Dat de Nederlandse organisatie grote digitale plannen had met het Eurovisiesongfestival, was al duidelijk nog voor de coronapandemie uitbrak. Al in juli 2019, nauwelijks twee maanden nadat Duncan Laurence in Israël het Eurovisie Songfestival voor Nederland had gewonnen, zette de stichting Nederlandse Publieke Omroep (NPO) een digitale uitdaging op de sporen, om de onlinebeleving van de kijkers en de fans te versterken. "Ondanks de goede voorstellen hebben we daar door de annulering bitter weinig mee kunnen aanvangen", vertelt Egon Verharen, manager innovatie bij de NPO. Het resultaat zien we deze week, met zaterdag de finale.
...

Dat de Nederlandse organisatie grote digitale plannen had met het Eurovisiesongfestival, was al duidelijk nog voor de coronapandemie uitbrak. Al in juli 2019, nauwelijks twee maanden nadat Duncan Laurence in Israël het Eurovisie Songfestival voor Nederland had gewonnen, zette de stichting Nederlandse Publieke Omroep (NPO) een digitale uitdaging op de sporen, om de onlinebeleving van de kijkers en de fans te versterken. "Ondanks de goede voorstellen hebben we daar door de annulering bitter weinig mee kunnen aanvangen", vertelt Egon Verharen, manager innovatie bij de NPO. Het resultaat zien we deze week, met zaterdag de finale. Nadat het coronavirus roet in het eten had gegooid, ontstonden haast organisch andere digitale initiatieven. IJsland won een virtueel Songfestival, en Australië trok aan het langste eind in een AI Songfestival met door artificiële intelligentie (AI) gemaakte muziek. Intussen benutte de NPO zijn tijd goed: hij werkte aan een verruimde digitalisering van het evenement. "Dat betekent niet dat de landen die ons voorgingen als organisator op dat gebied helemaal niets hadden gedaan", legt Verharen uit. "In Portugal en in Israël zag je wel degelijk al interessante experimenten, bijvoorbeeld bij het digitaliseren van de productie. Maar enkel de specialisten kregen het resultaat te zien. Nederland wilde de digitalisering doortrekken naar een groter publiek, op een heel open manier." Dat klinkt anno 2021 zeer vanzelfsprekend, maar de realiteit is anders. Het Eurovisiesongfestival is een evenement van de European Broadcasting Union (EBU). Met dat samenwerkingsverband van vooral publieke omroepen bleek het niet altijd makkelijk om snel digitaal te schakelen. De EBU werkte bijvoorbeeld aan een eigen app voor de kijkers, terwijl de omroepen ook stappen in die richting deden. De oefening om uit elkaars vaarwater te blijven, vertraagde de digitalisering. Toch nam Avrotros, de omroep die het festival in Nederland uitzendt, dit jaar de handschoen op om tijdens de liveshows een extra digitale laag voor de kijkers te creëren. In de Eurovisiesongfestival-app kunnen de kijkers vrienden uitnodigen om samen alle deelnemers te bespreken en te beoordelen op hun nummer, act of outfit. "Het is puur laagdrempelig entertainment en dient dus zeker niet om officieel te stemmen", verduidelijkt Finus Tromp, het hoofd van de afdeling Interactieve Media bij Avrotros. "De app wil mensen het festival samen laten beleven. Wat is er leuker dan in een app je mening geven over IJsland of België? De gebruikers kunnen bekijken hoe hun vrienden, kennissen of collega's, en bij uitbreiding heel Nederland, de deelnemers hebben beoordeeld. Je kunt dat doen tot het officiële stemmen begint, en later ook de uitslagen van de halve finales en de finale bekijken." Behalve een app voor het plezier lanceert Avrotros ook een app om de kijkers meer in de diepte te informeren. Exclusief voor Google Assistant creëerde de omroep een Voice Action met de stem van Cornald Maas, zowat de Nederlandse André Vermeulen. In de spraakgestuurde applicatie vraagt de songfestivalkenner wat hij voor u kan doen, waarna hij liedjes kan laten horen of informatie over de deelnemers geeft. "Spraakgestuurde oplossingen zijn matuur aan het worden, maar onderzoek toont aan dat het gebruik eenzijdig blijft", legt Finus Tromp de keuze uit. "Naast domotica of het weer opvragen, vragen mensen Google of Siri heel vaak om muziek op te zetten, en dat past uiteraard perfect bij een liedjesfestival. Aan de app koppelen we ook een onderzoek dat bekijkt hoe je met een voice-app meer impact kunt creëren." Terwijl de Nederlandse kijker thuis apps krijgt aangereikt, kan iedereen ook op zijn tv-scherm zien dat de NPO heeft geïnvesteerd in digitale innovatie. Deels uit noodzaak, want ook in 2021 bleef de pandemie als een schaduw boven het festival hangen. Een heel praktisch vraagstuk was de green room, waar de artiesten na hun optreden samenkomen om live interviews te geven en de puntentelling te bekijken. "We hebben drie innovatieprojecten opgezet. De green room is daar één van", schetst Egon Verharen. "We zijn vertrokken vanuit alle mogelijke scenario's. Een festival met of zonder publiek, met of zonder artiesten die live aanwezig zijn. We wisten niet wat mogelijk zou zijn." In april werd duidelijk dat bijvoorbeeld Australië niet fysiek aanwezig zou zijn. Lang leefde de verwachting dat het daar niet bij zou blijven. "We wilden kunnen praten met de artiesten die niet in Ahoy aanwezig waren. Tot nu toe gebeurde zoiets in een aparte show via een dure