosten via het indexeringsmechanisme stijgen. Bovendien namen de energiekosten dit jaar al met 60 procent toe.Belfius concludeert dat het bedrijfsresultaat van de ziekenhuissector in België over 2022 met 270 miljoen achteruit zou gaan. Daarmee zou de hele sector deficitair worden. "Dat gebeurt in een context van constante vergrijzingskosten en precaire staatsfinanciën", zegt Veronique Goossens, chief economist bij Belfius. "Er is met andere woorden weinig ruimte om de sector bijkomend te ondersteunen. En dat baart ons zorgen."Een niet te onderschatten factor in de problemen van de sector zijn de aanhoudende personeelstekorten. Aan de ene kant zijn personeelskosten een kostenpost die stijgt als gevolg van de indexeringsmechanisme, maar aan de andere kant is het tekort aan personeel er ook de oorzaak van dat minder patiënten kunnen worden behandeld. En dat betekent dus ook minder inkomsten via de klassieke ziekenhuisopname. Er is al fors ingezet op het aantrekken van meer handen aan het ziekenhuisbed, onder ander via de miljoenen van een Zorgpersoneelfonds en door met nieuwe classificaties zorgberoepen aantrekkelijker te maken. Met een bescheiden succes: tegenover 2019 zijn er nu 1.096 extra verpleegkundigen aan het werk. Maar ondanks die toename en een stijging van het gebruik van uitzendpersoneel zijn er nog altijd 5.000 openstaande vacatures.Dat ligt ook aan de hoge personeelsuitval sinds corona. Zo bedraagt de afwezigheidsgraad in de sector op dit moment 9,8 procent, stelt Belfius. Daarvan zou meer dan 6 procent ook langdurig afwezig zijn. Dat percentage ligt hoger dan in andere sectoren. Volgens Margot Cloet van de ziekenhuiskoepel Zorgnet-Icuro zijn de personeelsproblemen bovendien een belangrijke reden waarom de ziekenhuizen nog niet terug op het niveau van 2019 zitten. "Sommige ziekenhuizen moeten afdelingen tijdelijk sluiten, omdat ze onvoldoende personeel vinden", zegt ze.