Met 6,13 procent ligt het absenteïsme hoger dan in 2020 (toen 5,69 procent van de werkdagen verloren ging) en 2019 (5,33 procent). 'Zowel voor kort verzuim (korter dan een maand) als voor middellang verzuim (tussen een maand en een jaar) zitten we hoger dan in 2019, het laatste 'normale' jaar voor de coronacrisis', zegt SD Worx. Door kort verzuim ging vorig jaar 2,89 procent van de werkdagen verloren en door middellang verzuim nog eens 3,24 procent.

Ruim 56 procent van de werknemers was in 2021 minstens een dag afwezig wegens korte ziekte. 'Dit betekent ook dat 43,5 procent van de werknemers geen enkele dag afwezig is geweest, ondanks de corona', aldus SD Worx. Het aandeel middellang afwezigen bedroeg 12,8 procent.

Het absenteïsme ligt het hoogst in sectoren met veel arbeiders, zoals de schoonmaak- of dienstenchequebedrijven, de kleinhandel in voeding, warenhuizen en de productie van etenswaren.

Op regionaal niveau was het absenteïsme het hoogst in Henegouwen (8,4 procent van de werkdagen) en Limburg (7,7 procent). De laagste percentages komen uit Vlaams-Brabant (5,1 procent) en Waals-Brabant (5,3 procent). Ook Brussel scoort in de betere helft met 5,6 procent.

'Het absenteïsme is verder gestegen, maar niet geëxplodeerd', stelt Kim Van Houtven, senior hr-consultant bij SD Worx. 'Sinds COVID-19 blijven meer werknemers met griepsymptomen thuis. Het zet bedrijven onder druk, zeker die organisaties die niet kunnen terugvallen op thuiswerk. Voeg daarbij de extra quarantainedagen en de werkgevers staan voor de uitdaging om op tijd intern of extern vervangers te vinden om de productie of de dienstverlening op peil te houden', klinkt het.

De cijfers komen uit de Employment Tracker, waarmee SD Worx elke maand de salarisgegevens van 70.000 werkgevers en bijna een miljoen werknemers in de privésector in België analyseert.

Met 6,13 procent ligt het absenteïsme hoger dan in 2020 (toen 5,69 procent van de werkdagen verloren ging) en 2019 (5,33 procent). 'Zowel voor kort verzuim (korter dan een maand) als voor middellang verzuim (tussen een maand en een jaar) zitten we hoger dan in 2019, het laatste 'normale' jaar voor de coronacrisis', zegt SD Worx. Door kort verzuim ging vorig jaar 2,89 procent van de werkdagen verloren en door middellang verzuim nog eens 3,24 procent. Ruim 56 procent van de werknemers was in 2021 minstens een dag afwezig wegens korte ziekte. 'Dit betekent ook dat 43,5 procent van de werknemers geen enkele dag afwezig is geweest, ondanks de corona', aldus SD Worx. Het aandeel middellang afwezigen bedroeg 12,8 procent. Het absenteïsme ligt het hoogst in sectoren met veel arbeiders, zoals de schoonmaak- of dienstenchequebedrijven, de kleinhandel in voeding, warenhuizen en de productie van etenswaren. Op regionaal niveau was het absenteïsme het hoogst in Henegouwen (8,4 procent van de werkdagen) en Limburg (7,7 procent). De laagste percentages komen uit Vlaams-Brabant (5,1 procent) en Waals-Brabant (5,3 procent). Ook Brussel scoort in de betere helft met 5,6 procent. 'Het absenteïsme is verder gestegen, maar niet geëxplodeerd', stelt Kim Van Houtven, senior hr-consultant bij SD Worx. 'Sinds COVID-19 blijven meer werknemers met griepsymptomen thuis. Het zet bedrijven onder druk, zeker die organisaties die niet kunnen terugvallen op thuiswerk. Voeg daarbij de extra quarantainedagen en de werkgevers staan voor de uitdaging om op tijd intern of extern vervangers te vinden om de productie of de dienstverlening op peil te houden', klinkt het.De cijfers komen uit de Employment Tracker, waarmee SD Worx elke maand de salarisgegevens van 70.000 werkgevers en bijna een miljoen werknemers in de privésector in België analyseert.