De Brusselse dataspecialist Raito is nog geen jaar oud en kon onlangs een eerste kapitaalronde van maar liefst 4 miljoen euro aankondigen. Zulke startbedragen zijn zeldzaam in België, zeker voor softwarebedrijven die hun product nog moeten beginnen te commercialiseren. Maar van Raito gaan we ongetwijfeld nog meer horen. De oprichters, Bart Vandekerckhove en Dieter Wachters, kunnen fraaie geloofsbrieven voorleggen. Ze werkten al in een vroeg stadium voor Collibra, het softwareplatform dat door de grootste bedrijven ter wereld wordt gebruikt om grote hoeveelheden data beter te beheren. Door dat explosieve succes werd het vorig jaar gewaardeerd tegen 5,25 miljard dollar. Collibra-oprichters Felix Van de Maele en Stijn Christiaens geven hun ex-medewerkers Vandekerckhove en Wachters meer dan een schouderklopje om zelf een ambitieus techbedrijf uit de grond te stampen: ze investeren als businessangels een beperkt bedrag in Raito. Ook Pieterjan Bouten en Louis Jonckheere, de oprichters van Showpad, een andere succesvolle techbelofte, doen dat.
...

De Brusselse dataspecialist Raito is nog geen jaar oud en kon onlangs een eerste kapitaalronde van maar liefst 4 miljoen euro aankondigen. Zulke startbedragen zijn zeldzaam in België, zeker voor softwarebedrijven die hun product nog moeten beginnen te commercialiseren. Maar van Raito gaan we ongetwijfeld nog meer horen. De oprichters, Bart Vandekerckhove en Dieter Wachters, kunnen fraaie geloofsbrieven voorleggen. Ze werkten al in een vroeg stadium voor Collibra, het softwareplatform dat door de grootste bedrijven ter wereld wordt gebruikt om grote hoeveelheden data beter te beheren. Door dat explosieve succes werd het vorig jaar gewaardeerd tegen 5,25 miljard dollar. Collibra-oprichters Felix Van de Maele en Stijn Christiaens geven hun ex-medewerkers Vandekerckhove en Wachters meer dan een schouderklopje om zelf een ambitieus techbedrijf uit de grond te stampen: ze investeren als businessangels een beperkt bedrag in Raito. Ook Pieterjan Bouten en Louis Jonckheere, de oprichters van Showpad, een andere succesvolle techbelofte, doen dat. En zo stuiten we op een van de meest onderbelichte aspecten van de Belgische start-upscene: lokale techondernemers die al een grote exit achter de rug hebben of een bedrijf met een enorme waardering hebben opgebouwd, investeren een deel van hun zuurverdiende kapitaal terug in de sector. Het bekendste voorbeeld is wellicht Jürgen Ingels, die in 2014 samen met Michel Akkermans Clear2Pay heeft verkocht voor 375 miljoen euro en nu vooral bekend is van Smartfin, een van de grootste en belangrijkste techfondsen in België. Zo zijn er nog veertien andere sleutelfiguren (zie infografiek De Vlaamse techconnectie). Minstens veertig Vlaamse techstart-ups zijn onlangs door dat selecte clubje succesvolle Vlaamse ondernemers ondersteund. Er ontstaat een steeds hechter netwerk van lokale en succesvolle techondernemers dat hun geld, ervaring en contacten ter beschikking stelt van een nieuwe generatie. Ze doen dat almaar meer collectief, of coördineren hun investeringen. En dat is cruciaal, want de Belgische techsector is nog altijd een kasplantje dat niet zonder overheidssteun kan en veel meer succesvolle groeibedrijven nodig heeft. De meeste van die invloedrijke ondernemers die samen hebben geïnvesteerd in techstart-ups, kennen elkaar heel goed. Ze sturen mekaar regelmatig e-mails en berichtjes over interessante kansen die zich aandienen. Dat mondt soms uit in een investering door een verwant fonds, maar meestal gaat het om een club deal, waarvan de deelnemende ondernemers een deel voor hun rekening