Ronnie Leten was acht jaar de succesvolle CEO van het industriële concern Atlas Copco en werd daardoor een vertrouweling van de familie Wallenberg, die het Zweedse industriële leven domineert. Het maakt dat Leten, Trends Manager van het Jaar 2013, op zijn 65ste de voorzitter is van drie bedrijven in de invloedssfeer van de Wallenbergs: de telecomreus Ericsson, het van Atlas Copco afgesplitste mijnindustriebedrijf Epiroc en de vacuümspecialist Piab. Maar vooral Ericsson vreet tijd en energie. Het bedrijf is een cruciale speler in 5G, dat supersnel internet mogelijk maakt. Nu de tegenwind voor 5G in ons land enigszins is geluwd, komt er eindelijk vaart in dat dossier. Ericsson zal 5G samen met Nokia uitrollen voor zowel Telenet, Proximus als Orange. Tot grote opluchting van Leten, die al vele jaren een kritische observator is van de Belgische politiek en economie, en in 5G een zoveelste voorbeeld ziet van een te sloom aangepakt economisch dossier. Dat hij de aanpak in België kan afzetten tegen de Zweedse, waar hij acht jaar vertoefde en nog altijd regelmatig actief is, kruidt dan ook zijn betoog.
...

Ronnie Leten was acht jaar de succesvolle CEO van het industriële concern Atlas Copco en werd daardoor een vertrouweling van de familie Wallenberg, die het Zweedse industriële leven domineert. Het maakt dat Leten, Trends Manager van het Jaar 2013, op zijn 65ste de voorzitter is van drie bedrijven in de invloedssfeer van de Wallenbergs: de telecomreus Ericsson, het van Atlas Copco afgesplitste mijnindustriebedrijf Epiroc en de vacuümspecialist Piab. Maar vooral Ericsson vreet tijd en energie. Het bedrijf is een cruciale speler in 5G, dat supersnel internet mogelijk maakt. Nu de tegenwind voor 5G in ons land enigszins is geluwd, komt er eindelijk vaart in dat dossier. Ericsson zal 5G samen met Nokia uitrollen voor zowel Telenet, Proximus als Orange. Tot grote opluchting van Leten, die al vele jaren een kritische observator is van de Belgische politiek en economie, en in 5G een zoveelste voorbeeld ziet van een te sloom aangepakt economisch dossier. Dat hij de aanpak in België kan afzetten tegen de Zweedse, waar hij acht jaar vertoefde en nog altijd regelmatig actief is, kruidt dan ook zijn betoog. RONNIE LETEN. "Hebben consumenten 5G nodig? Je weet niet wat je niet weet. Kun jij nog zonder gsm? Neen. Ik hoefde ook geen iPad of WhatsApp te hebben. Maar nu kan ik ze niet meer missen. Waarom zijn Facebook en Uber zo sterk geworden? Californië had als eerste 4G. Dat zegt genoeg. Er zullen altijd mensen voor en tegen zijn, maar met 5G creëer je verbeteringen in de maatschappij. 5G zal zorgen voor meer data, een betere analyse ervan, en dus voor betere beslissingen. De imecs van deze wereld (verwijzend naar het Leuvense onderzoekscentrum imec, dat wereldtop is in de ontwikkeling van halfgeleiders, nvdr) en de universiteiten zullen met nieuwe toepassingen komen en zo nieuwe exportproducten creëren. Dat brengt een hogere productiviteit en dus welvaart. "Is 5G nodig voor de industrie? Zeker. Eén voorbeeld: de draadloze fabriek. Ik heb veel fabrieken ontworpen. Vaak moest je plannen aanpassen, omdat je rekening moest houden met kabels. Met 5G hoeft dat niet meer. China was de fabriek van de wereld. Dat hoeft niet meer. We zullen hier fabrieken kunnen bouwen tegen een aanvaardbare kostprijs, en voor veel meer producten zelfbedruipend worden in Europa, dankzij 5G en nieuwe batterijtechnologie." LETEN. "Voor Ericsson was ze een geschenk, want ze versnelt de digitale transformatie van onze wereld. Tien jaar geleden was corona een ramp geweest voor de economie. Thuiswerken zou niet zijn gelukt. Nu zien mensen het belang van een sterk communicatienetwerk in, voor de bedrijven én voor het land. Er wordt altijd gesproken over bedrijven als Pfizer en Moderna, die ervoor hebben gezorgd dat mensen gezond bleven. Maar de Ericssons van deze wereld hebben ervoor gezorgd dat we tijdens de pandemie nog konden communiceren. "Corona draaide overigens ook positief uit voor Epiroc. Voor de digitale transformatie en de elektrificatie zijn veel meer koper en andere zeldzame materialen nodig. Dat is booming business voor de mijnbouw, en Epiroc maakt machines om mijnen productiever te maken. Epiroc is nu dus heel succesvol, net zoals Piab, dat in de automatiseringssector