Volgens het VBO is 'optimisme gerechtvaardigd' door het huidige economisch herstel van de coronacrisis. Uit de jongste conjunctuurenquête blijkt dat de meeste bevraagde sectoren zich eind mei, begin juni positiever uitlieten over de economische activiteit, de werkgelegenheid, de investeringen en de vooruitzichten, dan in november vorig jaar. 'Toch al de helft van de sectoren zegt dat de economische activiteit over zes maanden op hetzelfde niveau of hoger dan normaal zal liggen', licht hoofdeconoom Edward Roosens de 'vrij verrassende' resultaten toe.

Maar zo waarschuwt hij, 'er is geen reden voor euforie'. Het VBO ziet nog verschillende zaken die roet in het eten kunnen gooien. Roosens wijst onder meer op de situatie op de arbeidsmarkt - met eind mei nog steeds 127.000 tijdelijk werklozen - en de financiële situatie van bedrijven. Volgens het VBO ondervindt nog steeds zowat een kwart van de bedrijven die voor de crisis gezond waren, grote financiële moeilijkheden.

Onder een stolp

Het is dan ook belangrijk dat omzichtig wordt omgesprongen met de steunmaatregelen aan bedrijven, vindt het VBO. Naast tijdelijke werkloosheid, gaat het onder meer om betalingsuitstel voor leningen en belastingen. Tot juni gold er ook een moratorium op faillisementen. 'Een deel van de economie stond de voorbije maanden echt onder een stolp', aldus Roosens. Wanneer de maatregelen in de komende maanden plots verdwijnen, dreigen er volgens de hoofdeconoom vanaf de herfst herstructureringen bij bedrijven die momenteel nog veel personeel in tijdelijke werkloosheid hebben, met een hogere werkloosheid tot gevolg. Hij vreest dan ook voor 'een faillissementsgolf' bij bedrijven die het herstel van de vraag overschatten.

Timmermans benadrukt wel dat het VBO geen voorstander is van de bestendiging van de steunmaatregelen op zich. 'We kunnen niet aan het infuus blijven hangen', verwoordt hij het. 'Maar wees niet brutaal bij het stoppen van de maatregelen. Zorg voor een progressieve uitfasering tussen nu en het einde van het jaar', luidt zijn oproep aan de overheden.

Zwakke e-commerce

Een ander aspect dat het herstel volgens het VBO nog zou kunnen temperen, is de impact van de hogere grondstofprijzen op de inflatie en bijgevolg ook, via de automatische loonindexering in België, op de concurrentiekracht van onze ondernemingen. Ook de zwakke e-commerce zal ons land parten spelen: de coronapandemie heeft onlinewinkelen een blijvende boost gegeven, maar de grote e-commerceplatformen bevinden zich buiten onze de landsgrenzen. 'Dat kost ons elk jaar tussen de 0,2 en 0,4 procent economische groei, omdat de toegevoegde waarde in onze handelssector stagneert, terwijl die in Nederland en Duitsland een groei kent van 10 tot 15 procent', aldus Roosens.

Volgens Timmermans moet er ondertussen geen sprake meer zijn van 'een relanceplan'. 'De relance die is bezig', benadrukt hij. De Belgische economie zou dan wel in het eerste kwartaal van 2022 weer op het peil van eind 2019 terechtkomen, op dat ogenblik ligt de economische activiteit volgens het VBO nog altijd 3 à 4 procent lager dan ze had gelegen mocht het coronavirus niet hebben toegeslagen.

'We hebben nood aan een transformatieplan', vindt de topman van de werkgeversorganisatie. Daarin moeten volgens hem investeringen in infrastructuur, een hervorming van de arbeidsmarkt en de versoepeling van 'te complexe en restrictieve regels rond arbeidstijden' om de e-commerce te bevorderen, centraal staan.

Volgens het VBO is 'optimisme gerechtvaardigd' door het huidige economisch herstel van de coronacrisis. Uit de jongste conjunctuurenquête blijkt dat de meeste bevraagde sectoren zich eind mei, begin juni positiever uitlieten over de economische activiteit, de werkgelegenheid, de investeringen en de vooruitzichten, dan in november vorig jaar. 'Toch al de helft van de sectoren zegt dat de economische activiteit over zes maanden op hetzelfde niveau of hoger dan normaal zal liggen', licht hoofdeconoom Edward Roosens de 'vrij verrassende' resultaten toe. Maar zo waarschuwt hij, 'er is geen reden voor euforie'. Het VBO ziet nog verschillende zaken die roet in het eten kunnen gooien. Roosens wijst onder meer op de situatie op de arbeidsmarkt - met eind mei nog steeds 127.000 tijdelijk werklozen - en de financiële situatie van bedrijven. Volgens het VBO ondervindt nog steeds zowat een kwart van de bedrijven die voor de crisis gezond waren, grote financiële moeilijkheden. Het is dan ook belangrijk dat omzichtig wordt omgesprongen met de steunmaatregelen aan bedrijven, vindt het VBO. Naast tijdelijke werkloosheid, gaat het onder meer om betalingsuitstel voor leningen en belastingen. Tot juni gold er ook een moratorium op faillisementen. 'Een deel van de economie stond de voorbije maanden echt onder een stolp', aldus Roosens. Wanneer de maatregelen in de komende maanden plots verdwijnen, dreigen er volgens de hoofdeconoom vanaf de herfst herstructureringen bij bedrijven die momenteel nog veel personeel in tijdelijke werkloosheid hebben, met een hogere werkloosheid tot gevolg. Hij vreest dan ook voor 'een faillissementsgolf' bij bedrijven die het herstel van de vraag overschatten. Timmermans benadrukt wel dat het VBO geen voorstander is van de bestendiging van de steunmaatregelen op zich. 'We kunnen niet aan het infuus blijven hangen', verwoordt hij het. 'Maar wees niet brutaal bij het stoppen van de maatregelen. Zorg voor een progressieve uitfasering tussen nu en het einde van het jaar', luidt zijn oproep aan de overheden. Een ander aspect dat het herstel volgens het VBO nog zou kunnen temperen, is de impact van de hogere grondstofprijzen op de inflatie en bijgevolg ook, via de automatische loonindexering in België, op de concurrentiekracht van onze ondernemingen. Ook de zwakke e-commerce zal ons land parten spelen: de coronapandemie heeft onlinewinkelen een blijvende boost gegeven, maar de grote e-commerceplatformen bevinden zich buiten onze de landsgrenzen. 'Dat kost ons elk jaar tussen de 0,2 en 0,4 procent economische groei, omdat de toegevoegde waarde in onze handelssector stagneert, terwijl die in Nederland en Duitsland een groei kent van 10 tot 15 procent', aldus Roosens. Volgens Timmermans moet er ondertussen geen sprake meer zijn van 'een relanceplan'. 'De relance die is bezig', benadrukt hij. De Belgische economie zou dan wel in het eerste kwartaal van 2022 weer op het peil van eind 2019 terechtkomen, op dat ogenblik ligt de economische activiteit volgens het VBO nog altijd 3 à 4 procent lager dan ze had gelegen mocht het coronavirus niet hebben toegeslagen. 'We hebben nood aan een transformatieplan', vindt de topman van de werkgeversorganisatie. Daarin moeten volgens hem investeringen in infrastructuur, een hervorming van de arbeidsmarkt en de versoepeling van 'te complexe en restrictieve regels rond arbeidstijden' om de e-commerce te bevorderen, centraal staan.