Het is naast de deur. Er is een hoge koopkracht. Het is de grootste consumentenmarkt van West-Europa. De bevolking veroudert, maar ook dat biedt kansen. Met die troeven opende Flanders Investment & Trade (FIT), het Vlaamse overheidsorgaan dat de export stimuleert, zijn jongste landendossier over Duitsland. De grote industriële kleppers Solvay (zeven fabrieken en 1400 werknemers) en Umicore (vier fabrieken en bijna 1700 werknemers) maken er het mooie weer. Maar ook minder bekende Vlaamse ondernemingen waagden de sprong naar het oosten.
...

Het is naast de deur. Er is een hoge koopkracht. Het is de grootste consumentenmarkt van West-Europa. De bevolking veroudert, maar ook dat biedt kansen. Met die troeven opende Flanders Investment & Trade (FIT), het Vlaamse overheidsorgaan dat de export stimuleert, zijn jongste landendossier over Duitsland. De grote industriële kleppers Solvay (zeven fabrieken en 1400 werknemers) en Umicore (vier fabrieken en bijna 1700 werknemers) maken er het mooie weer. Maar ook minder bekende Vlaamse ondernemingen waagden de sprong naar het oosten. FIT definieerde enkele strategische sectoren voor Vlaamse bedrijven in Duitsland. De belangrijkste industriële sector in dat land is - niet verwonderlijk - de auto-industrie. Voor het Leuvense bedrijf ICSense is Duitsland "heel belangrijk, vooral de autosector en de industrie", duidt Wim Claes, een van de oprichters van de onderneming, die inmiddels werd gekocht door de Japanse beursgenoteerde elektronicareus TDK. Het bedrijf maakt chips op maat. "De Duitse autosector treuzelde de voorbije jaren een beetje, maar zet nu volop in op elektrische en hybride wagens. Bovendien zijn er veel chips nodig om het autonoom rijden mogelijk te maken." Zelfs het tekort aan chips is een troef voor ICSense. De relaties met de autoproducenten worden nog hechter, omdat die hun eigen productie willen uitbouwen. "Wij kunnen niet enkel kennis, maar ook mensen leveren. Geschikte werknemers in de micro-elektronica zijn schaars. Die nauwe banden zijn maar mogelijk door onze hechte samenwerking met industriële familiebedrijven, die vaak zijn uitgegroeid tot internationale spelers." Een tweede strategische pijler van FIT is de voedingsindustrie. Voor de beursgenoteerde fruit- en groenteverkoper Greenyard is Duitsland de grootste markt. Van de 4,4 miljard euro geconsolideerde omzet haalde Greenyard het voorbije boekjaar ruim 1,2 miljard euro bij onze oosterburen. "Het is een markt met veel groeipotentieel voor Greenyard", vindt woordvoerder Cedric Pauwels. "Zowel met verse groenten en fruit, als met diepvriesproducten, en fruit en groenten in conserven en bokalen." De klanten zijn supermarktketens, cateraars en de voedingsindustrie. "We werken steeds nauwer samen met onze belangrijkste klanten, de grote winkelketens. Vorig jaar sloten we bijvoorbeeld een akkoord met de grootgrutter REWE." Greenyard heeft zeven distributiecentra in Duitsland, onder meer in Hamburg en München. Ook de vergrijzing en de geneeskunde bieden kansen. De kmo Ergotrics in Turnhout heeft een technologie met perslucht ontwikkeld, om patiënten voor een operatie in een zo optimaal mogelijke houding te plaatsen. "Duitsland is onze grootste markt, goed voor 30 procent van onze omzet dit jaar", zegt CEO Inge Bruynooghe. "Het is heel duidelijk een groeimarkt. Duitsers zijn zich veel meer bewust van de ergonomische belasting van het personeel in de operatiekamers. Een patiënt onder narcose opheffen en omdraaien om hem in de juiste positie te plaatsen voor de operatie of de beademing, is technisch en ergonomisch moeilijk. Soms zijn vier tot zes verpleegkundigen nodig voor één patiënt. Ons systeem met perslucht maakt die