actief is. Ik ben de voorzitter van drie bedrijven die actief zijn in belangrijke sectoren voor de transformatie van onze samenleving." LETEN. "Nee, want we hebben geen 100 procent ( lacht). Het management met CEO Rémi de Montgolfier heeft heel goed gewerkt. Ericsson heeft hier nu een respectvolle positie." LETEN. " There is always a better way. Nogmaals, we weten niet wat we niet weten, en je moet altijd vooruitdenken. We zullen zien wat het geeft. Eerst 5G." LETEN. "We zullen pas over vijf of tien jaar aan onze concurrentiekracht zien of die schade permanent is. Zeker is dat we geen moment mogen stilstaan of aarzelen. België mist kansen. We zijn te traag. Het is een prachtig land met een ligging die niet beter kan zijn, en de scholing is zonder meer goed. We hebben heel veel slimme mensen en heel efficiënte fabrieken. Een land met dat potentieel zou veel beter kunnen presteren. In veel dingen kunnen we het schudden. Welvaart creëer je door schaarse middelen efficiënt in te zetten. Dat geldt voor het ondernemingsweefsel, maar heel zeker ook voor de overheid. Je kunt geen competitieve positie behouden in een niet-competitieve omgeving." LETEN. "Klopt. Imec is inderdaad fantastisch in kennis, maar wat is zijn hefboom op de economie? Waarom hebben we hier geen bedrijf à la Samsung? Terwijl Zweden dat wél kan: technologie leveragen. In Zweden zijn de laatste vijf à tien jaar uitzonderlijk veel unicorns (jonge bedrijven met een marktwaardering van meer dan 1 miljard dollar, nvdr) ontstaan. Als het in een land goed is om te ondernemen, blijft familiaal kapitaal in dat land. Dat is verankering. De verankering van het familiale geld zit er veel dieper dan hier. Omdat de regelgeving er een stuk gemakkelijker is voor bedrijven. De beurs draait er ook goed. Ondernemen is er geen vies woord. Concurrentiekracht is er geen vies woord." LETEN. "Er zijn een hoop minder regels én ze zijn duidelijk. De mensen hoeven bijvoorbeeld geen mondmaskers te dragen, maar ze houden afstand, met respect voor elkaar. Hier wijzigen de regels voortdurend. We hebben een cultuur van regeltjes creëren, met veel uitzonderingen. Belangrijk is ook het vertrouwen in de overheid. Dat begint met transparantie. We moeten veel transparanter zijn, zoals in de Scandinavische landen. Een voorbeeld: tijdens mijn jaren als CEO van Atlas Copco in Zweden kon iedereen perfect weten hoeveel ik jaarlijks verdiende en welke meerwaardebelasting ik betaalde. Die transparantie zou ook hier moeten bestaan, op veel gebieden, ook fiscaal. Hoelang zijn we al bezig met het vereenvoudigen van onze belastingbrief? We hebben de chaos geautomatiseerd. We moeten eenvoudigere regels maken. We zijn helaas een beetje een regeltjesvolk." LETEN. "Als zo'n uitzondering kan, wil ik erop wijzen dat niet alleen voetballers maar ook CEO's een houdbaarheid van acht à tien jaar hebben. Ik zou dus ook dat gunsttarief gehad moeten hebben ( grijnst). Ik zie voor het voetbal echt het probleem niet. We kunnen ook een competitie hebben met goede Belgische voetballers. We zullen er de Europa League misschien niet mee winnen, maar dat doen we nu ook niet." LETEN. "Ik betaal zonder probleem mijn belastingen, om bij te dragen aan de gemeenschap. Ik heb er wel een probleem mee als ik zie dat het geld niet efficiënt wordt beheerd. Dat is wat mensen irriteert. Daarom moet er veel meer transparantie zijn. Dan kun je over de feiten praten." LETEN. "De arbeidscultuur is er anders. En die cultuur wordt gecreëerd door de leiders van het volk: de politici. Zij moeten ervoor zorgen dat iedereen bijdraagt aan de gemeenschap. Dat betekent dat de mensen actief moeten blijven bijdragen aan de gemeenschap, en geen last zijn voor die gemeenschap. Uiteraard moet dat respectvol gebeuren. Het is misschien wat kort door de bocht, maar Zweden telt 800.000 actieven meer dan België, terwijl het ongeveer 1 miljoen minder inwoners heeft. En die zijn niet collectief gezonder. Als dat zo zou zijn, dan moeten we dat dringend bestuderen. De mensen moeten hun verantwoordelijkheid nemen. Je kunt niet altijd alleen maar eten op kosten van de gemeenschap. Je moet ook bijdragen. Dat is al vele jaren mijn mantra. In België is dat scheefgetrokken. Velen denken blijkbaar dat je zonder inspanning ook geld krijgt. Dat is een constructiefout in