De indicator die het vertrouwen meet, kwam in mei uit op 1,8 punten. Dat is een daling met 0,6 tegenover april. Het vertrouwensverlies is het hoogst in de handel en de bouwnijverheid. In de verwerkende nijverheid en dienstverlening aan bedrijven is er een lichte stijging.

In de handel, waar de daling het grootst is (-8,2 punten), is de conjunctuurverslechtering vooral te wijten aan een aanzienlijke neerwaartse herziening van de vraagvooruitzichten en de verwachte bestellingen bij de leveranciers. De verwachtingen voor de werkgelegenheid namen ook af, maar minder sterk. De sector van de handel in motorvoertuigen onderscheidt zich met een stevige verbetering, voor de tweede maand op rij.

In de bouwnijverheid dragen alle componenten van de indicator bij aan de daling (-4,1 punten) van het vertrouwen, namelijk de vraagvooruitzichten, het peil van de orderpositie en het recente verloop ervan, evenals het verloop van het gebruikte materiaal.

De lichte stijging (+0,7 punten) in de dienstverlening aan bedrijven is te danken aan gunstiger vooruitzichten voor de marktvraag, na de aanzienlijke daling in april.

In de verwerkende industrie is het beperkte herstel (+0,5 punten) te verklaren door een positievere beoordeling van het niveau van de orderportefeuille en door betere vraagvooruitzichten. Bovendien werd het voorraadpeil ietwat neerwaarts herzien tegenover april.

Uit de driemaandelijkse enquête van april 2022 naar de beoordeling van de kredietvoorwaarden door de ondernemingen blijkt dat de algemene voorwaarden voor de toegang tot bankkrediet strenger zijn geworden. Het percentage ondernemingen dat de kredietvoorwaarden als beperkend ervaart, nam immers aanzienlijk toe, van 9,9 procent in januari tot 16,5 procent in april, een niveau vergelijkbaar met dat bij de uitbraak van de coronacrisis twee jaar geleden.

De indicator die het vertrouwen meet, kwam in mei uit op 1,8 punten. Dat is een daling met 0,6 tegenover april. Het vertrouwensverlies is het hoogst in de handel en de bouwnijverheid. In de verwerkende nijverheid en dienstverlening aan bedrijven is er een lichte stijging. In de handel, waar de daling het grootst is (-8,2 punten), is de conjunctuurverslechtering vooral te wijten aan een aanzienlijke neerwaartse herziening van de vraagvooruitzichten en de verwachte bestellingen bij de leveranciers. De verwachtingen voor de werkgelegenheid namen ook af, maar minder sterk. De sector van de handel in motorvoertuigen onderscheidt zich met een stevige verbetering, voor de tweede maand op rij. In de bouwnijverheid dragen alle componenten van de indicator bij aan de daling (-4,1 punten) van het vertrouwen, namelijk de vraagvooruitzichten, het peil van de orderpositie en het recente verloop ervan, evenals het verloop van het gebruikte materiaal. De lichte stijging (+0,7 punten) in de dienstverlening aan bedrijven is te danken aan gunstiger vooruitzichten voor de marktvraag, na de aanzienlijke daling in april. In de verwerkende industrie is het beperkte herstel (+0,5 punten) te verklaren door een positievere beoordeling van het niveau van de orderportefeuille en door betere vraagvooruitzichten. Bovendien werd het voorraadpeil ietwat neerwaarts herzien tegenover april. Uit de driemaandelijkse enquête van april 2022 naar de beoordeling van de kredietvoorwaarden door de ondernemingen blijkt dat de algemene voorwaarden voor de toegang tot bankkrediet strenger zijn geworden. Het percentage ondernemingen dat de kredietvoorwaarden als beperkend ervaart, nam immers aanzienlijk toe, van 9,9 procent in januari tot 16,5 procent in april, een niveau vergelijkbaar met dat bij de uitbraak van de coronacrisis twee jaar geleden.