nemen. Het gaat vaak om beperkte bedragen - een paar honderdduizenden euro's. Zo'n vroege participatie geldt als een keurmerk dat andere deuren opent. "Je moet dat gebruiken als hefboom", zegt investeerder Lorenz Bogaert, die samen met Toon Coppens de internetpionier Netlog oprichtte. "Ondernemers kunnen daarmee een bank overtuigen om een lening te krijgen of aankloppen bij de Participatiemaatschappij Vlaanderen (PMV). En als dat lukt, krijgen ze meestal ook nog overheidssteun van het Agentschap Innoveren & Ondernemen (Vlaio). Die eerste 300.000 euro van gereputeerde businessangels groeit zo snel uit tot een startkapitaal van 1 miljoen euro. Dat moet voldoende zijn om een bedrijf op de rails te krijgen en het eerste geld te verdienen. Het financieringsklimaat is enorm verbeterd sinds wij meer dan twintig jaar geleden met Netlog gestart zijn. En gelukkig maar ook." Het is opvallend hoe sterk het Gentse Netlog blijft voortleven in het netwerk van de elite-investeerders. Minstens zes sleutelfiguren hebben er een link mee. Op zijn hoogtepunt, een vijftiental jaar geleden, was Netlog de populairste sociaalnetwerksite in Europa, met bijna 100 miljoen gebruikers. Maar het was niet opgewassen tegen Facebook, dat in de Verenigde Staten honderden miljoenen dollars kon ophalen en jarenlang verlieslatend kon zijn. Lorenz Bogaert en Toon Coppens veranderden drastisch van koers en bouwden met de datingsite Twoo een nieuw succesbedrijf. Dat verkochten ze aan een dochteronderneming van de datinggigant Match.com, ook de eigenaar van Tinder. Bogaert en Coppens werden nadien hyperactieve ondernemers en investeerders. Veel medewerkers die ze rondom zich verzamelden, sloegen ook aan het ondernemen. In totaal kwam een vijftiental bedrijven voort uit Netlog. "We zijn daar nog altijd heel trots op", zegt Toon Coppens. "We hadden veel talent rond ons verzameld. Lorenz en ik hebben vanaf de opstart een ondernemende bedrijfscultuur gestimuleerd, maar het vroege succes van Netlog was ook belangrijk. Iedereen bij Netlog zag dat het mogelijk was vanuit België een internationale doorbraak te forceren, zelfs met een internetbedrijf dat zich volledig op consumenten richtte." Vanwege die weelde aan talent en het aantal bedrijven met een Netlog-verleden wordt gesproken van de 'Netlog-maffia', naar analogie van de PayPal-maffia. De oprichters en de eerste medewerkers van die Amerikaanse betaalspecialist werden na de verkoop van PayPal aan eBay een bijzonder succesvolle club van ondernemers en investeerders, met Elon Musk als uitschieter. Het achtervoegsel 'maffia' heeft in de techsector dus geen negatieve bijklank. Ook andere Belgische techbeloftes hebben de ambitie een broedplaats voor uitzonderlijk ondernemerstalent te zijn. De eerste kiemen van een Collibra-maffia zijn al gelegd. Behalve Raito steunen de oprichters van Collibra nog een andere start-up met Collibra-veteranen, Soda Data. Ook rond Showpad, een van de grootste Vlaamse scale-ups, groeit een netwerk, zegt oprichter Pieterjan Bouten. Hij en Jonckheere werkten eveneens voor Netlog, voordat ze zelf techondernemer werden met In The Pocket en Showpad. "Bij veel start-ups zitten Showpad'ers op managementposities. Daarnaast zijn ook de eerste bedrijven ontstaan waarvan de oprichters eerder bij ons hebben gewerkt. Mijn medeoprichter Louis en ik spenderen nog altijd het gros van onze tijd aan Showpad, maar in vergelijking met de eerste drukke opstartjaren hebben we nu tijd om actief te investeren en andere ondernemers te begeleiden. Louis en ik hebben samen al een dertigtal investeringen in start-ups gedaan. Ongeveer twintig waren buitenlandse