De rendabiliteit van de Belgische banken staat al enkele jaren onder druk door de lage rente en de vlakke rentecurve. De belangrijkste inkomstenbron van de banksector, de netto rente-inkomsten, is gedaald van 14,9 miljard euro in 2015 tot 10,8 miljard euro vorig jaar. Dat weerspiegelt zich in een daling van de winst over dezelfde periode, van 6,1 tot 4,6 miljard euro.
...

De rendabiliteit van de Belgische banken staat al enkele jaren onder druk door de lage rente en de vlakke rentecurve. De belangrijkste inkomstenbron van de banksector, de netto rente-inkomsten, is gedaald van 14,9 miljard euro in 2015 tot 10,8 miljard euro vorig jaar. Dat weerspiegelt zich in een daling van de winst over dezelfde periode, van 6,1 tot 4,6 miljard euro.Daarmee halen de Belgische banken een rendement op eigen vermogen van 8,7 procent, en doen ze het in vergelijking met het gemiddelde in de eurozone (6,4 procent) behoorlijk goed. Maar er is een groot verschil tussen de vier grootbanken en de kleinere banken met een klassiek verdienmodel, stelt de Nationale Bank in haar jaarverslag vast.Bij de grootbanken zijn de kosten onder controle en beginnen de grote herstructureringen (sluiting van kantoren en uitdunning van het personeelsbestand) vruchten af te werpen. Zij genieten bovendien van schaalvoordelen, waardoor ze investeringen en kosten over een grotere basis kunnen spreiden, en van een gediversifieerd inkomstenmodel dankzij activiteiten in branches als verzekeringen en vermogensbeheer, of in andere landen.Dat is een heel ander verhaal voor de kleinere banken (zoals Argenta, Crelan, AXA Bank, Beobank, vdk bank,...) die vaak zeer afhankelijk zijn van de rente-inkomsten uit hypothecaire leningen. Hun bedrijfsmodel is minder gediversifieerd, zowel in activiteiten als geografisch. Daardoor staan hun inkomsten en winstgevendheid veel meer onder druk.Uit het rapport van de Nationale Bank blijkt dat de kleinere spaarbanken hun kosten/inkomsten-ratio tussen 2015 en 2019 zagen toenemen, van 65 tot 79 procent. Hoe hoger die ratio, hoe slechter en inefficiënter een bank presteert. De grote banken slaagden er in dezelfde periode in de kosten/inkomsten-ratio stabiel te houden op 58 procent. Ook het verschil in winstgevendheid is groot. De grootbanken halen een rendement op eigen vermogen van meer dan 9 procent, terwijl dat van de kleinere banken vorig jaar tot 3,5 procent terug gelopen is.De Nationale Bank waarschuwt dat de aanhoudend lage rente en de macro-economische onzekerheid de winst van de banken de komende jaren nog verder naar beneden zal duwen. De verwachting is dat de rente-inkomsten zullen blijven dalen, terwijl de investeringskosten van de digitalisering en de kredietverliezen toenemen. In de eerste negen maanden van 2019 moesten de Belgische banken voor 700 miljoen euro kredietkosten voor slechte leningen boeken, meer dan drie keer meer dan in dezelfde periode van 2018.Willen de kleinere banken in zulke omstandigheden concurrentieel en winstgevend blijven, zijn ze genoodzaakt te herstructureren, oordeelt de Nationale Bank. Dat betekent dat ze hun bedrijfsmodel moeten aanpassen. Ofwel kiezen ze ervoor een nichebank te worden met een bepaalde specialisatie, ofwel trachten ze hun inkomsten te diversifiëren. Omdat zulke herstructureringen gepaard gaan met grote kosten (vooral in IT) kan schaalvergroting zinvol zijn, stipt de NBB aan. Zij vindt de aangekondigde fusie van Crelan en AXA Bank een voorbeeld van een overname die leidt tot een meer efficiënte banksector.