taak mogelijk met slechts twee verpleegkundigen." De onderneming leed de voorbije twee boekjaren weliswaar verlies, want de innovatie met perslucht werd pas in 2019 gelanceerd. Nog een strategische pijler voor FIT is de creatieve industrie. De Vlaamse amusementsgroep Studio 100 is opvallend aanwezig in Duitsland. In 2008 - het jaar waarin Hans Bourlon en Gert Verhulst de Trends Managers van het Jaar werden - kocht Studio 100 in de Beierse hoofdstad München een entertainmentbedrijf dat onder meer de eigenaar van Maya De Bij en Wickie De Viking is. Het bijtje is in meer dan honderd landen populair. De Duitse kinderzender van het bedrijf, Junior, vierde de voorbije zomer zijn 25-jarige bestaan. Bovendien heeft de Vlaamse amusementsgroep sinds 2010 een pretpark in de buurt van Mannheim. Het Holiday Park is al jaren de meest rendabele dochter, na het soortgelijke pretpark in De Panne. "Na de overname van de kindercatalogus, met klassiekers zoals Maya de Bij, lag het voor de hand dat we ook in Duitsland een pretpark zouden starten", motiveert Steve Van den Kerkhof, de CEO van de nv Plopsa, de pretparkdochter van Studio 100. "Holiday Park is eigenlijk een kopie van Plopsaland in De Panne. Dat doen we zo met al onze pretparken." Holiday Park is na Plopsaland het op één na grootste pretpark van de groep, met 650.000 bezoekers in 2019. De specialist in logistiek H.Essers heeft een filiaal in Frankenthal, in de Rijnvallei in de buurt van Mannheim. In de zomer van 2015 kocht het Limburgse familiebedrijf het Duitse Kammann Thermologistik, ook een familiebedrijf. "Duitsland is voor ons een strategische markt, net als België, Denemarken, Italië, Nederland en Roemenië. Het is bovendien een groeimarkt", zegt woordvoerder Bob Van Steenweghen. Essers is een specialist in logistiek voor chemie en geneeskunde. De onderneming handelt elke dag honderden vrachten tussen de chemiebedrijven aan de Rijn en de Antwerpse haven af. Essers verzorgde ook vaccintransporten tussen de fabriek van Pfizer in Puurs en de nationale verdeelcentra bij onze oosterburen. "Duitsland heeft heel belangrijke centra in chemie en geneeskunde. Ons filiaal in Frankenthal, goed voor twintig werknemers, doet bijvoorbeeld de logistiek van geneesmiddelen bij gecontroleerde temperaturen. Dat gaat om zowel goederenbehandeling, opslag als transport. Die activiteiten willen we voort uitbouwen", zegt Van Steenweghen. Duitsland leverde vorig jaar 105 miljoen euro, of 13 procent, van de geconsolideerde omzet van 797 miljoen euro.Nog een ander Limburgs familiebedrijf is heel tevreden over zijn Duitse activiteiten. ASAP Interim kocht in het najaar van 2018 het Duitse uitzendkantoor Expertum. Dat leverde vorig jaar een derde van de omzet bij de consoliderende vennootschap ASAP Staffing, of 71 miljoen euro. Dat was weliswaar minder dan in 2019 (toen 86 miljoen euro), maar die daling kwam door corona. De omzet in België daalde verhoudingsgewijs meer. "We zijn heel tevreden met onze Duitse overname", meldt CEO Ruben Peumans. "In Duitsland kun je nog iets verdienen. Het is bij uitstek een land voor onze niche van technische profielen. Wij leveren technisch geschoolde mensen in de chemie, de luchtvaart en de machinebouw. In Duitsland vind je veel meer mensen met een technische scholing. Ik ben een sterke voorstander van het systeem van deeltijds werken en leren. Het technisch onderwijs in Duitsland is veel beter. Bedrijven leiden zelf mensen op. En mensen zijn er ook trots op hun technische baan. Technische banen hebben in Duitsland veel meer aanzien dan in België." Expertum heeft een netwerk van veertig kantoren, vooral in het noorden en het zuiden van Duitsland, met een hoofdkantoor in Hamburg.