bedrijven en tien Belgische. We doen het grotendeels op buikgevoel. Is er een klik met de oprichters? Kunnen we hen niet alleen met geld maar ook met onze kennis ondersteunen? We hebben ook al in enkele bedrijven van eFounders geïnvesteerd (een bekende Frans-Belgische startersfabriek, nvdr). Een daarvan heeft ondertussen een waardering van meer dan 1 miljard euro." "We focussen op wat we goed kennen: software voor bedrijven", legt Pieterjan Bouten uit. "We zijn streng in de selectie. Zodra je als investeerder bekend bent in de sector, stromen de e-mails vanzelf binnen. We participeren slechts in één op de twintig bedrijven. Ik sluit niet uit dat Louis en ik ooit een fonds opzetten om het professioneler aan te pakken. Maar dan zullen we wellicht ook co-investeerders aantrekken en dan is een goede omkadering noodzakelijk. Early-stage-investeringen blijven risicovol, en zolang het enkel ons eigen geld is, kunnen we dat nog vrij vrijblijvend doen." Dat hoge risico bij vroege investeringen heeft een deel van de Netlog-maffia aangezet tot een schaalvergroting met een eigen fonds, Pitchdrive. Het kan over een goede 30 miljoen euro beschikken, dankzij de steun van andere techondernemers die ook bereid zijn af en toe coach of adviseur te zijn. Het is dus een fonds voor en door ondernemers. "Met Pitchdrive willen we de risico's zo veel mogelijk spreiden en ook zorgen voor een betere opvolging van de dossiers, een professionalisering en een schaalvergroting voor businessangels", zegt CEO Wim Derkinderen, eveneens ex-Netlog. "Als ondernemer kun je in je vrije tijd maximaal een vijftal investeringen goed opvolgen, en dat is dus te weinig. We zitten nu aan 34 investeringen en tegen eind volgend jaar willen we de zestig halen. Zelfs met tien investeringen in jonge bedrijven loop je een groot risico. Ideaal ga je naar honderd bedrijven. Dat heeft twee grote implicaties: we moeten buiten België kijken, want er zijn hier niet genoeg goede dossiers, én we moeten in korte tijd enorm veel kandidaten screenen. We hebben een algoritme ontwikkeld om de kwaliteit van de dossiers en de start-ups te analyseren. Dat verbetert de kwaliteit van onze investeringen. We moeten niet hopen op één winnaar die de portfolio overeind moet houden." Toch blijft het de vraag of die techondernemers, die al genoeg bloed, zweet en tranen hebben gezien, er in deze moeilijke tijden niet verstandiger aan doen om op zeker te spelen, bijvoorbeeld via klassieke private equity of vastgoed? "Ik denk, of ik hoop toch ten minste, dat iedereen van ons een goede mix nastreeft in zijn portefeuille", zegt Lorenz Bogaert. "Maar ik maak me niet te veel zorgen over Pitchdrive. Dat is zo goed ingebed in een sterk netwerk van ondernemers dat er heel veel kennis uitgewisseld wordt. Er wordt niet geïnvesteerd vanuit een ivoren toren. Ik blijf ook in de eerste plaats een ondernemer die liefst met verschillende bedrijven tegelijk bezig is. Netlog was destijds een van de vele ideeën die we hadden uitgewerkt binnen een van onze eerste bedrijven. We hebben daar uiteindelijk vol op gefocust, omdat het zo veel potentieel had. Nu hebben we met een StarApps een nieuwe bedrijvenbouwer." "We dromen ervan zestien bedrijven in vier jaar tijd te lanceren. Voor mij en nog veel andere ervaren techondernemers draait dit om meer dan alleen geld. We willen iets teruggeven aan het ecosysteem en nieuwe talenten kansen geven. Ik en nog veel andere Gentse ondernemers ondersteunen ook initiatieven zoals het Wintercircus in Gent om de banden in de techcommunity nog hechter te maken. Er is echt heel veel aan het leven, ondanks de zware tijden."