satellietverbinding. We zijn erin geslaagd de bestaande internettechnologie te gebruiken, om tijdens de live-uitzending een green room op afstand te integreren. Zie het als een geavanceerde manier van videoconferencing, Teams of Zoom, maar dan mooier en beter." En vooral ook: goedkoper. Volgens de organisatie is de internettechnologie zeven- tot achtmaal goedkoper dan een oplossing met een satellietverbinding. Het is niet het enige technische hoogstandje dat Nederland tijdens de festivalweek wil uitrollen.Een tweede innovatieproject van de NPO maakt het mogelijk om het festival in Dolby Atmos uit te zenden, waardoor het geluid in de huiskamer dichter aanleunt bij de live-ervaring in Rotterdam. "Dat is ook een manier om met digitalisering een andere beleving te creeren", stipt Verharen aan. "De techniek is niet nieuw, maar het is pas de derde keer dat een groot evenement op deze manier wordt uitgezonden. Voor ons kwamen twee sportevenementen: Roland Garros en de Champions League. Voor een muziekevenement verwachten we een tastbare meerwaarde." Naast de pure technische verbeteringen zijn digitalisering en technologie dit jaar ook belangrijk om het festival veilig te organiseren. Alle delegaties zakten weken voor het evenement naar Nederland af. Aan de NPO de taak om dat in goede banen te leiden. "Dat is ons derde project", zegt Egon Verharen. "We hebben een contactapp en coronatracing ontwikkeld voor alles en iedereen rond het festival." De toepassingen zetten sterk in op crowdcontrol en gezondheidsmonitoring. "We willen niet dat een artiest, een lid van een delegatie of iemand uit de productie of de organisatie hier besmet raakt. De technologie maakt het mogelijk alle testresultaten te verwerken en bij besmettingen zeer fijn te traceren met wie iemand contact had. Het is een variant van de corona-app, die veel nauwkeuriger de Songfestival-leefgemeenschap rond de Ahoy opvolgt. Op die manier willen we vermijden dat bijvoorbeeld een hele delegatie bij een besmetting lang in quarantaine moet." Een belangrijk deel van die Songfestival-leefomgeving is de pers. Voor verslaggevers die niet naar Rotterdam kunnen afreizen, richtte de organisatie een virtueel perscentrum in, waar ze twee weken de repetities en de persconferenties live mee kunnen volgen. De invulling is op de fysieke ervaring gebaseerd, inclusief accreditaties, check-ins, persoonlijke badges en een lobby. "We vinden het belangrijk dat journalisten het gevoel hebben dat ze fysiek aanwezig zijn", vertelde Babet Verstappen, de communicatieverantwoordelijke van het festival, bij de voorstelling ervan. "Het is heel bijzonder dat we voor het eerst in de geschiedenis van het Eurovisiesongfestival journalisten op deze manier ontvangen." De persaandacht zal, zoals altijd, groot zijn, maar de NPO zette in de maanden voor de festivalweek ook alle zeilen bij om het publiek warm te maken voor het evenement. De organisatie hechtte veel belang aan socialemediacontent om alle geïnteresseerden te bereiken. "Het was onze missie om op elk platform aanwezig te zijn met gerichte content voor elke doelgroep", zegt Marloes Leeuw, onlinemanager van het Songfestival. "Het Eurovisiesongfestival heeft een zeer hechte en heftige community. Dit is hét moment van het jaar voor die community, maar we merkten dat het festival bij de doelgroep het hele jaar door leeft. Die toegewijde fans wilden we ook in de aanloop heel wat content bieden." Die content vond zijn weg naar alle relevante kanalen: van Instagram en YouTube tot TikTok. Leeuws collega Ruwan Linders benadrukt dat de marketingstrategie er ook op gericht is om de brug te maken tussen de tv-shows en de onlinewereld. "We willen die grote tv-shows op een zo goed mogelijke manier online onder de aandacht brengen", zegt hij. "Dat doen we op de sociale media, maar ook bijvoorbeeld dankzij NikkieTutorials." Nikkie de Jager, beter bekend als NikkieTutorials, is een Nederlands YouTube- fenomeen. Was het festival vorig jaar doorgegaan, dan was zij de onlinehost geweest. Intussen kreeg ze promotie en zal ze als officiële gastvrouw mee de tv-shows presenteren. Hoewel die organisatie best verscheiden werkt, met initiatieven van de omroepstichting en van de omroepen zelf, ligt intussen een vrij indrukwekkend pakket aan digitale ingrepen op tafel. Nederland grijpt digitaal in op de productie, de distributie, de marketing, de kijkersbeleving en de coronaveiligheid van het Eurovisiesongfestival. Landen die de organisatie binnenhalen, laten wel vaker verstaan dat het geen goedkoop geschenk is. Drijft de digitalisering dat prijskaartje nog op? "Of het totaalplaatje duurder is, weet ik niet", zegt Egon Verharen. "Het is maar hoe je het bekijkt. Dolby Atmos is duurder, maar de green room is dan weer goedkoper. De NPO hoeft, in tegenstelling tot een traditioneel bedrijf, geen winst te halen uit de digitalisering. Het is als publieke omroep onze taak om rond dit festival mensen te verbinden. Corona maakt dat moeilijker, maar digitale innovatie creëert nieuwe kansen. We hopen de standaard te zetten voor landen die na ons komen, en willen laten zien dat er wel degelijk goede methodes zijn om zonder veel risico op het festival digitaal te innoveren."