ons systeem, waardoor het sociale weefsel verzwakt. "We moeten hier ook geen dramaqueen spelen. Er is werk genoeg, zeker nu de babyboomers stoppen met werken. Ik ben trouwens zo'n babyboomer. Dat betekent dat we mensen moeten hebben die werken. De activeringsgraad is veel te laag, en we vinden altijd wel redenen om die niet fors te verhogen. Er zullen natuurlijk altijd uitzonderingen zijn. Je kunt iemand niet verplichten tot zijn 65ste dakwerker te blijven, maar veel mensen kunnen op latere leeftijd andere activiteiten doen. Ze moeten ook aanvaarden dat ze op zeker moment minder verdienen, maar ze moeten naar eigen vermogen actief blijven bijdragen aan de maatschappij. "Een vraagje: waarom moet een individu hier zo lang beschermd blijven in zijn of haar functie? Bij Atlas Copco is er een interne jobmarkt. Leidinggevenden hebben hun baan voor drie jaar. Als hun opdracht dan nog niet afgerond is, kan er misschien een jaartje bij komen. Maar dan is het meestal tijd om iets anders te doen. Het bedrijf zoekt een opvolger en de betrokkene zoekt zelf een andere functie. Als werknemer weet je dat je na drie of vier jaar iets anders zult doen. Dan doe je maar beter je best, zodat een andere afdeling zegt: die komt op de markt, die moet ik hebben. En zo is iedereen tevreden. Maar dat werkt niet als zo de sociale partner zo protectionistisch doet. Die moet er nochtans voor zorgen dat mensen actief zijn op een competitieve manier, want alleen competitieve bedrijven dragen bij aan de gemeenschap. "De flexibiliteit is ook veel groter in Zweden. Een voorbeeld: een bedrijfsleider kan er het loon van een oudere werknemer verlagen. Als je niet langer geschikt bent voor de baan, mag je blijven in een nieuwe functie tegen pakweg 85 procent van je loon. Uiteraard gebeurt dat in overleg. In België is dat not done. Het vermijdt nochtans dat oudere werknemers met een lange anciënniteit hun maanden kloppen tot ze kunnen vertrekken. Die vlieger gaat niet op in Zweden." LETEN. "Energie is cruciaal. We gaan naar elektrificatie van de gemeenschap. We zouden veel meer moeten inzetten op veiligere kerncentrales, zoals Frankrijk wil doen. Maar het politieke partijspel besmet het logische denken, en wij moeten dat ondergaan." LETEN. "België staat daar niet op de kaart. Er wordt overheen gekeken. Er is Brussel, maar dat is eigenlijk Europa. Duitsland en Frankrijk zijn van belang, België speelt niet mee. Er is nog wel bijvoorbeeld de historische aanwezigheid van Atlas Copco in Antwerpen en Volvo in Gent, omwille van de haven, maar voor de rest..." LETEN. "Nee. Daar is men niet mee bezig. Maar elk bedrijf dat een nieuwe buitenlandse investering wil doen, doet wel eerst een scan om de beste ligging en het grootste potentieel te zoeken. Daarin heeft België steeds meer nadelen, boven op de oude pijnpunten van de hoge loonkosten en de hoge belastingen. Daar wordt amper nog over gesproken, maar ze zijn nog altijd een competitief nadeel. Vergeet niet dat lonen de grootste kostenpost van een bedrijf zijn, en belastingen de op één na grootste. Dan hoor ik zeggen dat we het toch goed doen. Maar mij gaat het niet om goed doen, maar om excellent zijn. Alleen daarmee kun je marktaandeel winnen. België kan zich niet echt positief meer differentiëren. Daarom moeten we absoluut meer zorg dragen voor de bedrijven die hier actief zijn, en garanderen dat ze kunnen groeien. Het kost een hoop minder om meer te verkopen aan bestaande klanten dan om nieuwe klanten te strikken." LETEN. "Voorlopig blijf ik voorzitter van Ericsson, Epiroc en Piab. Maar misschien ga ik voor twee van de drie. Niets is beslist. In België loopt zo'n mandaat van voorzitter drie jaar of langer. In Zweden wordt dat jaarlijks bekeken. Ik ben intussen wel gestopt als raadgever bij H.Essers en als bestuurder bij SKF en IPCO (twee andere bedrijven in de Wallenberg-invloedssfeer, nvdr), om meer tijd voor andere dingen te hebben. Zo overweeg ik zelf te investeren in het een of andere lokale bedrijf. Ik wil zeker niets meer doen waarvoor ik opnieuw twee of drie uur onderweg ben vanuit mijn thuis in Mol. "Het mag duidelijk zijn dat ik niet ga stoppen, en ik denk toch dat ik op mijn 65ste bewijs dat ik nog mee ben. Ik moet niet onderdoen voor anderen. Als je een leider wilt zijn, moet je het goede voorbeeld geven."